
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
otoko・男
zn. (1) [男子] man m.; volwassen man (大人) m. (下僕) bediende m.; knecht m.; mannelijkheid (男子の意氣) v. (2) [情夫] minnaar m. ¶ 男の mannelijk. ¶ 男盛り bloei van de mannelijke kracht; kracht van het leven. ¶ 男になる (女が) climacterische leeftijd bereiken. ¶ 今度の赤ちゃんは男ですか女ですか is het een jongen of een meisje? ¶ 男知らず maagdelijk.
seisui・盛衰
zn. voorspoed en tegenspoed; opkomst en achteruitgang; grootheid en val; bloei en verval; wisselvalligheden des levens.
kurui・狂ひ
zn. (1) [狂氣] krankzinnigheid v.; dolheid v. (2) [位置、形、順序等] wanorde v.; scheefheid (歪) v. ¶ 狂ひ咲き ontijdige bloei.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <bloei>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
壮年 sounen bloei; kracht; fleur van z'n leven; z'n topjaren
好況 koukyou gunstige omstandigheden; voorspoed; bloei; prosperiteit; (economische) welvaart; opbloei; levendige markt; hausse; hoogconjunctuur; boom
景気 keiki (1) wereld; dingen; zaken; tijden; (2) conjunctuur; toestand; gesteldheid van de economie; omstandigheden van de handel; marktsituatie; (3) welvaart; bloei; voorspoed
栄え sakae voorspoed; bloei; succes; glorie
栄華 eiga (1) voorspoed; bloei; pracht; luister; glorie; prosperiteit; (2) luxe; weelde; weelderigheid
繁盛 hanjou bloei; succes; voorspoed
繁華 hanka (1) bloei; voorspoed; prosperiteit; welvarendheid; drukte; bedrijvigheid; (2) florerend; gedijend; bloeiend; tierend; florissant; welvarend; goedlopend; druk; tierig; bruisend; bedrijvig
興隆 kouryuu (1) bloei; opbloei; opkomst; opgang; opleving; hoge vlucht; (2) Xīnglóng
開花 kaika bloei; efflorescentie; ontluiking
隆盛 ryuusei (1) voorspoed; bloei; welvaren; (2) voorspoedig; bloeiend; welvarend; goed gedijend; goedlopend; florerend; florissant
Tijd: 1.77 sec. jiten.nl: 7 treffers, warandict: 10 treffers (zoekopdracht: 'bloei').
2005-2026
