
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
kōwa・講話
zn. lezing v.; voordracht v. ¶ 講話する lezing houden. ¶ 講話者 spreker.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <spreker>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
スピーカ supiika (1) luidspreker; loudspeaker; (2) megafoon; [w.g.;zeew.] luidpraaier; (3) spreker; spreekster; (4) Speaker; [in het V.K.] voorzitter van het Lagerhuis; [in de V.S.] voorzitter van het Huis van Afgevaardigden
スピーカー supiikaa (1) luidspreker; loudspeaker; (2) megafoon; [w.g.;zeew.] luidpraaier; (3) spreker; spreekster; (4) Speaker; [in het V.K.] voorzitter van het Lagerhuis; [in de V.S.] voorzitter van het Huis van Afgevaardigden
演説家 enzetsuka spreker; redenaar; orator; retor
話者 washa spreker; verteller
講師 koushi (1) persoon die een lezing geeft; persoon die een voordracht geeft; spreker; (2) docent; lector
Tijd: 1.66 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 5 treffers (zoekopdracht: 'spreker').
2005-2026
