
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <afrekenen>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
仕切る shikiru (1) verdelen; delen; indelen; afdelen; afscheiden; partitioneren; (2) [帳簿を] vereffenen; afrekenen; verrekenen; (3) [sumojargon] zich in aanvalspositie; positie stellen
収める osameru (1) oogsten; de oogst binnenhalen; de vruchten plukken; maaien; (2) verwerven; verkrijgen; krijgen; in het bezit komen van; realiseren; verwezenlijken; de vruchten plukken van; (3) opdragen aan; toewijden aan; [神社へ] offeren aan; aanbieden; consacreren; (4) betalen; afrekenen; met geld over de brug komen; dokken; (5) leveren; verschaffen; voorzien; een leverancier zijn van; (6) opslaan; stockeren; een voorraad vormen van; (7) verzamelen; vergaren; bundelen; groeperen; hergroeperen; (8) tot een einde brengen; beëindigen; eindigen; besluiten; afsluiten; schikken; slechten; beslechten; afhandelen; (9) op zijn oorspronkelijke plaats terugstoppen; terugplaatsen; opbergen; wegbergen; [鳥が羽を] z'n vleugels vouwen; (10) aannemen; accepteren; aanvaarden
弁済する bensaisuru terugbetalen; betalen; aflossen; afbetalen; vereffenen; voldoen; afrekenen; verrekenen; liquideren; kwijten; presteren; delgen
意趣返しをする ishugaeshiwosuru wraak nemen; zich wreken; represailles nemen; afrekenen; terugslaan; vergelden; terugbetalen; betaald zetten; een oude rekening vereffenen; z'n gram halen
決済する kessaisuru afrekenen; vereffenen; voldoen; betalen; liquideren
決算する kessansuru afrekenen; afrekening houden; betalen wat er nog op de rekening staat; een rekening afsluiten; voldoen; vereffenen; salderen; de rekeningen opmaken; de balans; boeken afsluiten; balanceren
清算する seisansuru (1) afrekenen; vereffenen; voldoen; clearen; verrekenen; afdoen; [借金を] aflossen; aanzuiveren; (2) [econ.] liquideren; (3) [rel.] weer goedmaken; boete doen voor; boeten voor; (4) [過去を] van zich afzetten; afsluiten; [fig.] begraven; (5) [関係を] verbreken; afmaken; opheffen
算用する sanyousuru (1) berekenen; uitrekenen; becijferen; tellen; rekenen; calculeren; (2) rekeningen afhandelen; facturen betalen; afrekenen; vereffenen; voldoen; verrekenen; (3) inschatten; schatten; ramen; begroten; becijferen
精算する seisansuru (1) exact berekenen; (2) bijstellen; [verschillen] wegwerken; (3) [運賃を] het verschil bijbetalen; bijpassen; (4) een rekening vereffenen; de rekening betalen; afrekenen
納める osameru (1) opdragen aan; toewijden aan; offeren aan [een godheid]; aanbieden [aan een godheid]; consacreren; (2) oogsten; de oogst binnenhalen; de vruchten plukken; maaien; (3) verwerven; verkrijgen; krijgen; in het bezit komen van; realiseren; verwezenlijken; de vruchten plukken van; (4) betalen; afrekenen; met geld over de brug komen; dokken; (5) leveren; verschaffen; voorzien; een leverancier zijn van; (6) opslaan; stockeren; een voorraad vormen van; (7) verzamelen; vergaren; bundelen; groeperen; hergroeperen; (8) tot een einde brengen; beëindigen; eindigen; besluiten; afsluiten; (9) op zijn oorspronkelijke plaats terugstoppen; terugplaatsen; opbergen; wegbergen; [m.b.t. een vogel] zijn veren vouwen; (10) aannemen; accepteren; aanvaarden
計算する keisansuru (1) berekenen; uitrekenen; becijferen; besommen; (2) ramen; schatten; begroten; taxeren; (3) afrekenen; vereffenen; (het verschuldigde bedrag) betalen; (4) narekenen
Tijd: 1.29 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 11 treffers (zoekopdracht: 'afrekenen').
2005-2026
