日蘭辭典+

9 resultaten voor ‘ontrouw’
日蘭辭典 (trefwoord)
fuchū不忠
zn. ontrouw v. ¶ 不忠の ontrouw; verraderlijk.
uwaki浮氣

(浮気) zn. luchthartigheid v.; lichtzinnigheid v.; zedeloosheid v.; ontrouw v. ¶ 浮氣をする zich misdragen; echtgenoot bedriegen. ¶ 浮氣つぽい lichtzinnig; zedeloos; ontrouw; onkuisch. ¶ 浮氣者 lichtmis (男); (女) vrouw van slechte zeden; scharreltje; snol.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <ontrouw>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
不信 fushin (1) wantrouwen; (2) trouweloosheid; ontrouw; (3) ongeloof
不倫 furin (1) onzedelijkheid; zedeloosheid; onzedigheid; immoraliteit; onkuisheid; ontuchtigheid; ontucht; (2) ontrouw; overspel; overspeligheid; echtbreuk; ongeoorloofde betrekkingen; verboden omgang; [bijb.] zonde van het vlees
不貞 futei ontrouw; overspel
変節 hensetsu (1) afval; verzaking van eerder gehuldigde principes; afvalligheid; geloofsafval; geloofsverandering; geloofsverzaking; apostasie; trouwbreuk; ontrouw; verraad; overloperij; (2) seizoenwisseling
心変わり kokorogawari (1) verandering van gedachten; gezindheid; gevoelens; gemoedsverandering; ommekeer; omkeer; omslag in het gemoed; (2) verraad; ontrouw; (3) La modification [roman (1957) van Michel Butor]
浮気;上気 uwaki (1) wispelturigheid; grilligheid; nukkigheid; (2) flirt; flirtation; amourette; vrijage; avontuurtje; affaire; slippertje; verhouding; liaison; ontrouw; escapade; estrapade; (3) wispelturig; grillig; nukkig; (4) flirtend; flirtziek; geneigd tot flirten; dartel; behaagziek; ontrouw
無節操 musessou (1) onstandvastigheid; ongestadigheid; wispelturigheid; beginselloosheid; trouweloosheid; ontrouw; (2) onstandvastig; ongestadig; wispelturig; beginselloos; trouweloos; ontrouw
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.44 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 7 treffers (zoekopdracht: 'ontrouw'). 
2005-2026