日蘭辭典+

25 resultaten voor ‘eigenlijk’
日蘭辭典 (trefwoord)
ittai一體
(一体) zn. één lichaam o.; bw. per slot van rekening; eigenlijk; inderdaad; alles wel beschouwd. ¶ 一體に over het algemeen; alles samen genomen. ¶ 全國一體不作だ de oogst is slecht over het geheele land. ¶ この騷ぎ一體どうしたのか waar is nu eigenlijk al die deining over.
tsumari詰り

(詰まり) zn. einde o.; bw. ten slotte; waar het op neerkomt; eigenlijk; om kort te gaan; in ’t kort.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <eigenlijk>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
もとより motoyori (1) van bij het begin; van meet; het begin af aan; van oudsher; aanvankelijk; (2) oorspronkelijk; van oorsprong; in wezen; in origine; eigenlijk; (3) uiteraard; vanzelfsprekend; natuurlijk
アクチュアル akuchuaru werkelijk; eigenlijk; feitelijk; reëel
事実 jijitsu (1) feit; [Lat.] factum; feitelijkheid; werkelijkheid; realiteit; waarheid; (2) eigenlijk; feitelijk; in concreto; in facto; in feite; waarachtig; metterdaad; echt; werkelijk; in werkelijkheid; daadwerkelijk; inderdaad
事実上 jijitsujou feitelijk; in feite; de facto; in werkelijkheid; eigenlijk; om de waarheid te zeggen; [Belg.N.] effectief
元来 ganrai (1) oorspronkelijk; aanvankelijk; van oorsprong; in origine; van huis uit; (2) van nature; in se; (3) eigenlijk; in wezen; in principe; in de grond (van de zaak)
大体 daitai (1) grote lijnen; trekken; hoofdzaken; kern; essentie; hoofdgedachte; teneur; strekking; draad; hoofdlijnen; hoofdtrekken; hoofdpunten; grondtrekken; globaliteit; algemeenheid; algemeniteit; (2) gros; hoofdmoot; meerderheid; het meeste; grootste deel; grootste gedeelte; merendeel; leeuwendeel; (3) zogoed als; vrijwel; nagenoeg; praktisch; zogezegd; (4) over 't algemeen; globaal genomen; ruwweg; grofweg; over het geheel genomen; alles bij elkaar; globaliter; in grote lijnen; trekken; grotendeels; min of meer; (5) in se; als zodanig; in feite; eigenlijk; au fond; in de grond; (6) volslagen; volkomen; op-en-top
如何して doushite (1) waarom; waartoe; om welke reden; hoe komt het dat ~; (2) hoe; op welke wijze; hoezo; (1) wel; in feite; eigenlijk; feitelijk; (2) integendeel; juist niet
実の jitsuno werkelijk; waar; reëel; echt; eigenlijk
実は jitsuha om eerlijk te zijn; om de waarheid te zeggen; eerlijk gezegd; eigenlijk; feitelijk; in feite; in werkelijkheid
実を言えば jitsuwoieba eerlijk; ronduit gezegd; om (u) de waarheid te zeggen; de waarheid is; om eerlijk te zijn; eigenlijk; feitelijk; het is een feit dat
実際 jissai (1) [boeddh.] bhūtakoṭi [= ultieme realiteit]; (2) realiteit; werkelijkheid; (bestaande) situatie; toestand; ware toedracht; feitelijkheid; (3) praktijk; praktische kant; (4) echt; inderdaad; werkelijk; waarlijk; (5) eigenlijk; feitelijk; in wezen; in feite; in werkelijkheid; in praktijk; daadwerkelijk
文字通り mojidoori letterlijk; eigenlijk; woordelijk; tekstueel; naar de letter; in de letterlijke zin van het woord; woord voor woord; verbatim; woordgetrouw
haya (1) snelle rit; het aandrijven van een paard; (2) ijlbode; renbode; (3) [Barg.] snel vervoermiddel; (4) [Barg.] lucifer; (5) reeds; al; alweer; eerder; vroeger dan je zou verwachten; (6) vlug; gauw; spoedig; (7) eigenlijk; niets anders dan; louter; (a) snel; rap; vlug
本当に hontouni werkelijk; echt; waarlijk; hoe ~; heus; voorwaar; eerlijk; eigenlijk; feitelijk; inderdaad; in waarheid; in werkelijkheid; wel degelijk
本当に hontoni werkelijk; echt; waarlijk; hoe ~; heus; voorwaar; eerlijk; eigenlijk; feitelijk; inderdaad; in waarheid; in werkelijkheid; wel degelijk
本当の hontouno (1) echt; waar; waarachtig; werkelijk; feitelijk; eigenlijk; wezenlijk; effectief; reëel; onvervalst; authentiek; natuurlijk; (2) juist; correct; precies
本来 honrai (1) (in het) begin; van huis uit; (van) oorsprong; (in) origine; (in de) eerste plaats; (2) (in de) grond; (in) principe; (in) beginsel; (in) wezen; (3) aanvankelijk; oorspronkelijk; origineel; primair; (4) essentieel; principieel; fundamenteel; wezenlijk; eigenlijk; au fond; per se; op zichzelf; (5) normaliter; (van) nature; ~ van aard; in se; in eigenlijke zin; [i.h.b.] rechtmatig
本来の honraino (1) origineel; oorspronkelijk; natuurlijk; rechtmatig; eigenlijk; (2) wezenlijk; essentieel; intrinsiek; inherent
果して;果たして hatashite (1) zoals verwacht; inderdaad; dacht ik het niet; net wat ik dacht; uiteraard; (2) echt; werkelijk; eigenlijk
然るは saruha (1) maar; echter; eigenlijk; (2) bovendien; daarenboven; (3) toch; niettemin
生得 shoutoku (1) aard; karakter; (2) oorspronkelijk; van nature; van aard; in se; eigenlijk
第一 daiichi (1) belangrijkste ~; voornaamste ~; grootste ~; hoofd-; primair; ~ nummer een; leidend; (2) eerst(e); aanvangs-; begin-; (3) in de eerste plaats; om te beginnen; in eerste instantie; ten; als eerste; primo; voorop; bovenal; vooral; vóór alles; in elk geval; eigenlijk
自体 jitai (1) eigen lichaam; zichzelf; (2) zelf; (3) op zichzelf; in se; eigenlijk; in wezen
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.37 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 23 treffers (zoekopdracht: 'eigenlijk'). 
2005-2026