
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
agaku・足掻く
i.w. trappelen; stribbelen. ¶ 苦んであがく krimpen van de pijn.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <krimpen>
収縮する shūshukusuru krimpen; inkrimpen; zich samentrekken; contraheren
収 shū (a) invoeren; binnenhalen; (b) inkomen; opbrengst; (c) geregeld worden; convergentie; (d) krimpen; zich samentrekken
減る heru (1) afnemen; verminderen; krimpen; teruglopen; kleiner worden; minder worden; minderen; achteruitgaan; dalen; slinken; zakken; inkrimpen; [i.h.b.] slijten; verslijten; (2) terugdeinzen; terugschrikken; versagen [meestal in combinatie met een negatie]
減少する genshōsuru afnemen; teruglopen; dalen; verminderen; zakken; slinken; minderen; krimpen; achteruitgaan; vallen
縮まる chijimaru krimpen; (zich) samentrekken; inkrimpen; slinken; kleiner; korter worden; afnemen; inkorten; [niet alg.] verkorten
縮む chijimu (1) krimpen; schrompelen; inlopen; inkrimpen; (zich) samentrekken; [i.h.b.] verschrompelen; [i.h.b.] ineenschrompelen; [i.c.m. 日が] korten; korter worden; [i.c.m. サイズが] afnemen; kleiner worden; slinken; contraheren; [m.b.t. (wereld)record] (fig.) verscherpen; (2) [van angst enz.] ineenkrimpen; in elkaar kruipen; duiken; zich klein maken
詰まる tsumaru (1) vol(gepakt) raken; vollopen; (afgestampt) vol raken; afgeladen raken; (2) verstoppen; verstopt raken; dichtzitten; proppen; opproppen; vastlopen; vastraken; [i.c.m. 息が] stokken; blijven steken; (3) verlegen zitten om; in het nauw zitten; (4) korter worden; [i.c.m. 日が] korten; inkorten; verkorten; kleiner worden; inlopen; slinken; samentrekken; [i.c.m. 丈が] krimpen
Tijd: 1.27 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 7 treffers (zoekopdracht: 'krimpen').
2005-2026
