
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
oi・老
(老い) zn. hooge leeftijd m.; ouderdom m. ¶ 老の悲しみ de kwalen van den ouden dag.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <ouderdom>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
享年 kyounen leeftijd bij overlijden; tijd dat iem. geleefd heeft; ouderdom
年代 nendai (1) ouderdom; datering; datum [in de geschiedenis enz.]; jaartal; (2) periode; tijdvak; era; jaren [zeventig;tachtig enz.]; tijden; tijdperk; tijd; (3) generatie; jaargang
年頃 toshigoro (1) leeftijd; ouderdom; (2) huwbare leeftijd; (3) puberteit; adolescentie; jongelingsjaren; jongemeisjesjaren; (4) sedert enkele jaren
歳 sai (1) [astron.;zonnekalender] zonnejaar; astronomisch jaar; (2) [astron.;maankalender] maanjaar; (3) [maatwoord voor jaren en leeftijden]; (a) jaar; tijd; (b) leeftijd; ouderdom; (c) [landb.] jaaroogst; jaaropbrengst; (d) [astron.] Jupiter
老 rou (1) veroudering; het ouder worden; ouderdom; hoge leeftijd; (2) oude; bejaarde; [ritsuryō] oudere tussen 61 en 65 jaar; (3) ik; ± deze ouwe jongen; (4) eerbiedwaardige heer …; vadertje …; (a) bejaard zijn; op jaren zijn; (b) ervaren zijn; onderlegd zijn; (c) ervaren staatsman; (d) eerbiedwaardige grijsaard; (e) ik uw oude dienaar; (f) sinds lang bestaand; aloud; (g) Lǎozǐ
老い oi (1) het oud worden; ouderdom; hoge leeftijd; oude dag; (2) bejaarde; oudere; oude van dagen; senior; oudje; (3) La Vieillesse [= boek (1970) van Simone de Beauvoir]; (4) oud; bejaard
老いらく oiraku ouderdom; hoge leeftijd
老年 rounen ouderdom; hoge leeftijd; grijsheid; oude dag; laatste jaren; nadagen; levensavond; herfst; avond van het leven; [geneesk.] senium
老齢 rourei hoge leeftijd; gevorderde leeftijd; oude dag; ouderdom; grijsheid
高齢 kourei hoge; vergevorderde; gezegende leeftijd; ouderdom; bejaardheid; hoogbedaagd; hoogbejaard
Tijd: 1.58 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 10 treffers (zoekopdracht: 'ouderdom').
2005-2026
