
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
kyōkin・胸襟
zn. hart o.; boezem m. ¶ 胸襟を開く zijn hart blootleggen; zich ontboezemen.
uchiakeru・打明ける
(打ち明ける) t.w. blootleggen; ronduit vertellen; openbaren; bekennen. ¶ 意中を打明ける zijn hart uitstorten. ¶ 內事を打明ける geheim toevertrouwen. ¶ 打明けて openhartig; ronduit.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <blootleggen>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
ばらす barasu (1) afbreken; demonteren; uit elkaar halen; opbreken; slopen; (2) doden; vermoorden; vellen; doodsteken; neersteken; afmaken; liquideren; elimineren; uit de weg ruimen; van kant maken; koud maken; naar de andere wereld helpen; [Barg.] mollen; (3) verkopen; van de hand doen; (4) goedkoop verkopen; voor een zacht prijsje van de hand doen; dumpen; voor afbraak verkopen; (5) speculatief verkopen van rijst; (6) onthullen; bekendmaken; verraden; verklappen; klikken; verklikken; aan het licht brengen; openbaren; openbaar maken; blootleggen; [veroud.] uitbrengen; (7) [hengelsp.] aan de haak geslagen vis laten ontsnappen
吐露する torosuru blootleggen; openleggen; uiten; uitdrukken; lucht geven aan; luchten
抉り出す eguridasu (1) uitscheppen; uithollen; uitgutsen; uitsteken; uitboren; uitschrapen; uitkrabben; (2) [fig.] aan het licht brengen; uitbrengen; onthullen; voor de dag halen; naar boven brengen; naar; aan de oppervlakte brengen; openbaren; blootleggen
抉る eguru (1) uithollen; uitdiepen; uitboren; boren; uitgutsen; uitsteken; (2) [心を] aangrijpen; aanpakken; ten zeerste raken; treffen; grieven; op z'n ziel trappen; (3) aan het licht brengen; uitbrengen; onthullen; blootleggen; uitvorsen; tot op de bodem uitspitten
掘り起こす horiokosu (1) omgraven; omwerken; omwoelen; omspitten; omwroeten; opbreken; afgraven; (2) opgraven; opdelven; opengraven; oprakelen; uitgraven; rooien; blootleggen; voor de dag halen
摘出する tekishutsusuru (1) uitpikken; uitkiezen; selecteren; (2) [geneesk.;chir.] (operatief) verwijderen; extraheren; wegsnijden; uitsnijden; wegnemen; uitpellen; excideren; reseceren; extirperen; enucleëren; (3) onthullen; bekendmaken; aan het licht brengen; blootleggen; openbaren; (4) extraheren; excerperen; uithalen; uitknippen
摘発する tekihatsusuru onthullen; openbaar maken; publiek maken; bekendmaken; aan het licht brengen; blootleggen
明らかにする akirakanisuru (1) duidelijk maken; verhelderen; duidelijk doen uitkomen; aanschouwelijk maken; releveren; expliciteren; licht werpen op; klaarheid brengen in; (2) aan het licht brengen; naar buiten brengen; uitbrengen; voor de dag komen met; openbaren; onthullen; blootleggen; bekendmaken; openbaar maken; aankondigen; (3) verklaren; uitleggen; uiteenzetten; toelichten; ophelderen; expliceren
明るみに出す akaruminidasu aan het licht brengen; voor de dag halen; aan de openbaarheid prijsgeven; in de openbaarheid brengen; openbaarheid; publiciteit geven; openbaren; bekendmaken; openbaar maken; publiek maken; bekendheid geven; blootleggen; onthullen; iets uit de doeken doen; onthullingen doen over
暴き出す abakidasu oprakelen; voor de dag halen; aan het licht brengen; onthullen; ontmaskeren; openbaren; blootleggen; bekendmaken
暴く abaku onthullen; openbaren; bekendmaken; aan het licht brengen; blootleggen; [墓を] openen; openbreken; schenden
暴露する bakurosuru (1) onthullen; openbaren; ontsluieren; openleggen; blootleggen; reveleren; aan het licht; daglicht brengen; ontmaskeren; voor de dag halen; [m.b.t. geheim] prijsgeven; verraden; (2) blootstellen; [fotografie] exposeren
洗い出す araidasu (1) identificeren; achterhalen; diepgaand onderzoeken; blootleggen; oprakelen; (2) wassend tevoorschijn brengen
素っ破抜く suppanuku (1) onthullen; openbaren; bekendmaken; openbaar maken; aan het licht brengen; blootleggen; blootgeven; verraden; verklappen; verklikken; ontmaskeren; een boekje opendoen over; (2) plots een zwaard trekken
開け放す akehanasu (1) [窓を] opengooien; [戸を] openzetten; openstellen; openen; (2) [fig.] rond voor iets uitkomen; open kaart spelen; kaart op tafel spelen; z'n kaarten op tafel leggen; blootleggen
露出する roshutsusuru (1) dagzomen; te voorschijn treden; aan het licht komen; bloot komen liggen; aan de oppervlakte komen; (2) blootstellen; blootgeven; blootleggen; openleggen; ontbloten; onthullen; exponeren; exposeren; aan het licht brengen
Tijd: 1.45 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 16 treffers (zoekopdracht: 'blootleggen').
2005-2026
