Digitalisatie van 日蘭辭典 Nichi-Ran jiten (Japans-Nederlands woordenboek), Peter Adriaan van de Stadt, 1934

Digitalisatie van 日蘭辭典

Deze pagina’s geven een overzicht van de voortgaande digitalisatie van het woordenboek 日蘭辭典 Nichi-Ran jiten (Japans-Nederlands woordenboek), van Peter Adriaan van de Stadt, samengesteld in 1934.

Zoek een pagina via paginanummer (tussen 1 en 1311) of een woord:

Pagina 613

kichō 空腸

zn. nuchtere darm m.

kuchiyogoshi 口汚し

zn. hapje o.; klein stukje o.

kuchiyose 口寄

zn. tooverij v.

kuchiza 口座

zn. rekening v. ¶ 損益口座 winst en verliesrekening. ¶ 其の銀行に口座を持つて居る ik heb een rekening bij die bank.

kuchizuke 口づけ

zn. kus m.; zoen m. ¶ 口づけする zoenen.

kuchizusamu 口吟む

i.w. neuriën.

kuchizutai 口傳

(口伝) zn. mondeling onderricht o.; overlevering (口碑). ¶ 口傳に聞く van een ander hooren; van zijn eigen lippen vernemen.

kuchō 區長

(区長) zn. wijkmeester m.

kuchō 口調 zn. toon m. ¶ 口調がよい melodieus.
kuchū 驅蟲

(駆虫) zn. wormverdrijving v.; verdelging van insecten. ¶ 驅蟲藥 wormdrijvend middel; wormpoeier; insectenpoeier.

kūchū 空中

zn. de lucht v. ¶ 空中に in de lucht. ¶ 空中電氣 atmosferische electriciteit. ¶ 空中飛行 luchtvaart; aviatiek. ¶ 空中滑走 glijvlucht. ¶ 空中樓閣 luchtspiegeling; waanbeeld; luchtkasteel. ¶ 空中戰 luchtgevecht. ¶ 空中郵便 vliegbost.

kuchū 苦衷

zn. bezorgdheid v.

kuda

zn. pijp v.; buis v.; slang (蛇管) v. ¶ 醉うて管を卷く in dronkenschap wartaal uitslaan.

kudakeru 碎ける

(砕ける) i.w. (1) [破碎] breken; kapot gaan; uit elkaar vallen; instorten. (2) [さばける] beminnelijk zijn; minzaam zijn. ¶ 碎けて出る minzaam spreken. ¶ 碎けて言へば ronduit gezegd. ¶ 當つて碎けろ wagen; het gevaar loopen.

kudaku 碎く

(砕く) t.w. breken; stukslaan; kapot slaan. ¶ 心を碎く zich de hersens pijnigen; zich uitsloven.

kudakudashii 管管しい

(くだくだしい) bn. vervelend; langdradig; taai.

kudamono 果物

zn. vrucht v. ¶ 果物畑 boomgaard; bongerd. ¶ 果物入 vruchtenmand; fruitmand. ¶ 果物屋 fruitwinkel (店); fruitman (男); fruitvrouw (女).

kudan no 件の

bn. bovengenoemd; bovenvermeld; bedoeld. ¶ 件の人物 de persoon in kwestie.

kudan 空談

zn. ijdele praat v.

kudaranai 下らない

bn. (1) [馬鹿げた] onzinnig; dwaas; kinderachtig. (2) [無益な] vruchteloos; nutteloos; waardeloos. (3) [とるに足らない] onnoemenswaardig; verachtelijk. ¶ 下らない事を言ふ nonsens kletsen.

kudari

zn. regel m.; passage v.

kudari 下り、降り

zn. (1) [おりる事] daling v.; nederdaling v. (2) [衰退] achteruitgang m.; verval o. (3) [地方に行く事] komst uit de hoofdstad. ¶ 下り列車 uitgaande trein; trein van de hoofdstad komende. ¶ 下り腹 diarrhee. ¶ 下り道 dalende weg; weg naar beneden; weg, die bergaf gaat. ¶ 下り坂 afgaande helling; daling.

kudaru 下る、降る

i.w. (1) [おりる] afdalen; afstijgen; afstappen (下降); vallen; neerkomen. (2) [命令が] afkomen. (3) [劣る] achterstaan bij; minder zijn dan. (4) [下痢] diarrhee hebben; loslijvig zijn. (5) [降參] zich overgeven; toegeven. (6) [引退] zich terugtrekken; ontslag nemen. (7) [都から田舍に行く] naar buiten gaan; het land op gaan. ¶ 天より下る uit den hemel nederdalen. ¶ 馬背より下る van het paard stijgen. ¶ 命令が下つた het bevel is afgekomen.


Aantal gevonden regels: 23
Tijd: 0.828 sec.