
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
kan-suru・姦する
t.w. bezoedelen; schenden; (強姦) verkrachten; schoffeeren.
hazukashimeru・辱める
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <verkrachten>
乱暴する ranbōsuru (1) wild tekeergaan; rouwdouwen; [Barg.;volkst.] rauzen; (2) aanranden; geweld aandoen; brutaliseren; overweldigen; [i.h.b.] verkrachten; molesteren
強姦する gōkansuru verkrachten; onteren; aanranden; seksueel geweld aandoen; met geweld nemen; zich vergrijpen aan
手込めにする;手籠めにする tegomenisuru overweldigen; overvallen; handtastelijk aanvallen; overrompelen; aanranden; [i.h.b.] verkrachten; zich vergrijpen aan
暴行する bōkōsuru (1) zich gewelddadig gedragen; geweld plegen; gewelddaden begaan; (2) [婦女を] zich vergrijpen aan; aanranden; verkrachten; onteren; violeren
汚す kegasu (1) bevuilen; vuilmaken; smerig maken; bezoedelen; bevlekken; besmeuren; besmeren; smetten; (2) onteren; te schande maken; schande aandoen; schande brengen over; in ongenade doen vallen; een slechte naam bezorgen; de naam bezoedelen van; zijn eer doen verliezen; bezwalken; bezwadderen; zwart maken; bekladden; (3) onteren; schenden; aanranden; verkrachten; misbruiken; schofferen; zich vergrijpen aan; te na komen; [Sur.N.] rossen; (4) [末席を] de eer hebben aanwezig te zijn bij; te zetelen in; zitting te hebben in; lid te zijn van
点す tobosu (1) [行灯を] aansteken; ontsteken; branden; (2) [女を] vrijen met; [i.h.b.] aanranden; verkrachten
点す tomosu (1) [蝋燭を] aansteken; ontsteken; branden; (2) [女を] vrijen met; [i.h.b.] aanranden; verkrachten
犯す okasu (1) [m.b.t. zonde;ondeugd;misdrijf;wandaad etc.] begaan; plegen; [iets slechts of nadeligs] doen; (2) schenden; verbreken; overtreden; inbreuk maken op; zich niet houden aan; met voeten treden; (3) trotseren; uitdagen; in de wind slaan; negeren; zich niets aantrekken van; (4) aanranden; aanvallen; verkrachten; onteren; te na komen
辱める hazukashimeru (1) vernederen; in verlegenheid brengen; generen; (2) te schande maken; onteren; een slechte naam bezorgen; van zijn eer beroven; schande brengen over; schofferen; aantasten in; (3) [女を] onteren; schenden; aanranden; zich vergrijpen aan; te na komen; misbruiken; verkrachten; [Sur.N.] rossen; [veroud.;lit.t.] schennen; [gew.] verprossen
陵辱する ryōjokusuru (1) beledigen; vernederen; krenken; beschimpen; te schande maken; schofferen; smaad aandoen; brutaliseren; bruuskeren; (2) aanranden; misbruiken; molesteren; molest aandoen; onteren; verkrachten; schenden
Tijd: 1.52 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 10 treffers (zoekopdracht: 'verkrachten').
2005-2026
