日蘭辭典+

37 resultaten voor ‘jeugd’
日蘭辭典 (trefwoord)
kodomo子供
zn. kind o.; jongen (男) m.; meisje (女) o. ¶ 子供の時 kinderjaren; kindsheid; prille jeugd. ¶ 子供らしい kinderachtig. ¶ 子供の如き kinderlijk. ¶ 子供を産む een kind krijgen; bevallen. ¶ 子供なき kinderloos. ¶ 子供だまし iets om kinderen zoet te houden; kinderachtig troostmiddel. ¶ 子供好き liefde voor kinderen.
toki
zn. (1) [時間] tijd m.; uur o. (2) [瞬間] oogenblik m. (3) [期] tijd m.; gelegenheid v. (4) [場合] geval o. (5) [時代] periode v.; tijdperk. (6) [季節] seizoen o. (7) [期限] termijn m.(8) [文法の] tijd m. ¶ 十の op tienjarigen leeftijd. ¶ に應じて al naar het uitkomt. ¶ に合ふ gelegenheid afwachten. ¶ を待つ tijd besteden. ¶ を誤らずに來る stipt op tijd komen. ¶ 外れの ontijdig; ongelegen. ¶ の toenmalig; van dien tijd. ¶ に toen; als; wanneer. ¶ 丁度よいに juist bij tijds. ¶ 私が子供のに toen ik nog een kindwas; in mijn jeugd. ¶ には in geval van; gesteld, dat ...... ¶ としては soms; van tijd tottijd.
karaから
vz. (1) [分離] van; uit. (2) [より] van. (3) [出所] van; uit. (4) [起源] met; van. (5) [通過の意] langs (bw.); door; via. (6) [原料, 材料] van; uit; met. (7) [時] sinds; sedert; van; om. (8) [方角] in. (9) [原據] van uit. (10) [から] door; van. vw. (11) [原因] omdat; vz. door; ten gevolge van. (12) [距離] van. ¶ 上から van boven. ¶ から van den morgen tot den avond; den geheelen dag. ¶ 此の見地からすれば van dit standpunt bezien. ¶ 病氣だから wegens ziekte. ¶ 子供の時から sinds zijn jeugd. ¶ 九時から始まります het begint om negen uur. ¶ それはから出來てゐる dit is van ijzer gemaakt. ¶ 火事はどこから出たのか waar is de brand begonnen?
haru
zn. lente v. ¶ 人生の春 de lente des levens; de jeugd. ¶ 春を解する huwbaren leeftijd bereiken. ¶ 春を鬻ぐ gunsten verkoopen; zich prostitueeren.
furyō不良
bn. (1) [劣等] slecht; inferieur. (2) [罪悪] misdadig; slecht; demoraliseerd. ¶ 不良品 minderwaardige artikelen. ¶ 不良の健康 slechte gezondheid. ¶ 不良少年 misdadige jeugd.
kyōho窺探

zn. luiers v.mv.; luren v.mv. ¶ 窺探の中より sinds de prille jeugd. ¶ 窺探の恩 verplichting tegenover zijn ouders.

yōsha幼者

(幼者) zn. kind m.; minderjarige m. & v.; de jeugd v.

yōshō幼少
yōnen幼年

zn. kindsheid v.; prille jeugd v.; kindertijd m. ¶ 幼年勞働 kinderarbeid.

yōji幼時
yōchi幼稚

zn. kindertijd m.; kindsheid v.; eerste jeugd v.; kinderjaren o.mv. ¶ 幼稚の kinderlijk. ¶ 幼稚園 fröbelschool; bewaarschool.

zn. kindsheid v.; prille jeugd v. ¶ 幼にして in zijn prille jeugd.

wakazakari若盛

zn. bloei der jeugd; de beste jaren o.mv.

wakasa若さ

zn. jeugd v.; jonge leeftijd m.

wakai若い

bn. (1) [若い] jong; jeugdig. (2) [未熟] onrijp; groen. (3) [年下] jonger. ¶ 若い時 jeugd; jongheid. ¶ 若い時から van jongsaf. ¶ 若い時は二度ない men is maar eens jong. ¶ 若者 jongmensch; jongeling. ¶ 若衆 jongmensch; jongelui (複數).

uchi

(内) zn. (1) [内部] binnenste o.; binnenkant o. (2) [家宅] huis o.; woning v. (3) [家族] familie v.; gezin o. (4) [夫] mijn man m. ¶ 内で thuis; binnenshuis; binnen. ¶ の中で onder; tusschen; in; te midden van. ¶ 内の者 mijn familie; mijn vrouw. ¶ 内に (在宅) thuis; in huis. ¶ の内に binnen. ¶ 今週の中に binnen deze week; van de week. ¶ 夜の中に gedurende de nacht. ¶ 時のたつ中に na verloop van tijd. ¶ 彈雨の中に onder een kogelregen. ¶ 近い中に eerstdaags; binnen kort. ¶ 若い中に in de jeugd; op jeugdigen leeftijd. ¶ 内ほどよい所はない oost west thuis best. ¶ 御主人はおうちですか is mijnheer thuis? ¶ 日の出ない中に vóór zonsopgang.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <jeugd>
ヤング yangu (1) jongeren; jongelui; jeugd; het jonge volkje; (2) Young; Edward [Engels dichter;1683-1765]; (3) Young; Arthur [Engels landbouwkundig econoom;1741-1820]; (4) Young; Thomas [Engels medicus;fysicus en archeoloog;1773-1829]
ユース yūsu (1) jeugd; (2) jeugdherberg; (3) gebruik
児童 jidō (1) (onmondig) kind; onvolwassene; [verzameln.] jeugd; (2) [jur.] minderjarige
子弟 shitei (1) kinderen; telgen; (2) jongeren; jeugd
少年 shōnen (1) jongen; knaap; jongeling; jong; knul; [inform.] joch; (2) minderjarige; [attr.] jeugd-; [attr.] kind(er)-
年少 nenshō jeugd; jeugdigheid; [~の] jong; jeugdig
幼年 yōnen (1) jonge; vroege leeftijd; kinderjaren; kindertijd; kinderleeftijd; kindsheid; jeugd; [男性の] jongenstijd; jongensjaren; [女性の] meisjesjaren; (2) kind; [男性の] jongen; [女性の] meisje
弱小 jakushō (1) jeugd; jeugdigheid; jonge leeftijd; (2) zwak; klein; minder
弱年 jakunen jeugd; jonge leeftijd
shun (a) lente; (b) nieuwjaar; (c) jeugd; (d) wellust; geslachtsdrift; (e) tijden
haru (1) lente; voorjaar; [gew.] uitkomen; [gew.] uitkom; (2) nieuwjaar; (3) [fig.] lente; jeugd; lentetijd; (4) kalverliefde; prille seksuele gevoelens; (5) seksualiteit; geslachtsliefde; zinnelijkheid; seks; [fig.] Venus; (6) [eigenn.] Frühlingssonate [werk van Beethoven]; (7) [eigenn.] Primavera [doek van Botticelli]
花盛り hanazakari op z'n best; mooist; in volle bloei; op het hoogtepunt van; rijk in bloei; in de kracht van z'n leven; jeugd; in de bloei van haar leven; in de bloei van zijn jaren; in haar lente; in de lente van haar leven; bloeiperiode van de jeugd; [fig.] het waas van de jeugd
若き wakaki jongere; jongmens; jongeling; [verzameln.] jeugd; jongelui; jonge mensen
若さ wakasa jeugd; jeugdigheid; het jong-zijn; jonge jaren
若年層 jakunensō jongelui; jeugd; jonge generatie
若者 wakamono jongere; jongmens; jongeling; [verzameln.] jeugd; jongelui; jonge mensen; jonge mannen en vrouwen
青少年 seishōnen jongeren; jongelui; jonge mensen; jeugdige personen; jong volk; jeugd; jonge generatie; aankomende generatie; jongelieden; jeugdigen; [uitdr.;scherts.] spes patriae
青年 seinen jongere; jongvolwassene; adolescent; jeugdige; [verzameln.] jonge generatie; [verzameln.] aankomende generatie; [verzameln.] jongelui; [verzameln.] jong volk; [verzameln.] jonge mensen; [verzameln.] jeugdige personen; [verzameln.] jongelieden; [verzameln.] jeugd; [verzameln.;uitdr.;scherts.] spes patriae
青年期 seinenki jonge jaren; jeugd; adolescentie; jongelingsjaren
青春 seishun jeugd; jeugdigheid; jonge jaren
sei (a) blauw; (b) jeugd; (c) oosten; (d) geschrift; boek
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.6 sec. jiten.nl: 16 treffers, warandict: 21 treffers (zoekopdracht: 'jeugd'). 
2005-2026