
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
mongon・文言
zn. tekst m. ; inhoud (van brief of telegram) m.
yōseki・容積
zn. capaciteit v.; inhoud m.; laadvermogen o. ¶ 容積噸數 tonnemaat.
yōryō・容量
zn. inhoud m.; volume o.; capaciteit v.; afmetingen v.mv.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <inhoud>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
キャパ kyapa (1) capaciteit; vermogen; potentieel; kundigheid; vaardigheid; geschiktheid; aanleg; talent; (2) capaciteit; volume; inhoud; bergruimte
キャパシティ kyapashiti (1) capaciteit; vermogen; potentieel; kundigheid; vaardigheid; geschiktheid; aanleg; talent; (2) capaciteit; volume; inhoud; bergruimte
コンテンツ kontentsu (1) inhoud; (2) content; (3) inhoudsopgave
中身;中味 nakami (1) inhoud; [comp.] content; substantie; (2) lemmet [van mes]; kling [van zwaard]
体積 taiseki volume; (kubieke) inhoud
入り iri (1) binnenkomst; intrede; entree; betreding; intocht; inkomst; [Belg.N.] inkom; (2) inhoud; het aanwezig zijn van; aanwezigheid; opkomst; (3) [日;月の] ondergang; (4) begin; aanvang; start; eerste dag; (5) inkomen; inkomsten; oogst; opbrengst; winst; recette; (6) kost; kosten; onkosten; lasten; uitgaven; (7) "aan"-stand; aan; ingeschakeld; (8) met … erin
内包 naihou (1) implicatie; betekenis; (2) [log.] connotatie; intensie; inhoud; comprehensie; (3) [biol.] endocyst; (4) [anat.] Capsula interna
内容 naiyou (1) inhoud; substantie; diepgang; (2) inhoud; betekenis; [m.b.t. brief] teneur; fijne; portee
実質 jisshitsu substantie; essentie; wezen; inhoud
実 mi (1) vrucht; fruit; ooft; bes; noot; nootje; (2) zaad; pit; kruim; (3) ingrediënt; toevoegsel; specie [bv. balletjes gehakt;julienne;soldaatjes;blokjes tofoe enz.]; (4) inhoud; substantie; betekenis
容量 youryou capaciteit; volume; inhoud; bergruimte; vermogen; potentieel
容 you (a) inbrengen; (b) inhoud; (c) vorm; uiterlijk; (d) verhoren; aanvaarden; vergeven; (e) innerlijke rust; (f) eenvoudig
意 i (1) gevoel; gevoelen; betuiging; mening; gedachte; opinie; (2) voornemen; wil; zin; plan; [Belg.N.] gedacht; intentie; wens; (3) aandacht; attentie; zorg; behartiging; (4) voorkeur; zin; smaak; (5) zin; betekenis; bedoeling; teneur; strekking; inhoud; (6) goede gezindheid; genegenheid; (7) [boeddh.] geest; ziel
書面 shomen (1) geschreven stuk; document; schriftuur; [veroud.] schrift; (2) brief; schrijven; (3) briefinhoud; inhoud
目次 mokuji inhoud; inhoudsopgave
目録 mokuroku (1) catalogus; [Belg.N.] cataloog; (2) lijst; (3) inhoud; inhoudsopgave; index; register; bladwijzer
目;眼 me (1) oog; doppen; kijkers; [kindert.] piepers; kijkerd; gaten; glimmers; [gew.;vulg.] keut; [Barg.] glimmerik; [Barg.] spanling; [Barg.;volkst.] lampjes; (2) het zien; gezicht; gezichtsvermogen; zicht; gezichtsveld; vizier; blik; oogopslag; kijk; optiek; gezichtspunt; oogpunt; zienswijze; inzicht; zorg; (3) aanzicht; aanblik; (4) ervaring; (5) opening; tussenruimte; (6) maatstreep; maat; (7) volume; inhoud; (8) foei; (9) -ste; -de [ordinaal suffix]; (10) [achtervoegsel dat een grens of raakvlak tussen twee zaken;toestanden e.d. markeert;het wordt aangesloten op de ren'yōkei van werkwoordsvormen]; (11) -ig [aangesloten op de stam van adjectieven of op de ren'yōkei van werkwoorden;drukt een mate;eigenschap of tendens uit die neigt naar het genoemde]
義 gi (1) gerechtigheid; recht; rechtvaardigheid; gerechtvaardigdheid; gerechtige zaak; (2) betekenis; inhoud; zin; strekking; (3) band; betrekking; relatie; (4) aangetrouwd; behuwd-; schoon-; (5) kunst-; vals
Tijd: 1.39 sec. jiten.nl: 6 treffers, warandict: 18 treffers (zoekopdracht: 'inhoud').
2005-2026
