日蘭辭典+

21 resultaten voor ‘groei’
日蘭辭典 (trefwoord)
yasei野生
zn. wilde groei m. ¶ 野生の wild; in het wild groeiend. ¶ 野生動物 wilde dieren. ¶ 野生する in het wild groeien.
seichō成長
zn. groei m. ¶ 成長する groeien; opgroeien.
zokusei簇生

zn. groei in groepen.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <groei>
伸び nobi (1) groei; ontwikkeling; toename; vooruitgang; (2) het zich uitrekken; het stretchen; (3) rek; rekbaarheid; (4) smeerbaarheid
伸長 shinchō groei; toename; vergroting; expansie; uitbreiding; verlenging
ka (1) toename; groei; aangroei; aanwas; vermeerdering; vergroting; uitbreiding; accres; increment; [w.g.] toeneming; (2) [Jap.gesch.] de provincie Kaga; (3) Canada; [afk.] Can.; (4) Californië; [afk.] Cal.; [afk.] Calif.
増し mashi (1) toename; groei; vermeerdering; (2) bij-; extra …; [Belg.N.] bijkomend …; (3) met de; het …; ieder …; … aan …; … na …; van … tot …; (4) beter (dan); de voorkeur verdienend (boven); te prefereren; verkiezen zijn (boven); verkieslijker zijn (dan)
増加 zōka toename; groei; aangroei; aangroeiing; vermeerdering; vergroting; verhoging; stijging; aanwas; accres; increment; [w.g.] toeneming
増大 zōdai toename; groei; aangroei; aangroeiing; aanwas; accres; vergroting; verhoging; vermeerdering; increment; stijging; opvoering; uitbreiding; [w.g.] toeneming
増殖 zōshoku (1) toename; aangroei; groei; aanwas; vermeerdering; (2) [biol.] vermenigvuldiging; voortplanting; aankweek; proliferatie; propagatie; multiplicatie
(1) toename; groei; vermeerdering; verhoging; stijging; (2) [nō-jargon] zō-masker [= masker dat een vrouwelijke godheid voorstelt]; (3) [muz.] overmatig; (a) groeien; toenemen
成育 seīku groei; ontwikkeling
成長 seichō (1) groei; wasdom; opgang; (2) groei; ontwikkeling; ontplooiing
生育 seīku (1) geboorte en opvoeding; (2) groei; ontwikkeling
生長 seichō groei; wasdom; ontwikkeling; opgang; [w.g.] was [m.b.t. vegetatie]
発展 hatten (1) ontwikkeling; groei; expansie; ontplooiing; (2) zwier; boemel; frivool vermaak; wuft vertier
発育 hatsuiku groei; ontwikkeling
発達 hattatsu groei; ontwikkeling; [i.h.b.] vooruitgang; [i.h.b.] vordering
育ち sodachi (1) opvoeding; manieren; (2) groei; ontwikkeling
膨張;膨脹 bōchō (1) zwelling; het zwellen; uitdijing; expansie; groei; toename; uitbreiding; uitzetting; opzwelling; [nat.] dilatatie; (2) inflatie
長大 chōdai (1) lengte; grootte; gestalte; postuur; statuur; (2) groei; rijping; rijpwording; maturatie; (3) lang en groot; fors; massief; kloek; enorm; omvangrijk; groots opgezet
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.21 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 18 treffers (zoekopdracht: 'groei'). 
2005-2026