
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
muyō・無用
zn. (1) [役に立たぬ事] nutteloosheid v. (2) [不必要] noodeloosheid v. ¶ 無用の nutteloos; noodeloos; onnoodig; ongewenscht. ¶ 無用の心配 noodelooze ongerustheid. ¶ 通行無用 ‘‘voor het verkeer gesloten’’; ‘‘afgesloten rijweg.’’ ¶ 無用の者入るべからず ‘‘geen toegang voor het publiek.’’ ¶ 御無用です ik heb niets voor u; ik kan u niet helpen; ik heb niets van u noodig. ¶ 開放無用 ‘‘deur dicht s.v.p.’’.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <toegang>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
アクセス akusesu (1) toegang; toegangsrecht; acces; (2) [comp.] access; toegankelijkheid
アプローチ apuroochi (1) benadering; aanpak; benaderingswijze; insteek; approach; (2) [golf] approach; slag vanaf de fairway richting green; (3) toegangsweg; toegang; oprit
エントランス entoransu (1) ingang; toegang; entree; (2) binnenkomst; intrede
上がり口 agariguchi (1) toegang; entree; ingang; (2) [山;階段の] voet; (3) [風呂場の] uitgang; (4) [事業の] neergang; achteruitgang; teruggang
入り口 iriguchi (1) ingang; toegang; deur; poort; havenmond; invaart; riviermond; mond; monding; (2) beginfase; aanvangsfase; begin van een zaak; eerste fase; eerste stap; eerste schrede
入り hairi (1) ingang; toegang; entree; [Belg.N.] inkom; (2) nauwte; engte
入場 nyuujou toegang; entree; intrede; acces
入所 nyuusho (1) [研究所;訓練所への] toegang; entree; (2) [刑務所への] opsluiting; internering; kerkering
出入り;出入 deiri (1) doorgang; toegang; heen-en-weergeloop; het komen en gaan (van bezoekers); intrede en aftocht; va-et-vient; (2) ontvangsten en uitgaven; inkomsten en uitgaven; (3) overschot of tekort; surplus of deficit; iets meer of minder; (4) het (als klant) over de vloer komen; [m.b.t. winkel] aanloop; (5) ruzie; conflict; herrie; twist; krakeel; [euf.] onenigheid; [inform.] kift; (6) [m.b.t. kustlijn] insnijdingen
出入口;出入り口 deiriguchi deuropening; deurgat; in- en uitgang; doorgang; toegang; entree en exit; in- en uitrit
口 guchi -uitgang; -ingang; -poort; -toegang
戸 ko (1) toegang; toegangsdeur; deur; (2) huis; woning; gezin; (3) [ritsuryō] huishouden; huisgezin; (4) [maatwoord voor huizen;gezinnen]; (a) toegang; deur; (b) huis; gezin; (c) drankverbruik
殿上 tenjou (1) paleis; [i.h.b.] ten paleize; (2) keizershof; hof; [i.h.b.] ten hove; (3) hofhal; (4) keizerlijke kanselarij; (5) toegang; acces tot de hofhal; privilege van keizerlijke audiëntie; audiëntierecht; (6) hofedele met audiëntierecht
立入り tachiiri toegang; het betreden
関 kan (1) controlepost; tol; douane; (2) acupunctuur-; moxibustiepunt drie duimbreed onder de navel; (a) grendel van poorten of deuren; (b) controlepost; tol; (c) toegang; ingang; (d) organisch verbonden mechanisme; geleding; gewricht; (e) verbinding maken; betrokken zijn; (f) [afk.] regent
Tijd: 1.45 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 15 treffers (zoekopdracht: 'toegang').
2005-2026
