
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
yaban・野蠻
(野蛮) zn. wildheid; barbaarschheid. ¶ 野蠻な wild; barbaarsch. ¶ 野蠻人 wilde; barbaar; wilde volken. ¶ 野蠻化する verwilderen.
detarameni・出鱈目に
(でたらめ、デタラメ) bw. in het wilde; op goed geluk; op onverantwoordelijke wijze.
demakaseni・出任せに
bw. in ’t wilde weg.
nekkyō・熱狂
zn. wilde geestdrift v.; dolle hartstocht o. ¶ 熱狂家 dweper; dolleman; wilde enthousiast.
kyōhon・狂奔
zn. wilde jacht v. ¶ 狂奔する als een dolle rondloopen; wanhopige pogingen doen.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <wild>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
ぼさぼさ bosabosa (1) [~した髪] warrig; verward; slordig; wild; verfomfaaid; ongekamd; onverzorgd; (2) werkeloos; niets doend; niksend
ワイルド wairudo (1) wild; in het wild levend; voorkomend; niet gedomesticeerd; ongetemd; (2) ruw; woest; onstuimig; (3) Wilde; Wild; Wyld
乱暴 ranbou (1) baldadigheid; geweld; gewelddadigheid; hardhandigheid; ruw gedrag; bruut geweld; onstuimigheid; woestheid; ordeloosheid; overweldiging; violentie; ongeregeldheden; (2) grofheid; bruutheid; ruwheid; ruigte; ruigheid; woestheid; (3) baldadig; gewelddadig; hardhandig; onstuimig; woest; wild; rebels; onbesuisd; ordeloos; ongeregeld; [lit.t.] torve; (4) grof; bruut; ruw; hard; ruig
乱暴な ranbouna (1) baldadig; gewelddadig; hardhandig; onstuimig; woest; wild; rebels; onbesuisd; ordeloos; ongeregeld; [lit.t.] torve; (2) grof; bruut; ruw; hard; ruig
凶暴 kyoubou (1) woestheid; wildheid; bruutheid; barbaarsheid; wreedheid; beestachtigheid; geweld; gewelddadigheid; gewelddaad; gruweldaad; (2) woest; wild; bruut; barbaars; wreed; beestachtig; gewelddadig
填まる;嵌まる hamaru (1) geraken in; (verzeild) raken in; vallen in; terechtkomen in; belanden in; (2) passen; geschikt; gepast; geknipt zijn voor; [条件に] voldoen aan; (3) klem raken; lopen; varen in; vast komen te zitten in; vastraken in; blijven steken in; (4) verliefd; smoorverliefd; dolverliefd zijn op; smoor; gek; dol zijn op; helemaal weg zijn van; stapel zijn op; (5) trappen in; beetgenomen worden; [計略に] in de val lopen; (6) gek; verzot; dol; verkikkerd; wild; tuk zijn op; weg zijn van; helemaal bezeten zijn van; zich zwaar interesseren voor; een ~freak zijn; helemaal into ~ zijn; geheel vervuld zijn van; warm lopen voor; enthousiast zijn over; verslaafd zijn aan
奔放 honpou vrijgevochten; ongebonden; bandeloos; tuchteloos; libertijns; wild
御転婆な otenbana [m.b.t. meisje] vrijpostig; vrijgevochten; brutaal; stout; ondeugend; wild; uitgelaten; onstuimig; onbesuisd
恐ろしい osoroshii (1) vreselijk; verschrikkelijk; angstwekkend; afgrijselijk; afgrijslijk; affreus; gruwelijk; ontzettend; beestachtig; beestig; (2) hevig; geweldig; woest; wild; (3) erg; geweldig; ontzaglijk; ontzagwekkend
悍 kan onstuimig; heftig; wild
激しく hageshiku hard; intensief; sterk; stevig; zwaar; flink; fiks; krachtig; hevig; heftig; fel; vurig; vinnig; woest; onstuimig; stormachtig; verwoed; razend; fanatiek; hartstochtelijk; wild; intens; verhit; geducht; duchtig; vehement; geweldig; hels; erg; verschrikkelijk; vreselijk; dat het een aard had; als een gek; van je welste
激烈 gekiretsu (1) hevigheid; heftigheid; felheid; verbetenheid; barheid; vinnigheid; verwoedheid; vurigheid; onstuimigheid; woestheid; furie; geweld; wildheid; intensiteit; (2) hevig; heftig; geweldig; fel; verbeten; bar; vinnig; verwoed; vurig; onstuimig; woest; furieus; wild; intens; extreem; zeer krachtig; violent; verschrikkelijk
無茶 mucha (1) absurd; ongerijmd; onzinnig; onredelijk; ridicuul; (2) buitensporig; exorbitant; overdreven; overdadig; overmatig; onmatig; excessief; (3) roekeloos; onvoorzichtig; wild; onbezonnen; ondoordacht
無茶な muchana (1) absurd; ongerijmd; onzinnig; onredelijk; ridicuul; (2) buitensporig; exorbitant; overdreven; overdadig; overmatig; onmatig; excessief; (3) roekeloos; onvoorzichtig; wild; onbezonnen; ondoordacht
無茶苦茶 muchakucha (1) warboel; wirwar; chaos; verwarring; wanorde; (2) verward; chaotisch; wanordelijk; warrig; in de war; door elkaar; overhoop; pêle-mêle; (3) blind; roekeloos; onzinnig; onredelijk; irrationeel; wild
無茶苦茶な muchakuchana (1) verward; chaotisch; wanordelijk; warrig; (2) blind; roekeloos; onzinnig; onredelijk; irrationeel; wild
無茶苦茶に muchakuchani (1) verward; in de war; chaotisch; wanordelijk; ongeordend; onordelijk; ordeloos; pêle-mêle; (2) blindelings; blindweg; in het wilde weg; roekeloos; wild; redeloos; onberaden; onbezonnen; furieus; als een bezetene; gek; onwijs; overmatig; buitensporig
無闇 muyami (1) roekeloos; onbezonnen; onberaden; ondoordacht; onbekookt; onbesuisd; onbedachtzaam; onnadenkend; overhaast; voorbarig; lichtvaardig; wild; onvoorzichtig; (2) buitensporig; overmatig; excessief; exorbitant; onmatig; overdadig; overdreven; onredelijk; mateloos
無闇な muyamina (1) roekeloos; onbezonnen; onberaden; ondoordacht; onbekookt; onbesuisd; onbedachtzaam; onnadenkend; overhaast; voorbarig; lichtvaardig; wild; onvoorzichtig; (2) buitensporig; overmatig; excessief; exorbitant; onmatig; overdadig; overdreven; onredelijk; mateloos
熱狂的 nekkyouteki enthousiast; geestdriftig; vurig; gepassioneerd; hartstochtelijk; verwoed; uitzinnig; dol; wild; wild-enthousiast; heftig; fanatiek; rabiaat; afgodisch; idolaat; dweperig; dweepachtig; dweepziek; dweepzuchtig
熱狂的な nekkyoutekina enthousiast; geestdriftig; vurig; gepassioneerd; hartstochtelijk; verwoed; uitzinnig; dol; wild; wild-enthousiast; heftig; fanatiek; rabiaat; afgodisch; idolaat; dweperig; dweepachtig; dweepziek; dweepzuchtig
猛 mou (1) energiek; heftig; onstuimig; (2) woest; fel; (a) wild; ruw; ruig; (b) fel; hevig; geweldig; verwoed
猛烈 mouretsu hevig; heftig; intens; sterk; zwaar; hard; geweldig; krachtig; stormachtig; wild; fel; verwoed; vurig; verhit; verschrikkelijk; vreselijk; ontzettend; ontzaglijk
猛烈な mouretsuna hevig; heftig; intens; sterk; zwaar; hard; geweldig; krachtig; stormachtig; wild; fel; verwoed; vurig; verhit; verschrikkelijk; vreselijk; ontzettend; ontzaglijk
獰猛 doumou (1) felheid; hevigheid; heftigheid; verwoedheid; woestheid; wildheid; vinnigheid; grimmigheid; (2) fel; hevig; heftig; woest; verwoed; wild; vinnig; grimmig
獲物 emono (1) jachtdier; prooi; wild; jachtdoel; (2) vangst; buit; gevangen; geschoten wild; [漁猟の] trek; (3) buit; roofbuit; oorlogsbuit; prijs; roof; trofee; [w.g.] tropee
粗暴 sobou ruw; ruig; onbehouwen; grof; wild
自然 shizen (1) natuur; (2) het natuurlijke; ongekunsteldheid; natuurlijkheid; naturel; [i.h.b.] wilde staat; (3) spontaniteit; spontaneïteit; spontaanheid; (4) natuurlijk; wild; ongekunsteld; ongedwongen; ongemaakt; (5) vanzelf; spontaan; uit zichzelf; automatisch
荒々しい araarashii (1) wild; woest; ruw; geweldig; onstuimig; heftig; hevig; stormachtig; (2) boers; onverfijnd; lomp; onbehouwen
荒々しく araarashiku (1) wild; woest; ruw; geweldig; heftig; hevig; stormachtig; (2) boers; onverfijnd; lomp; onbehouwen
荒い arai (1) wild; heftig; ruw; woest; sterk; hard [m.b.t. zee;wind;natuurelementen etc.]; (2) grof; vulgair; ongemanierd; onhebbelijk; plat; ordinair [m.b.t. gedrag;taalgebruik etc.]
荒く araku ruw; ruig; wild; grovelijk; hardhandig; onzacht; hard; woest; onstuimig; heftig
荒くれ arakure (1) ruw; wild; baldadig gedrag; wildheid; wilde taferelen; tumult; ordeloosheid; (2) ruw persoon; woesteling; rouwdouw; rouwdouwer; rouwdanus; rabauw; [niet alg.] ruwaan
荒くれた arakureta ruw; grof; wild; ordeloos
荒くれる arakureru zich ruw; wild; baldadig gedragen; wild tekeergaan; razen; rauzen
荒っぽい arappoi (1) ruw; ruig; wild; woest; gewelddadig; (2) grof; ruw; schetsmatig; onnauwkeurig; slordig; onzorgvuldig
荒っぽく arappoku ruw; ruig; wild; grovelijk; hardhandig; onzacht; hard; heftig; woest; onstuimig; gewelddadig; onbesuisd
荒れた areta (1) ruw; wild; woest; stormachtig; (2) vervallen; verkrot; verwaarloosd; onverzorgd; slecht onderhouden; woest en ledig; desolaat; troosteloos; (3) [〃手] ruw; schraal; verweerd; gebarsten; (open)gesprongen; gekloofd; zoor; spreu; [gew.] sproos
荒 ara (1) ruw; wild; woest; (2) onstuimig; moeilijk te bedwingen; onhandelbaar; (3) drastisch; nietsontziend; meedogenloos; bruut; (4) log; grof; ruig; (5) verwilderd; verwaarloosd; (6) Ara
虚空 kokuu (1) ijle lucht; ledige ruimte; (2) [boeddh.] anāvrti [= lege ruimte]; (3) fictief; denkbeeldig; imaginair; (4) loos; onsamenhangend; verward; absurd; (5) onbezonnen; lichtvaardig; roekeloos; wild
野生 yasei wild; ongetemd
野 ya (1) vlakte; veld; (2) private sector; niet-gouvernementeel domein; (3) ruw; onbewerkt; (a) vlakte; veld; (b) particulier; niet-gouvernementeel; (c) natuurstaat; (d) naturel; onbewerkt; ruw; (e) wild; onstuimig; (f) domein; veld; (g) provincie Shimotsuke
騒がしい sawagashii (1) lawaaierig; rumoerig; luidruchtig; schreeuwerig; roezemoezig; veel lawaai makend; veel leven makend; druk; bedrijvig; [lit.t.] geruchtig; (2) onrustig; onordelijk; roerig; stormachtig; turbulent; wild; gejaagd; jachtig; onstuimig; uitgelaten; uitbundig; [fig.] dionysisch; wanordelijk; getroebleerd; woelig; Pools; oproerig; tumultueus; geagiteerd; veelbewogen; geruchtmakend; in beroering; [fig.] gistend; [fig.] gistig
Tijd: 1.64 sec. jiten.nl: 13 treffers, warandict: 43 treffers (zoekopdracht: 'wild').
2005-2026
