日蘭辭典+

18 resultaten voor ‘stapel’
日蘭辭典 (trefwoord)
yama
zn. (1) [山] berg m.; heuvel m. (2) [鑛山] mijn v. (3) [堆積] hoop m.; stapel m. (4) [投機] speculatie v. (5) [絶點] hoogtepunt o. (6) [終局] resultaat o. ¶ 山の多い bergachtig. ¶ 帽子の山 bol van hoed. ¶ 山をやる speculeeren. ¶ 山で買ふ op speculatie koopen.
yakebokui燒木杭

(焼木杭) zn. halfverbrande stapel hout. ¶ 燒木杭は火がつき易い op oud ijs vriest het licht.

tsumikasane積重

(積み重ね) zn. hoop m.; ophooping v.; stapel m.; opstapeling v. ¶ 積重ねる ophoopen; opstapelen.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <stapel>
スタック sutakku (1) stapel; hoop; (2) [comp.] stack; stapelgeheugen
下積み shitazumi (1) onderste stapel; laag; onderlaag; bodem van een hoop; stapel; (2) onderklasse; lagere klasse; (3) de kleine man; mensen van de lagere klasse
二段 nidan (1) de op één na belangrijkste zaak; (2) stapel-; … met twee verdiepingen
二段の nidanno stapel-; … met twee verdiepingen
堆積 taiseki opeenstapeling; opstapeling; opeenhoping; ophoping; accumulatie; stapel; hoop; sedimentatie; afzetting; aanzetting; aanslibbing
山盛り yamamori (1) stapel; berg; hoop; massa; boel; (2) volle maat; [~の] volle (theelepel; kom enz.)
yama (1) berg; gebergte; beboste bergen; bergwoud; bergbos; [vliegert.] knots; (2) aardhoop; aardverhoging; terp; (kunstmatige) heuvel; ophoging; hoogte; [Mal.] boekit; (3) begraafplaats; kerkhof; tumulus; (keizerlijke) grafheuvel; grafterp; (4) mijn; kolenmijn; (5) hoop; stapel; tas; portie; [m.b.t. fruit] partij; [m.b.t. hooi] mijt; [m.b.t. steenslag] kits; [m.b.t. vlas] schelf; [m.b.t. slagroom] toef; zwelling (ten gevolge van een cauterisatiebehandeling); (6) top; bovendeel [bv. bol van een hoed;kop van een schroef;knop op een helm]; (7) hoogtepunt; climax; piek; uitschieter; spits; toppunt; apogeum; zenit; ontknoping [van een stuk]; apotheose; [m.b.t. vertoning] klapstuk; summum; culminatiepunt; keerpunt; uur van de waarheid; moment suprême; finest hour; momentum; beslissend ogenblik; het beste dat men kan doen; (8) wissel op de toekomst; speculatie; giswerk; gok [bv. op de gok blokken]; de sprong [wagen]; sprong in het duister; ongewisse; waagstuk; gissing; bluf; humbug; schijnvertoon; bombast; (9) hevigheid; intensiteit; ergheid; (10) massa; boel; bende; groot aantal; drom; menigte; (11) rots; toeverlaat; idool; voorbeeld; (12) praalwagen in de vorm van een berg; (13) valkuil om evers of herten te vangen; (14) lichtekooi; prostituee; (15) voorraadtekort [i.h.b. tekort aan levensmiddelen]; het uitverkocht zijn; het niet voorhanden zijn; (16) slangwoord voor "misdrijf"; (17) naam voor de Enryakuji 延暦寺 op de Hieizan 比叡山; [i.h.b.] de Hieizan; (18) [maatwoord voor bergen;en i.h.b. bergbossen en mijnen]; (19) [maatwoord voor een voorgeschotelde portie;stapeltje fruit enz.]; (a) berg-; wilde … [voorvoegsel aan een planten- of dierennaam dat aangeeft dat het de wilde variëteit of bergsoort van het grondwoord betreft]; (b) [schertsend;vrijwel betekenisloos achtervoegsel bij bepaalde werkwoorden en adjectieven;werd in de Edo-tijd onder bon-vivants gebruikt]
打ち込む uchikomu (1) drijven in; indrijven; aandrijven; slaan in; inslaan; aanslaan; heien in; inheien; hameren in; inhameren; [fig.] prenten in; [fig.] inprenten; [m.b.t. beton] storten in; [m.b.t. data] invoeren; stoppen in; intikken; intypen; (2) opgaan in; zich er geheel aan wijden; zich met hart en ziel toeleggen op; zich overgeven aan; zich geven aan; dwepen met; [m.b.t. liefde] vallen op; voor; zwaar verliefd worden op; smoor; stapel; verzot; gek; dol zijn op; weg zijn van; (3) slaand doen komen in; [sportt.] smashen in; [w.g.] inschieten; [mil.] vuren (in; op); [mil.] schieten in; [m.b.t. kogel] jagen in; [meton.] (lood) pompen in; (4) [m.b.t. kendo] (onverhoeds) aanvallen; treffen; (5) [m.b.t. go] z'n schijf binnen de formatie van de tegenspeler plaatsen; terrein van de tegenspeler invallen; (6) [honkb.] een werper uitschakelen; vele hits scoren
沢山 takusan (1) veel; een groot aantal; een menigte; een grote hoeveelheid; menig; heel wat; plenty; zat; een heleboel; een hoop; stapel; berg; zee van; massa; talrijk; massa's; horden; zeeën; [inform.] tig(-tal); (2) veel; heel wat; in overvloed; bij hopen; rijkelijk; overvloedig; in grote aantallen; hoeveelheden; in; bij groten getale; [form.] in menigvoud; (3) voldoende; genoeg; goed genoeg; toereikend; [i.h.b.] meer dan genoeg
熱々 atsuatsu (1) zwaar; razend; waanzinnig; dodelijk; tot over de oren; hartstochtelijk verliefd; smoorverliefd; dolverliefd; smoor; stapel; (2) [cul.] gloeiend; kokend; stomend heet
積み重なり tsumikasanari (1) opeenstapeling; opstapeling; opeenhoping; ophoping; accumulatie; (2) stapel; hoop
積み重ね tsumikasane hoop; stapel; berg; opeenstapeling; opstapeling; opeenhoping; ophoping; accumulatie; verzameling
rin (1) wiel; rad; (2) ring; krans; kring; (3) bloemkroon; [i.h.b.] bloeiende bloem; (4) [muz.] rinnote-aanslag [= afwisselend trage en snelle aanslag op de koto]; (5) boord aan de hals; mouwen of panden van kledingstukken; (6) [scheepv.] stapel; (7) [boeddh.] cakraratana [= wiel als liturgisch instrument]; (8) [boeddh.] dharmacakra [= wiel van de dharma]; (9) [maatwoord voor wielen]; (10) [maatwoord voor ringen;kransen;kringen]; (11) [maatwoord voor bloesems;bloemen;bloemkransen]; (a) wiel; rad; (b) rand; (c) omloop; ronde; (d) [boeddh.] cakra; [i.h.b.] vijf elementen; (e) bloem
造船台 zōsendai stapel; scheepshelling
重ね kasane (1) stapel; hoop; (2) laag; (3) dubbele laag kleren; (4) stel kleren; stel boven- en ondergoed; (5) [刀身の] dikte; (6) [Jap.rel.] kasanemochi [= spijsoffer van (twee) op elkaar geplaatste rijstedeegballetjes]; (7) [Jap.Barg.] kast; (8) [maatwoord voor gestapelde;gelaagde voorwerpen;jūbako;kagamimochi;sonaemochi;kasanemochi;zitkussens;kosode e.d.]
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.48 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 15 treffers (zoekopdracht: 'stapel'). 
2005-2026