日蘭辭典+

6 resultaten voor ‘getij’
日蘭辭典 (trefwoord)
ushio
zn. getij o.
chō
zn. getij o.
chōseki潮汐
zn. getij o.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <getij>
ki (1) seizoen; jaargetijde; getijde; getij; (2) [Jap.letterk.] seizoensthema; (3) tijdsduur van één jaar; jaartermijn; [veroud.] jaargetijde; (a) seizoen; jaargetijde; (b) [i.h.a.] seizoen; (c) jaartermijn; (d) [Jap.letterk.] seizoensthema; (e) jongste; benjamin; (f) slotmaand van elk seizoen; (g) einde van een periode
ushio (1) getijde; getij; tij; (2) zeewater; zeenat; (3) zeezout
shio (1) getijde; getij; tij; (2) zeewater; zeenat; (3) kans; gelegenheid; mogelijkheid; [Belg.N.] occasie
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.42 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 3 treffers (zoekopdracht: 'getij'). 
2005-2026