
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <strompelen>
縺れる motsureru (1) klitten; verstrikt raken; verward raken; geklist raken; in de knoop raken; (2) [舌が] een dikke; dubbele; zware tong hebben; zwaar van tong zijn; niet gemakkelijk kunnen spreken; (3) [足が] strompelen; struikelen; in elkaar blijven haken; (4) in de war raken; in verwarring raken; ingewikkeld worden; gecompliceerd worden; in het honderd lopen; [仲が] overhoopraken
蹌踉めく yoromeku (1) wankelen; onvast gaan; waggelen; waggelbenen; onzeker lopen; strompelen; heen-en-weerzwenken; (2) het aanleggen met; zich inlaten met; vreemd gaan met; een verhouding beginnen met
躓く tsumazuku (1) struikelen (over); strompelen; misstappen; onderuitgaan; [i.h.b.] ten val komen; (2) [fig.] struikelen (over); [fig.] zijn nek breken over; [fig.] onderuitgaan; [fig.] ten val komen (over); [fig.] vallen (over); [fig.] uitglijden; [fig.] zich verslikken in; mislukken
Tijd: 1.03 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 3 treffers (zoekopdracht: 'strompelen').
2005-2026
