日蘭辭典+

20 resultaten voor ‘ring’
日蘭辭典 (trefwoord)
yubiwa指環
(指輪) zn. vingerring m.; ring m. ¶ 結婚の指環 trouwring.
janome蛇の目

zn. dubbele ring m. ¶ のから傘 pajong versierd met dubbelen ring. →janomegasa

wa輪、環

zn. (1) [圓形] cirkel m.; kring m. (2) [環] ring m. (3) [絲の] lus v. (4) [車輪] wiel o.; rad o. ¶ 輪になつて in een kring. ¶ 輪に輪をかける overdrijven. ¶ 輪を廻して遊ぶ hoepelen.

tsukinowa月の輪

zn. ring om de maan; halo v.

tsukikasa月暈

zn. ring om de maan; halo om de maan.

SUPPLEMENT (trefwoord)
kataya方屋
zn. (1) de plaatsen links of rechts of oost en west waartussen de tegenstanders bij Sumo (相撲) of een andere wedstrijd zijn verdeeld (2) de arena van een Sumo wedstrijd.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <ring>
ハロー harō (1) halo; haloverschijnsel; lichtende kring; ring; hof; [i.h.b.] tegenmaan; (2) stralenkrans; lichtkrans; lichtkring; nimbus; aureool; heiligenkrans; (3) [foto.] halo; (4) [landb.] eg; egge; (5) hallo; (6) Harrow
バイパス baipasu rondweg; ringweg; ring
リング ringu (1) ring; kring; krans; (2) ring; [veroud.] bag; bagge; (3) [bokssp.;worstelen] ring; [m.b.t. circus] piste; (4) [geneesk.] baarmoederring; pessarium; spiraaltje; IUD [intra-uterine device]
土俵 dohyō (1) zandzak; [mil.] aardzak; schanskorf; [soldatent.] vaderlandertje; (2) [sumojargon] ring; arena; strijdperk; perk; krijt
tsutsumi (1) dijk; (2) reservoir; bassin; spaarbekken; (3) [sumō-jargon] ring
指輪;指環 yubiwa ring; vingerring; [veroud.] bag; [veroud.] bagge; [Barg.] puinsteker
環状の kanjōno ringvormig; ring-
環状道路 kanjōdōro ringweg; ring; verkeersring; ringbaan; rondweg; randweg; ceintuurbaan
kan (a) ring; (b) omgeven; circuleren
taga hoepel; hoep; ring; band
kuruma (1) wiel; rad; (2) voertuig op wielen; rijtuig; koets; wagen; kar; (3) riksja; (4) auto; wagen; automobiel; (5) ring; vorm van een ring; ringvormig object
輪っか wakka ring; cirkel; kring
rin (1) wiel; rad; (2) ring; krans; kring; (3) bloemkroon; [i.h.b.] bloeiende bloem; (4) [muz.] rinnote-aanslag [= afwisselend trage en snelle aanslag op de koto]; (5) boord aan de hals; mouwen of panden van kledingstukken; (6) [scheepv.] stapel; (7) [boeddh.] cakraratana [= wiel als liturgisch instrument]; (8) [boeddh.] dharmacakra [= wiel van de dharma]; (9) [maatwoord voor wielen]; (10) [maatwoord voor ringen;kransen;kringen]; (11) [maatwoord voor bloesems;bloemen;bloemkransen]; (a) wiel; rad; (b) rand; (c) omloop; ronde; (d) [boeddh.] cakra; [i.h.b.] vijf elementen; (e) bloem
wa (1) cirkel; ring; kring; krans; kreits; gordel; lus; schakel; krinkeling; (2) wiel; rad; (3) hoepel; hoep; band
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.59 sec. jiten.nl: 6 treffers, warandict: 14 treffers (zoekopdracht: 'ring'). 
2005-2026