日蘭辭典+

16 resultaten voor ‘dienaar’
日蘭辭典 (trefwoord)
keigu敬具
zn. uw dienstwille dienaar m.; hoogachtend, uw dienstwillige dienaar m.
kōshin功臣

zn. getrouwe dienaar m.; verdienstelijke volgeling m.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <dienaar>
お付き otsuki (1) bediende; dienaar; knecht; vazal; (2) kamerheer; hofdame; (3) begeleider; metgezel; (4) gevolg; entourage
下働き shitabataraki (1) klusjes; [i.h.b.] huishoudhulp; (2) ondergeschikte bediende; klusjesman; huishoudster; hulpje; dienaar; dienares; huisknecht; knecht; dienstmeid; huismeid; dienstbode; meid; werkster
下郎 gerō (1) knecht; dienstknecht; huisknecht; lijfknecht; dienaar; bediende; (2) [min.] pummel; lul; lomperd; hufter; kinkel; boer
下部 shimobe dienaar; bediende; knecht; dienstbode
togi (1) verpleging; (2) verpleger; verpleegster; (3) bediening; (4) bediende; dienaar; (5) entertainer
使用人 shiyōnin (1) employé; werknemer; medewerker; bediende; (2) dienaar; bediende; knecht
gu (1) materiaal; gereedschap; gerei; uitrusting; [i.h.b.] boedel; uitzet; (2) [cul.] ingrediënt; (3) metgezel; partner; [i.h.b.] gezellin; gade; (4) [貴人の] gevolg; dienaar; gezelschap; [i.h.b.] gezelschapsheer; gezelschapsdame; (5) kledingstukken; (6) pastel; (7) [Jap.Barg.] gestolen geld; [Barg.] turf; (8) [maatwoord voor een set kledingstukken;ensembles;wapenrusting;stel instrumenten;schotels etenswaar]; (9) [maatwoord voor inrō;draagschrijnen]; (10) [maatwoord voor draagstoelen]; (11) [maatwoord voor zadels]; (12) [maatwoord voor boogschuttershandschoenen]; (13) [maatwoord voor bidsnoeren;paternosters]; (14) [maatwoord voor kammen]; (a) assorteren; toerusten; equiperen; stofferen; (b) gereedschap; materiaal; instrumentarium; (c) omstandig verslag; gedetailleerd
召使 meshitsukai dienaar; dienares; bediende; dienstbode; dienstknecht; dienstmeisje; dienstmeid; huisbediende; huisknecht; huismeid; knecht; meid; huishoudhulp; [form.] dienstmaagd
奴隷 dorei (1) slaaf; lijfeigene; (2) slaafje; knechtje; dienaar
手下 teka ondergeschikte; bediende; dienaar; volgeling; loopjongen; [魔術師;学者の] famulus; [verzameln.] gevolg
手下 teshita ondergeschikte; bediende; dienaar; volgeling; loopjongen; [魔術師;学者の] famulus; [verzameln.] gevolg
otoko (1) man; persoon van het mannelijke geslacht; (2) kerel; vent; makker; baas; oude baas; oude knar; (3) volwassene; volwassen man; (4) knecht; huisknecht; dienstbode; bediende; dienaar; (5) mannelijkheid; viriliteit; manhaftigheid; flinkheid; eer; reputatie; goede naam; eergevoel; ponteneur; (6) minnaar; geliefde; vrijer; lief; beminde
給仕 kyūji (1) huisbediende; bode; bediende; dienaar; page; (2) schenker; schenkster; (3) ober; kelner; kelnerin; serveerder; serveerster; dienster; [Belg.N.] garçon; [船の] hofmeester; steward; stewardess; (4) [会社の] kantoorjongen; kantoormeisje; loopjongen; loopmeisje; boodschappenjongen; boodschappenmeisje; boodschapjongen; boodschappenloper; krullenjongen; loopknecht; chasseur; [ホテルの] hoteljongen; piccolo; [船の] scheepsjongen; kajuitsjongen; scheepsmaatje; hutbediende; [酒場の] kroeghulpje; barkeeper; bartender; tapper; tapster; barman; barmeisje; (5) bediening; het bedienen; (6) tafeldienst; [i.h.b.] het tafeldienen; service
(1) …ste zoon van een gezin; (a) láng [= Chinese ambtelijke titel]; (b) partner [i.h.a.] man; kerel; (c) vazal; dienaar
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.24 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 14 treffers (zoekopdracht: 'dienaar'). 
2005-2026