
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
koshirae・拵へ
(拵え) zn. (1) [作り] maaksel o.; constructie; bouw m. (2) [化粧] toilet o.; grime (役者の) v. (3) [服裝] kleedij v. ¶ 拵へ方 bereidingswijze. ¶ 拵へ事 verzonnen verhaal; doorgestoken kaart. ¶ 拵へ物 namaaksel; imitatie.
kōtei・工程
zn. constructie werk o.; voortgang van het werk.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <constructie>
アーキテクチャ ākitekucha architectuur; bouwkunde; bouwkunst; bouwstijl; opbouw; constructie
アーキテクチャー ākitekuchā (1) architectuur; bouwstijl; opbouw; constructie; (2) [comp.] architectuur; conceptuele structuur
アーキテクチュア ākitekuchua architectuur; bouwkunde; bouwkunst; bouwstijl; opbouw; constructie
ストラクチャー sutorakuchā (1) structuur; bouw; samenstel; samenstelling; (2) bouwwerk; constructie; bouwsel
作り方 tsukurikata (1) bereidingswijze; productiemethode; constructiemethode; receptuur; recept; (2) uitvoering; makelij; maaksel; constructie; formatie; bouw; structuur; stijl; (3) [landb.] teelwijze; (4) [bouwk.] bouwstijl
作り;造り tsukuri (1) bouw; constructie; makelij; factuur; afwerking; uitvoering; (2) bouw; cultuur; teelt; kweek; [庭の] aanleg; (3) stijl; presentatie; toilet; [i.h.b.] kledingstijl; kleedstijl; (4) plakjes verse rauwe vis; sashimi
作図 sakuzu (1) het tekenen; (2) [meetk.] constructie; (3) [meetk.] meetkundige figuur
工事 kōji werken; bouw; bouwwerken; bouwwerkzaamheden; constructie
工作 kōsaku (1) handwerk; handenarbeid; handvaardigheid; knutselwerk; (2) constructie; bouw; (3) zet; manoeuvre; maneuver; stap; kunstgreep; handgreep; gemanoeuvreer; gelobby
建て tate (1) [beurst.] contract; (2) [beurst.] ter beurze genoteerd aandeel; genoteerde effecten; (3) [beurst.] open positie; noch niet gladgestreken contract; (a) bouw-; constructie-
建築 kenchiku (1) bouw; opbouw; constructie; oprichting; aanbouw; (2) gebouw; bouwwerk; bouwsel; (3) architectuur; bouwkunst
建築物 kenchikubutsu gebouw; bouwwerk; bouwsel; constructie
建築部材 kenchikubuzai [bouwk.] bouwelement; constructie-element
建設 kensetsu (1) bouw; opbouw; aanbouw; aanleg; constructie; oprichting; het slaan (van een brug); (2) oprichting; vestiging; stichting; het instellen; instelling
建造 kenzō bouw; het bouwen; opbouw; aanbouw; constructie
建造物 kenzōbutsu bouwwerk; bouwsel; constructie
敷設;布設;鋪設 fusetsu (1) aanleg; (2) bouw; aanbouw; constructie
普請 fushin (1) bouw; constructie; (2) kasteelbouw; (3) [zenboeddh.] verplichte aanwezigheid
構成 kōsei (1) het maken; vorming; bouw; constructie; samenstelling; constitutie; compositie; (2) het organiseren; organisatie; het op poten zetten; het op touw zetten; (3) [chem.] moleculenconfiguratie
構築 kōchiku bouw; constructie; aanleg
構築物 kōchikubutsu constructie; bouwwerk; structuur; bouwsel
構造 kōzō (1) bouw; constructie; het maken; (2) kader; geraamte; raamwerk; frame; dragende constructie; (3) organisatie; structuur; (4) [maatwoord voor constructies;structuren]
築造 chikuzō bouw; constructie
組立て kumitate (1) assemblage; samenvoeging; montage; (2) structuur; bouw; constructie; compositie; samenstelling; (3) systeem; organisatie
組織 soshiki (1) organisatie; inrichting; (2) organisatie; structuur; formatie; samenstelling; vorming; inrichting; georganiseerdheid; opbouw; bouw; constructie; compositie; systeem; stelsel; (3) [biol.] weefsel; [i.h.b.] textuur; [i.h.b.] innerlijke structuur; (4) [maatwoord voor organisaties;structuren]
結構 kekkō (1) structuur; constructie; bouwsel; bouw; geraamte; kader; (2) steun; stut; spant; (3) opbouw (van een verhaal); plot; verwikkeling (van een verhaal); (4) goed; fijn; mooi; (5) prachtig; magnifiek; schitterend; (6) lekker; heerlijk; (7) ten zeerste; zeer; erg; geweldig; in hoge mate; ruimschoots; rijkelijk; overvloedig; buitengewoon; buitengemeen; enorm; geweldig; (8) aardig; nogal; tamelijk; vrij; vrij wat; redelijk; in redelijk hoge mate; behoorlijk; best
Tijd: 1.19 sec. jiten.nl: 5 treffers, warandict: 26 treffers (zoekopdracht: 'constructie').
2005-2026
