日蘭辭典+

17 resultaten voor ‘zicht’
日蘭辭典 (trefwoord)
kasumi
zn. mist m.; waas o.; nevel m. ¶ 霞む mistig zijn; wazig zijn; dof worden. ¶ 目が霞む slecht van gezicht zijn; slechte oogen hebben; alles in waas zien.
yōkyū要求

zn. eisch m.; vordering v.; verlangen o.; verzoek o. ¶ 要求拂 betaalbaar op zicht. ¶ 要求に應じる aan een eisch voldoen; aan de behoefte beantwoorden. ¶ 要求を斥ける eisch afwijzen. ¶ 要求する verzoeken; vragen; eischen; vorderen. ¶ 要求者 eischer.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <zicht>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
ビュー byuu (1) uitzicht; gezicht; zicht; (2) bezichtiging; kijk; visie
光景 koukei (1) zicht; gezicht; schouwspel; tafereel; aanblik; (2) toestand; conditie; situatie; (3) landschap; uitzicht; zicht
mei (1) licht; helderheid; klaarte; (2) inzicht; scherpzinnigheid; (3) zicht; (a) helder; licht; klaar; (b) gaaf; schitterend; (c) dagen; dag worden; (d) duidelijk; klaar; (e) inzicht; scherpzinnigheid; (f) deze wereld; hiernumaals; (g) godheid
景色 keshiki (1) landschap; natuurschoon; (2) zicht; uitzicht; gezicht
景観 keikan uitzicht; zicht; aanblik; panorama; landschap; vista
目;眼 me (1) oog; doppen; kijkers; [kindert.] piepers; kijkerd; gaten; glimmers; [gew.;vulg.] keut; [Barg.] glimmerik; [Barg.] spanling; [Barg.;volkst.] lampjes; (2) het zien; gezicht; gezichtsvermogen; zicht; gezichtsveld; vizier; blik; oogopslag; kijk; optiek; gezichtspunt; oogpunt; zienswijze; inzicht; zorg; (3) aanzicht; aanblik; (4) ervaring; (5) opening; tussenruimte; (6) maatstreep; maat; (7) volume; inhoud; (8) foei; (9) -ste; -de [ordinaal suffix]; (10) [achtervoegsel dat een grens of raakvlak tussen twee zaken;toestanden e.d. markeert;het wordt aangesloten op de ren'yōkei van werkwoordsvormen]; (11) -ig [aangesloten op de stam van adjectieven of op de ren'yōkei van werkwoorden;drukt een mate;eigenschap of tendens uit die neigt naar het genoemde]
眺め;眺 nagame uitzicht; zicht; gezicht; vergezicht; aanblik
眺望 choubou uitzicht; vergezicht; zicht; gezicht; panorama
manako (1) oogpupil; pupil; (2) oogbal; oogbol; oogappel; [i.h.a.] oog; (3) kijk; visie; zicht; gezichtsveld; perspectief; [i.h.b.] inzicht; oordeelkundigheid; begrip; ervaring
見晴らし miharashi uitzicht; gezicht; zicht
mi (1) bezichtiging; (2) zicht; uitzicht
視力 shiryoku gezichtsvermogen; gezicht; zicht
視覚 shikaku gezicht; zicht
視野 shiya (1) gezichtsveld; zicht; blikveld; gezichtskring; (2) kijk; blik; opvatting; visie; zienswijze; opinie; denkwereld; denkbeeld; outlook; mentale horizon
kama sikkel; zicht; snoeimes; zeis
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.43 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 15 treffers (zoekopdracht: 'zicht'). 
2005-2026