(まで) vz. tot; tot aan. ¶ 今迄tot nu toe; tot dusverre. ¶ 昨年迄tot verleden jaar. ¶ 百圓迄tot honderd yen. ¶ 何處迄行きましたか tot hoever ben je gegaan. ¶ 迄も tot zelfs ...... toe. ¶ 十人が九人迄 negen van de tien menschen. ¶ いつまでも voor eeuwig; voor altijd.¶ 先は御伺迄 deze is dienende om te informeeren hoe het u gaat.