
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
ii・善、好、良、宜い
bn. (1) [良い] goed. (2) [美い] mooi; fraai. (3) [香、味] lekker; aangenaam. (4) [比較して] beter; verkieselijk. i.w. (5) [許可] mogen. telw. (6) [十分] genoeg. ¶ いい事を話して上げよう ik heb je goed nieuws te vertellen. ¶ 彼女は仲々姿がいい zij is een mooi meisje. ¶ 天氣がいい het is mooi weer; het is lekker weer. ¶ 此の花は香が良い deze bloem ruikt lekker. ¶ 氣持ちが好い ik voel mij lekker; ik ben goed geluimd. ¶ 今朝は氣持ちが少し良い ik voel me wat beter van morgen. ¶ 僕は梨子より林檎の方が好い ik houd meer van appels dan van peren. ¶ 彼が早く癒ればいい ik hoop, dat hij gauw beter wordt. ¶ 君は何時行ってもいい ge moogt gaan, wanneer ge wilt. ¶ 笑ったっていいぢゃないか waarom zou ik niet lachen?; mag ik soms niet lachen? ¶ 何かそれに良い藥はありませんか is daar een geneesmiddel tegen?; is er een middel, dat daar goed voor is? ¶ 明日は來なくてもいい je behoeft morgen niet te komen; niet noodig, dat je morgen komt. pp それは無くてもいい het is niet noodig; ik heb het niet noodig. ¶ それでいい laat maar; het is al genoeg.
me・目
(眼) zn. (1) [眼] oog o. (2) [視力] gezicht o. (3) [注目] aandacht v. (4) [見界] gezichtspunt o.; oogpunt o. (5) [鑑識] oordeel o.; verstand o. (6) [織目] structuur v. (7) [網目] mazen v.mv. (8) [鋸齒] tand m. (9) [木理] draad m.; grein o. (10) [遭遇] behandeling v.; bejegening v.; ervaring v. [同情] sympathie v.; welwillendheid v. (12) [刻目] inkeping. ¶ 愛くるしい眼 mooie oogen. ¶ 血走った目 met bloed beloopen oogen. ¶ 眼を向ける het oog richten op; den blik slaan op. ¶ 眼を覺ます de oogen openen; wakker worden. ¶ 眼を晦ます zand in de oogen strooien. ¶ 目に入る in het gezicht komen. ¶ 目に附く de aandacht trekken. ¶ 目の前で voor oogen; in tegenwoordigheid. ¶ 目が善い goede oogen hebben; goed kunnen zien; goed van gezicht zijn. ¶ 眼が見えなくなる het gezicht verliezen. ¶ 眼を留める de aandacht vestigen op. ¶ 彼の目から見ると in zijn oogen; van zijn standpunt gezien. ¶ 目が利く scherp zien; een goed oordeel hebben; goed kunnen beoordeelen. ¶ 目の細かな織物 fijn geweven goed. ¶ ひどいめに合ふ bittere ervaring hebben; slechte bejegening ondervinden. ¶ 目をかける vriendelijk behandelen. ¶ 目の上の瘤 een doorn in het oog; ergernis. ¶ 目に障る niet om aan te zien. ¶ 秤の目 inkepingen in den weegstok. ¶ 目が切れて居る niet het volle gewicht hebben; te licht zijn.
mottainai・勿體ない
kuchiguruma・口車
zn. mooie praatjes o.mv.
zekka・絕佳
zn. zeldzame schoonheid v. ¶ 絕佳の buitengewoon mooi; onovertreffelijk.
yoi・好い
bn. (1) [善良] goed. (2) [より良い] beter. (3) [美なる] mooi; fraai. (4) [好ましい] lief; aangenaam; prettig. (5) [十分] voldoende. (6) [正しい] juist; oprecht. (7) [許可] geoorloofd. i.w. (8) [構はぬ] komt er niet op aan; doet er niet toe; laat maar. ¶ 好い天氣 mooi weer. ¶ 胃によい goed voor de maag. ¶ しなくてもよい niet noodig om te doen; onnoodig. ¶ よい樣にする doen als men wil; eigen zin volgen. ¶ 外出してもよいか mag ik uitgaan? ¶ 今日來ればよいが ik hoop maar, dat hij vandaag komt. ¶ 君と一緒に行つてもよい ik heb er geen bezwaar tegen met je mee te gaan.
utsukushii・美しい
bn. mooi; fraai; prachtig; lief; bekoorlijk.
SUPPLEMENT (trefwoord)
kiiro・黄色
zn. geel ¶_市販のバナナはきれいな黄色をしているが、それはもともと 緑だったバナナに化学薬品を撒いた上で、果実を熟成させたものである De bananen die verkocht werden waren mooi geel, maar het het ging om [producten] die gerijpt waren door de oorspronkelijk groene bananen te besprenkelen met een chemisch middel. ¶ 何日か経過するとバナナは黄色になり、柔らかくなる。 Nadat er een aantal dagen was verstreken werden de bananen geel en zacht.
SUPPLEMENT (trefwoord)
schoonheid
znw. (de) (1) [hoedanigheid] 美 bi; 美しさ utsukushisa. ¶ この庭の美しさは自然より人工のおかげだ。 Kono niwa no utsukushisa wa shizen yori jinkō no okage da. De schoonheid van deze tuin is meer het resultaat van mensenwerk dan van de natuur. ¶ その湖の美しさは言葉では言い表せないほどであった。Sono mizuumi no utsukushisa wa kotoba de iiarawasenai hodo de atta. Het meer was zo mooi dat het niet in woorden uit te drukken was; De schoonheid van het meer was onbeschrijfelijk. (TTC) (2) [persoon, meest vrouwelijk] 美人 bijin; 美女 bijo. [adonis] 美男 binan. ¶ マドンナは美人だ。 Madonna wa bijin da. Madonna is een schoonheid. ¶ あんなに美人なんだから、彼女も優越感を感じているんだろうな、きっと。 Anna ni bijin nan da kara, kanojo mo yūetsukan wo kanjite irun darō na, kitto. Aangezien ze zo mooi is, zal ze ook wel het gevoel hebben dat ze superieur is, dat moet wel. (TTC)
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <mooi>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
かっこ好い kakkoii aantrekkelijk; bekoorlijk; aanlokkelijk; chic; stijlvol; knap; mooi; klasse; prima; cool; gaaf; fraai; trendy; fancy
イケてる iketeru knap; mooi; goed uitziend; fraai; leuk; cool
シャン shan (1) schoonheid; beauté; belle; (2) Cham; Shan; (3) Shan; (4) knap; mooi; goed uitziend
ハンサム hansamu knap; mooi; aantrekkelijk
佳 ka (1) prachtig; prima; puik; fijn; heerlijk; (a) prachtig; uitstekend; (b) heuglijk; voorspoedig; (c) mooi; knap
優 yuu (1) elegant; verfijnd; keurig; (2) bevallig; lieftallig; knap; fraai; mooi; (3) voortreffelijk; uitstekend; superieur; uitmuntend; uitnemend; excellent; (4) [onderw.] A; hoogste graad; een tien; (a) ontspannen; relaxed; (b) elegant; verfijnd; knap; mooi; (c) zorgzaam; attent; hartelijk; warm; (d) beter zijn dan; uitsteken boven; overtreffen; (e) acteur; artiest
可愛い kawaii lief; lieftallig; mooi; leuk; aardig; snoezig; charmant; aandoenlijk; aantrekkelijk; aanvallig; beminnelijk; schattig; doddig; snoeperig
可愛らしい kawairashii lief; mooi; leuk; aardig; snoezig; beeldig; bevallig; charmant; aantrekkelijk; aanminnig; [w.g.] aanminnelijk
晴天 seiten mooi; lekker; fraai; helder weer; zondagsweer; heldere lucht; hemel; zondagshemel
晴朗 seirou [~な天気] helder; klaar; mooi; fraai; onbewolkt; zonnig; wolkeloos; sereen
清げ kiyoge rein; puur; zuiver; ongerept; gaaf; schoon; mooi; knap; keurig; verzorgd
照る teru (1) [m.b.t. zon of maan] schijnen; lichten; (2) mooi; fraai; helder weer zijn
男振りのよい otokoburinoyoi knap; mooi; goed uitziend
目安い meyasui er goed uitziend; leuk; knap; fraai; mooi; aangenaam voor het oog
端正 tansei (1) [m.b.t. gezicht] mooi; knap; fraai; (2) [身のこなしが] gracieus; elegant; waardig
端正な tanseina (1) [m.b.t. gezicht] mooi; knap; fraai; (2) [身のこなしが] gracieus; elegant; waardig
粋 iki (1) knap; verzorgd; keurig; mooi; chic; stijlvol; elegant; modieus; deftig; (2) attent; kies; inlevend; begrijpend; begripvol; meevoelend; invoelend; empathisch
粋な ikina (1) knap; verzorgd; keurig; mooi; chic; stijlvol; elegant; modieus; deftig; (2) attent; kies; inlevend; begrijpend; begripvol; meevoelend; invoelend; empathisch
粋に ikini (1) knap; verzorgd; keurig; mooi; chic; stijlvol; elegant; modieus; deftig; (2) attent; kies; inlevend; begrijpend; begripvol; meevoelend; invoelend; empathisch
素敵 suteki prachtig; schitterend; geweldig; enig; verrukkelijk; heerlijk; uniek; magnifiek; fantastisch; formidabel; bovenste beste; uitstekend; prima; eersteklas; super; alleraardigst; fraai; schattig; fijn; leuk; mooi; beeldig; bijzonder; puik; lekker; reuze; [inform.] gaaf; swell; [inform.] mieters; [volkst.] jofel; [m.b.t. ideeën] knots; lumineus; grandioos; briljant; voortreffelijk
素敵な;素的な sutekina prachtig; schitterend; geweldig; enig; verrukkelijk; heerlijk; uniek; magnifiek; fantastisch; formidabel; bovenste beste; uitstekend; prima; eersteklas; super; alleraardigst; fraai; schattig; fijn; leuk; mooi; bijzonder; puik; lekker; reuze; [inform.] gaaf; swell; [inform.] mieters; [volkst.] jofel; [m.b.t. ideeën] knots; lumineus; grandioos; briljant; voortreffelijk
素晴らしい subarashii prachtig; schitterend; geweldig; fantastisch; formidabel; machtig; heerlijk; verrukkelijk; zalig; grandioos; subliem; prima; uitstekend; meesterlijk; tiptop; voortreffelijk; enig; superbe; uitmuntend; excellent; magnifiek; reuze; super; kostelijk; denderend; [inform.] mieters; swell; fenomenaal; uniek; eersterangs; eersteklas; uitgezocht; uitnemend; bijzonder; [inform.] bie; tof; eindeloos; te gek; [pred.] het einde; [pred.] enorm; briljant; klasse; opperbest; patent; allemachtig goed; beregoed; steengoed; glansrijk; mooi; pico bello; puik(best); [inform.] puntgaaf; piekfijn; [ook studentent.] luisterrijk; [inform.] reusachtig; groots; kapitaal; [w.g.] loeigoed; [jeugdt.] gaaf; [meisjest.] dolletjes; fabuleus; [jeugdt.] ruig; [jeugdt.] wijs; [slang] cool; [volkst.] jofel; [pred.] knal; [w.g.] knots; zo'n [meid;kerel enz.]
結構 kekkou (1) structuur; constructie; bouwsel; bouw; geraamte; kader; (2) steun; stut; spant; (3) opbouw (van een verhaal); plot; verwikkeling (van een verhaal); (4) goed; fijn; mooi; (5) prachtig; magnifiek; schitterend; (6) lekker; heerlijk; (7) ten zeerste; zeer; erg; geweldig; in hoge mate; ruimschoots; rijkelijk; overvloedig; buitengewoon; buitengemeen; enorm; geweldig; (8) aardig; nogal; tamelijk; vrij; vrij wat; redelijk; in redelijk hoge mate; behoorlijk; best
綺麗;奇麗 kirei (1) mooi; knap; (2) schoon; zuiver
綺麗な;奇麗な kireina (1) mooi; knap; (2) schoon; zuiver
美しい utsukushii mooi; fraai; knap; charmant; lief; pittoresk [landschap]; prachtig; [m.b.t. stem] zoet; [m.b.t. inborst] nobel
美しげ utsukushige mooi; aantrekkelijk; bevallig; fraai; prachtig; schoon
美化する bikasuru (1) verfraaien; opknappen; mooi; aantrekkelijk; aanlokkelijk maken; (2) verheerlijken; ophemelen; apotheoseren; mooier voorstellen; verheffen; idealiseren; romantiseren
美麗 birei mooi; fraai; bekoorlijk; bevallig; [Belg.N.;spreekt.] schoon
良い;好い;宜い ii goed; kostbaar; mooi; fraai; gunstig; aangenaam; fijn; lekker; mogelijk; toegelaten; OK; genoeg; voldoende
良い;善い;好い;吉い;佳い;快い yoi (1) goed; juist; correct; (2) goed; knap; uitstekend; mooi; welgevallig; (3) geschikt; passend; (4) acceptabel; aanvaardbaar; geoorloofd; (5) makkelijk te ~; eenvoudig
良好 ryoukou goed; mooi; fraai; fijn; keurig; deugdelijk
良好な ryoukouna goed; mooi; fraai; fijn; keurig; deugdelijk
艶めかしい namamekashii (1) aantrekkelijk; bekoorlijk; charmant; aanlokkelijk; verlokkelijk; betoverend; sexy; verleidelijk; seduisant; koket; sensueel; (2) jeugdig knap; fris; mooi; (3) elegant; sierlijk; bevallig; (4) smaakvol; stijlvol; verfijnd
見事;美事 migoto (1) mooi; prachtig; fraai; keurig; excellent; schitterend; fantastisch; magnifiek; briljant; voortreffelijk; uitstekend; heerlijk; meesterlijk; reuze; (2) volkomen; volslagen; volledig; compleet; helemaal; afgerond; totaliter
見事な;美事な migotona mooi; prachtig; fraai; keurig; excellent; schitterend; fantastisch; magnifiek; briljant; voortreffelijk; uitstekend; heerlijk; meesterlijk; reuze-
赤い;紅い akai (1) rood; (2) roodbruin; (3) mooi; knap; (4) [pol.] rood
鮮やか azayaka (1) klaar; scherp; helder; hel; duidelijk; intens; geprononceerd; fel; levendig; sprekend; sterk uitkomend; schel; knal-; hard-; (2) bedreven; handig; kundig; deskundig; vakkundig; capabel; bekwaam; vaardig; behendig; slim; kunstig; prima; (3) prachtig; fraai; mooi; knap; schitterend; stralend; briljant; (4) vers; fris; fleurig
麗 rei (a) aantrekkelijk; mooi; (b) rustig; zacht
麗しい uruwashii mooi; fraai; bevallig; aantrekkelijk; beeldig; [arch.;Belg.N.;spreekt.] schoon; lieftallig; elegant; gracieus
麗らか uraraka (1) mooi; fijn; heerlijk; prachtig; stralend; (2) opgewekt; opgeruimd
麗らかな urarakana (1) mooi; fijn; heerlijk; prachtig; stralend; (2) opgewekt; opgeruimd; sereen
Tijd: 1.35 sec. jiten.nl: 26 treffers, warandict: 42 treffers (zoekopdracht: 'mooi').
2005-2026
