
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (titelwoord)
hai・はい
bw. ja; hier ben ik; ik kom al.
SUPPLEMENT (titelwoord)
hai・はい
(tussenwerpsel) (1) [reactie die instemming betuigt met een voorafgaande uiting die bevestigend is of bevestiging impliceert] ja; jawel; jazeker; ik snap het; oké; akkoord. [reactie die instemming betuigt met een ontkennende vraag] nee; dat is [niet] zo; klopt. ¶ 「分かりますか」「はい、わかります」 ‘wakarimasu ka?’ ‘hai, wakarimasu’ ‘begrijp je het?’ ‘Ja, ik begrijp het’. ¶ 「分かりませんか」「はい、分かりません」 ‘wakarimasen ka?’ ‘hai, wakarimasen’ ‘begrijp je het niet?’ ‘nee, ik begrijp het niet’. ¶ 「入ってよろしいですか」「はい、どうぞ」 ‘haitte yoroshii desu ka?’ ‘hai dōzo’ ‘mag ik binnenkomen?’ ‘ja, alsjeblieft’. ¶ 「あなた達は学生ですか」 「はい、そうです」 anatatachi wa gakusei desu ka?’ ‘hai, sō desu’ ‘zijn jullie studenten?’ ‘ja, dat klopt’. ¶ 「今日来ませんか」 「はい」 ‘kyō wa kimasen ka?’ ‘hai’ ‘komt hij vandaag niet?’ ‘nee’. ¶ 「明日も来てくれませんか」 「はい、伺います」 ashita mo kite kuremasen ka?’ ‘hai, ukagaimasu’ ‘[waarom] kom je morgen ook niet?’ ‘dat is goed, ik zal komen’. (2) [om aan te geven dat men luistert] oh?; ah; oh ja? (3) [om aan te geven dat men aanwezig is] hier ben ik! present! (4) [om de aandacht te trekken wanneer men iets wil geven of gaan zeggen of vragen] ¶ 「はい。こちらがレシートです」 hai. kochira ga reshiito desu’ ‘alstublieft, hier is uw bon’. ¶ 「はい、百円のおつりです」 hai, hyaku en no otsuri desu’ ‘alstublieft, 100 Yen wisselgeld’. ¶ 「はい、あなたの鍵です」 hai, anata no kagi desu’ ‘hier, je sleutels’. ¶ 「はい」「何ですか」 「ちょっと質問があるんですが」 ‘hai’ ‘nan desu ka’ ‘chotto shitsumon ga arun desu ga’ ‘meneer?’ ‘wat is er?’ ‘ik wil iets vragen ...’
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <hai>
はい hai (1) ja; jawel; jazeker; inderdaad; begrepen; okay; o.k.; in orde; akkoord; [scheepv.] tot uw orders; (2) aanwezig; present [bij naamafroeping]; (3) alstublieft; hier; voilà; ziehier; (4) nou; o.k.; wel; zo [om aandacht te trekken]
ハイ hai (1) het high-zijn; roes; euforie; (2) hoogste; grootste versnelling; (3) Hi; High; Hy; (4) high; (5) hé; hé daar; (6) [bij voerlieden] haar [= links]; (7) hoog-; [fig.] hooggeplaatst; vooraanstaand
廃 hai (a) in onbruik raken; vervallen; (b) weggooien; opgeven
排 hai (a) openduwen; (b) wegduwen; uitsluiten; (c) uitlaten; naar buiten laten; (d) ordenen
敗 hai (1) nederlaag; verlies; (2) [maatwoord voor nederlagen;verloren partijen;wedstrijden]
杯;盃 hai (1) beker; kelk; kop; glas; kommetje; [i.h.b.] cup; [i.h.b.] sake-glaasje; (2) [kwantor voor glazen;kopjes;kommetjes;eetlepels e.d.]; (3) [kwantor voor octopussen;inktvissen;zeeoren]; (4) [kwantor voor schepen]
灰 hai as
肺 hai (1) long; longen; [gew.] licht; [in sanatoria] pit; (a) long; (b) gemoed; hart
胚 hai [plantk.;dierk.] embryo; wordingskiem; kiem
配 hai (a) schikken; combineren; (b) partner; koppel; (c) uitdelen; distribueren; (d) portie; aandeel; (e) instruering; (f) waarschuwing; (g) verbanning
Tijd: 1.33 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 10 treffers (zoekopdracht: 'hai').
2005-2026
