
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
tandoku・單獨
(単独) zn. onafhankelijkheid v. ¶ 單獨の onafhankelijk; op zichzelf staand. ¶ 單獨で alleen; afzonderlijk; onafhankelijke; (俗) op eigen houtje. ¶ 單獨媾和 afzonderlijke vrede. ¶ 單獨海損 averij particulier.
jibun・自分
unw. zelf ¶ 自分の eigen. ¶ 自分で zelf; persoonlijk; in eigen persoon. ¶ 自分勝手 egoïsme; zelfzucht; eigenzinnigheid. ¶ 自分勝手に naar zijn eigen inzicht; (俗) op zijn eigen houtje. ¶ 自分きめの zelfbewust. ¶ 自分免許の met zichzelf ingenomen; zichzelf den titel gevend van; zich noemend. ¶ 自分の量見 eigen inzicht; discretie. ¶ 自分用 eigen gebruik. jiga も見よ.
TEKST EN UITLEG (trefwoord)
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <op eigen houtje>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
一人 hitori (1) één persoon; één iemand; eentje; (2) op z'n eentje; in z'n eentje; alleen; zelf; [inform.] in zijn uppie; op eigen houtje; op zijn eigen; solo; (3) [~…ない] niet louter en alleen …; niet enkel …
独り hitori (1) single; alleenstaande; vrijgezel; vrijgezellin; (2) op z'n eentje; in z'n eentje; alleen; zelf; [inform.] in zijn uppie; op eigen houtje; op zijn eigen; solo; (3) niet louter en alleen ~; niet enkel ~ [in combinatie met een negatie]
自発的に jihatsutekini spontaan; vanzelf; uit zichzelf; eigener beweging; uit eigen aandrang; uit vrije beweging; uit eigen beweging; uit vrije wil; uit eigen wil; op eigen initiatief; op eigen houtje; vrijwillig; ongedwongen; sponte (sua); proprio motu
Tijd: 1.44 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 3 treffers (zoekopdracht: 'op eigen houtje').
2005-2026
