日蘭辭典+

19 resultaten voor ‘braaf’
日蘭辭典 (trefwoord)
zenryō善良

zn. goedheid v.; braafheid v.; deugd v. ¶ 善良な goed; braaf; deugdzaam. ¶ 善良な風俗に反する in strijd zijn met de goede zeden.

zennin善人

zn. braaf man m.; goed mensch m.

yūtoku no有德の

(有徳の) bn. braaf; deugdzaam.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <braaf>
いい子 īko brave; lieve jongen; braaf; lief meisje
お利口 orikō flink; braaf; keurig; lief; zoet; wijs
優しい;恥しい yasashii (1) zacht; [m.b.t. stem] rustig; teder; mild; braaf; suave; zoet [als een lammetje]; (2) gracieus; bevallig; elegant; sierlijk; (3) vriendelijk; aardig; lief; liefdevol; minzaam; lieflijk; zachtaardig; goedaardig; goed; -vriendelijk [b.v. klantvriendelijk]; (4) attent; zorgzaam; begaan met; medelevend met; oplettend; bezorgd; voorkomend; gedienstig; (5) zich klein voelen; zich nietig voelen; zich schamen; zich generen; beschaamd zijn; zich opgelaten voelen; zich niet op zijn gemak voelen; in verlegenheid gebracht zijn [meestal 恥しい gespeld]; (6) nederig; teruggehouden; ootmoedig; modest; deemoedig; braaf [meestal 恥しい gespeld]
利口 rikō (1) intelligent; knap; slim; wijs; snugger; verstandig; bijdehand; bevattelijk; schrander; pienter; ad rem; gevat; vlug; clever; gis; kien; vernuftig; (2) kies; fijnzinnig; tactvol; wetend hoe te handelen; handig; goochem; gewiekst; uitgeslapen; van wanten weten; (3) braaf; keurig
利口な rikōna (1) intelligent; knap; slim; wijs; snugger; verstandig; bijdehand; bevattelijk; schrander; pienter; ad rem; gevat; vlug; clever; gis; kien; vernuftig; (2) kies; fijnzinnig; tactvol; wetend hoe te handelen; handig; goochem; gewiekst; uitgeslapen; van wanten weten; (3) braaf; keurig
善良 zenryō goed; braaf; deugdzaam; eerlijk; [gew.] deugdelijk
善良な zenryōna goed; braaf; deugdzaam; eerlijk; [gew.] deugdelijk
大人しい otonashii (1) zacht; (2) rustig; bedaard; kalm; stil; (3) gehoorzaam; volgzaam; gedwee; gewillig; zoet; gezeglijk; meegaand; inschikkelijk; (4) [m.b.t. dieren] tam; getemd; mak; niet wild; (5) zoet; braaf; goed; niet stout; (6) bescheiden; nederig; ingetogen
正しい tadashii (1) correct; juist; goed; zuiver; waar; recht; [m.b.t. antwoord e.d.] kloppend; (2) correct; juist; gepast; aangewezen; terecht; passend; gerecht; billijk; gerechtvaardigd; rechtmatig; (3) braaf; goed; deugdzaam; rechtschapen
温順 onjun (1) zachtaardig; zachtmoedig; zachtzinnig; meegaand; inschikkelijk; toegeeflijk; braaf; soepel; gedwee; volgzaam; gewillig; (2) [気候が~] mild
直々 naonao keurig; netjes; braaf; rechtschapen
神妙な shinmyōna (1) mak; gedwee; volgzaam; tam; meegaand; braaf; (2) bewonderenswaardig; lovenswaardig; lofwaardig; prijzenswaardig; loffelijk; verdienstelijk; aanbevelenswaardig; (3) trouw; getrouw; loyaal
神妙に shinmyōni (1) mak; gedwee; volgzaam; tam; meegaand; braaf; (2) bewonderenswaardig; lovenswaardig; lofwaardig; prijzenswaardig; loffelijk; verdienstelijk; aanbevelenswaardig; (3) trouw; getrouw; loyaal
神妙 shinmyō (1) mak; gedwee; volgzaam; tam; meegaand; braaf; (2) bewonderenswaard; bewonderenswaardig; lovenswaardig; lofwaardig; prijzenswaardig; loffelijk; verdienstelijk; aanbevelenswaardig; (3) trouw; getrouw; loyaal
素直 sunao (1) braaf; gedwee; zoet; gehoorzaam; volgzaam; inschikkelijk; meegaand; mak; dociel; smijdig; gewillig; gezeglijk; handelbaar; zacht; zachtaardig; goedwillig; [i.h.b.] open; openhartig; eerlijk; naïef; (2) ongekunsteld; ongemaakt; ongemaniëreerd; ongedwongen; natuurlijk; oprecht; rechtuit; eenvoudig
素直な sunaona (1) braaf; gedwee; zoet; gehoorzaam; volgzaam; inschikkelijk; meegaand; mak; dociel; smijdig; gewillig; gezeglijk; handelbaar; zacht(aardig); goedwillig; [i.h.b.] open; [i.h.b.] eerlijk; [i.h.b.] openhartig; [i.h.b.] naïef; (2) ongekunsteld; ongemaakt; ongemaniëreerd; ongedwongen; natuurlijk; oprecht; eenvoudig
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.55 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 16 treffers (zoekopdracht: 'braaf'). 
2005-2026