Digitalisatie van 日蘭辭典 Nichi-Ran jiten (Japans-Nederlands woordenboek), Peter Adriaan van de Stadt, 1934

Digitalisatie van 日蘭辭典

Deze pagina’s geven een overzicht van de voortgaande digitalisatie van het woordenboek 日蘭辭典 Nichi-Ran jiten (Japans-Nederlands woordenboek), van Peter Adriaan van de Stadt, samengesteld in 1925, gepubliceerd in 1934.

Zoek een pagina via paginanummer (tussen 1 en 1311) of een woord:

Pagina 1185

tsukiyaburu 突破る

(突き破る) t.w. doorbreken; i.w. zich met geweld een doorgang verschaffen.

tsukiyaku 月經

(月経) zn. regels m.mv.; stonden v.mv.; menstruatie v.

tsukiyama 築山

zn. kunstmatige heuvel m.

tsukiyatoi 月雇

zn. (1) [事] dienst op maandcontract. (2) [人] maandgelder m.

tsukiyo 月夜

zn. maannacht m.

tsukizuki 月々

bw. elke maand; maandelijks. ¶ 月々の maandelijksch.

tsukkaesu 突返す

(突返す) tsukikaesu ¶ を見よ.

tsukkai 突支

(突支) zn. steun m.; stut o. ¶ 突支する stutten; steunen.

tsukkake ni 突掛けに

(突掛けに) bw. dadelijk; direct; schielijk. ¶ 突掛ける aanschieten; vlug aantrekken. ¶ 草履を突掛ける sloffen aanschieten.

tsukkau 突支ふ

(突支ふ) t.w. steunen; stutten.

tsukkendon na 突慳貪な

(突慳貪な) bn. bits; scherp; vinnig.

tsukkiru 突切る

(突っ切る) i.w. zich een weg banen; t.w. oversteken.

tsukkomi ni 突込みに (突っ込む) bw. in het groot. ¶ 突込む prikken; steken in. ¶ 水中に突込む onderdompelen; in het water steken. ¶ 一本突込んで遣る flink standje geven.
tsūkō 通行

zn. doortocht m.; verkeer o. ¶ 通行止 stremming van het verkeer. ¶ 通行券 pas; vergunning om te passeeren; vrijgeleide. ¶ 通行規則 voorschriften voor het verkeer. ¶ 通行する passeeren; doorgaan. ¶ 通行權 recht van doortocht. ¶ 通行人 voorbijganger. ¶ 通行錢 tolgeld. ¶ 通行稅 reisbelasting; verkeersbelasting.

tsūkō 通航

zn. scheepvaart v.; verkeer te water. ¶ 通航する varen.

tsūkō 通好

zn. vriendschappelijke omgang m.; gezellig verkeer o. ¶ 通好する omgang hebben; omgaan met.

tsūkoku naru 痛酷なる

bn. wreed; bitter.

tsūkoku 痛哭

zn. jammerklacht v. ¶ 痛哭する bejammeren; schreien over; beweenen; bitter betreuren.

tsūkoku 通告

zn. kennisgeving v.; bekendmaking o.; mededeeling v. ¶ 通告する kennis geven; mededeelen; berichten.

tsūkon 痛恨

zn. hevige ergernis v.; ernstige grief o.; wrok m.

tsuku 附く

i.w. (1) [附着] kleven; plakken; blijven vastzitten. (2) [味方する] de zijde kiezen van; meegaan met. (3) [價する] waard zijn. t.w. (4) [習癖が] aannemen; i.w. zich aanwennen. i.w. (5) [火が] vlam vatten. t.w. (6) [痕が] achterlaten. (7) [利息が] opbrengen; opleveren. ¶ 惡錢身に附かず gestolen goed gedijt niet. ¶ 肉が附く dik worden. ¶ 敵方に附く overloopen naar den vijand. ¶ 一つが十錢につく ze kosten 10 sen per stuk. ¶ 惡い癖はつき易い slechte gewoonten worden gemakkelijk aangeleerd. ¶ 著物に火がついた zijn kleeren vlogen in brand. ¶ 電氣がついて居る het electrisch licht is aan. ¶ 年七分の利が附く 7% per jaar interest geven. ¶ 床に足跡がつく voetstappen op den vloer achterlaten.

tsuku 吐く

t.w. uitlaten; uiten. ¶ 溜息を吐く zucht slaken. ¶ 虛言を吐く liegen. ¶ へどを吐く overgeven; vomeeren.


Aantal gevonden regels: 22
Tijd: 0.179 sec.