
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
osoroshii・恐しい
(恐ろしい) bn. (1) [怖い] vreeselijk; verschrikkelijk; ontzettend; angstwekkend; afgrijselijk. (2) [猛烈に] hevig; woest. bw. (3) [非常な] erg; ontzaggelijk. ¶ 恐しく寒いvreeselijk koud.
usukimiwarui・薄氣味惡い
(薄気味悪い) bn. angstwekkend; geheimzinnig; ijselijk.
SUPPLEMENT (trefwoord)
sugoi・凄い
(すごい、スゴイ) bn. (1) afschrikwekkend; benauwend; gruwelijk; huiveringwekkend. ¶ すごい目でにらむ sugoi me de niramu met een ijselijke blik aanstaren; met een schrikaanjagende blik aankijken. (2) ongewoon; verbazend; opmerkelijk; bewonderenswaardig; geweldig; excellent; fameus; fantastisch; ongelooflijk; ongehoord; verbluffend. ¶ すごい腕前 sugoi udemae opvallend bekwaam. ¶ 彼はすごい知識を持った人です。すなわち、生き字引です。 Kare wa sugoi chishiki wo motta hito desu. Sunawachi, ikijibiki desu. Hij beschikt over ongelooflijke kennis. Hij is een levende encyclopedie. (TTC) ¶ 彼の姉さんはすごい美人だ。 Kare no neesan wa sogoi bijin da. Zijn zus is een opmerkelijke schoonheid. (TTC) (tevens als uitroep van bewondering of emotie) ¶ へー、キーボード見ないで文字打てるんだ。スゴイわねー。♀ Hèè? kiiboodo minaide moji uterun da. Sugoi wa nèè. Hé, jij kunt tikken zonder te kijken naar het toetsenbord. Cool zeg! (TTC) (3) (zowel in negatieve als positieve zin) in ongewone mate; excessief; extreem; vreselijk; bovenmatig; ontstellend; ontzettend; uiterst; verdomd; zeer; erg; groot (aantal). 半時間ほどすごい土砂降りだった。Hanjikan hodo sugoi doshaburi datta. Een half uur lang hadden we een vreselijke stortregen; Het was een ontzettende stortbui van een half uur. (TTC) bw. ¶ 今日はすごく暑い。 Kyō wa sugoku atsui. Het is vandaag vreselijk warm. (TTC) ¶ 目が光に対してすごく敏感なのです。 Me ga hikari ni taishite sugoku binkan na no desu. Mijn ogen zijn enorm gevoelig voor licht. (TTC)
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <ijselijk>
とっても tottemo (1) heel; erg; zeer; zwaar; sterk; uiterst; aller-; dood-; oer-; bloed-; in-; hartstikke; vreselijk; uitermate; ontzettend; enorm; verschrikkelijk; afschuwelijk; ijzig; bar; stom-; criant; gruwelijk; bitter; crimineel; gruwzaam; fantastisch; geweldig; ontiegelijk; gemeen; drommels; verdomd; machtig; duivels; verbazend; ijselijk; verduiveld; mirakels; allemachtig; formidabel; ellendig; moorddadig; reusachtig; reuze-; ontzaglijk; vervaarlijk; kolossaal; onwijs; schreeuwend; stinkend; danig; volslagen; faliekant; [inform.;veroud.] verhipt; (2) [~ない] geenszins; volstrekt niet; hoegenaamd niet; bepaald niet; helemaal niet; lang niet; absoluut niet; ten enenmale niet; om de drommel niet; in het geheel niet; niet in het minst; in geen geval; in geen enkel opzicht; in genen dele; op geen stukken na; bijlange (na) niet
凄い sugoi (1) vreselijk; verschrikkelijk; afschuwelijk; ontzettend; gruwelijk; afgrijselijk; angstaanjagend; schrikwekkend; beangstigend; akelig; ijzingwekkend; ijselijk; huiveringwekkend; [form.] horribel; (2) enorm; geweldig; verbijsterend; verbluffend; verbazend; ongelofelijk; overweldigend; verpletterend; fantastisch; schitterend; indrukwekkend; buitengewoon; fabelachtig; formidabel; fenomenaal; [fig.] moorddadig; grandioos; immens; ontzaglijk; verbazingwekkend; ontzagwekkend; heftig; niet te zuinig!; wow!; wauw!; mieters!
凄惨 seisan verschrikkelijk; afschuwelijk; afgrijselijk; gruwelijk; akelig; eng; griezelig; ijselijk; ijzingwekkend; huiveringwekkend; afschuwwekkend; ontstellend
凄惨な seisanna verschrikkelijk; afschuwelijk; afgrijselijk; gruwelijk; akelig; eng; griezelig; ijselijk; ijzingwekkend; huiveringwekkend; afschuwwekkend; ontstellend
怖い;恐い kowai (1) angstig makend; beangstigend; angstwekkend; angstaanjagend; vreesaanjagend; vreeswekkend; vreselijk; verschrikkelijk; ontzettend [In deze betekenis van het adjectief is de persoon;het object of het verschijnsel dat angst inboezemt het onderwerp.]; (2) angst voelend; bang; angstig; bevreesd [In deze betekenis van het adjectief is de persoon die bang is het onderwerp.]; (3) griezelig; eng; huiveringwekkend; ijselijk; ijzingwekkend; macaber; sinister; luguber [In deze betekenis van het adjectief is de persoon;het object of het verschijnsel dat angst inboezemt het onderwerp;zoals in bet. 1.]
慄然 ritsuzen huiveringwekkend; ijzingwekkend; angstaanjagend; ijselijk; het is om van te rillen; horribel; schrikbarend
物凄い monosugoi (1) vreselijk; verschrikkelijk; eng; afschuwelijk; afgrijselijk; afgrijslijk; gruwelijk; akelig; beangstigend; angstaanjagend; affreus; schrikwekkend; vreeswekkend; afschuwwekkend; huiveringwekkend; ijselijk; ijzingwekkend; griezelig; luguber; naar; macaber; (2) onthutsend; ontstellend; ontzaglijk; ontzagwekkend; ontzettend; erg; verpletterend; enorm; overweldigend; ellendig; geducht; formidabel; reusachtig; hels; razend; [fig.] moorddadig; (3) geweldig; fantastisch; prachtig; knap; buitengewoon [goed]
白眼視する hakuganshisuru (1) blikogen; het oogwit laten zien; (2) onvriendelijk; wantrouwend; scheef; ijselijk; kil aankijken; schuins; met schele ogen aanzien; afkeurend bekijken
陰惨 insan verschrikkelijk; afschuwelijk; afgrijselijk; gruwelijk; vreselijk; grimmig; akelig; luguber; macaber; griezelig; huiveringwekkend; ijselijk; ijzingwekkend; afschuwwekkend; weerzinwekkend
Tijd: 1.26 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 9 treffers (zoekopdracht: 'ijselijk').
2005-2026
