日蘭辭典+

4 resultaten voor ‘gonzen’
日蘭辭典 (trefwoord)
zawameku騷めく

(騒めく) i.w. gonzen; ruischen.

unari

zn. (1) [うめき] gekerm o. (2) [怒りの] gegrom o. (3) [獸の] gebrul o. (4) [獨樂などの] gegons o.; gebrom o. ¶ 唸る kermen; grommen; brommen; brullen; gonzen; (風が) loeien; huilen. ¶ 唸る程金を持つて居る bulken van het geld.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <gonzen>
さざめく sazameku (1) roezemoezen; leven maken; gonzen; ruisen; geraas maken; onstuimig zijn; (2) bloeien; goed gedijen; welvaren
唸る unaru (1) [m.b.t. mensen] kermen; kreunen; steunen; jammeren; weeklagen; (2) [m.b.t. dieren] grommen; brommen; brullen; gonzen; loeien; huilen
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.32 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 2 treffers (zoekopdracht: 'gonzen'). 
2005-2026