
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <verward>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
おろおろ orooro (1) [~と] ontsteld; van streek; van de kaart; geschokt; van de wijs; in de war; verward; perplex; confuus; (2) [~と] huilerig; snikkend
ちぐはぐな chiguhaguna (1) niet bij elkaar passend; samengeraapt; vreemd gecombineerd; disparaat; verkeerd gematcht; (2) incoherent; onsamenhangend; verward; inconsistent; confuus
どぎまぎした dogimagishita bedremmeld; verlegen; verward; perplex; overdonderd; verbluft; ontsteld
どろどろ dorodoro (1) dikvloeibaar; drabbig; papperig; sopperig; brijig; brijachtig; stroperig; taai; (2) modderig; slijkerig; moerassig; blubberig; (3) [fig.] troebel; duister; verward; (4) dreunend; daverend; donderend; denderend; bulderend; rommelend; (5) zich in drommen bewegend; (6) [kabuki] geroffel van de grote trom [= ter aanduiding van gedonder;verschijning;verdwijning van geesten;de overgang van droomwereld naar werkelijkheid]
ばらばら barabara (1) uit; van elkaar; in; aan stukken; uiteen; stuk; (2) verspreid; uiteen; verstrooid; in het rond; her en der; hier en daar; sporadisch; aan; naar alle kanten; in alle richtingen; uiteengevallen; (3) onsamenhangend; inconsistent; incoherent; divers; uiteenlopend; warrig; verward; (4) [fig.] als een regen; hagel van ~; [m.b.t. regen] pletsend; [m.b.t. regen] kletterend; (5) [m.b.t. personen] wanordelijk te voorschijn komend
ぼさぼさ bosabosa (1) [~した髪] warrig; verward; slordig; wild; verfomfaaid; ongekamd; onverzorgd; (2) werkeloos; niets doend; niksend
ぼやぼや boyaboya (1) onaandachtig; onvoorzichtig; onoplettend; verstrooid; (2) passief; nietsdoend; traag; (3) oplaaiend; (4) verward; warrig
むしゃむしゃ mushamusha (1) [~食べる] hoorbaar kauwen; smakkend eten; smakken; smikkelen; (2) [~食べる] schransen; schranzen; vreten; verslinden; opschrokken; schrokken; buffelen; (3) [髪の毛;髭が] warrig; verward
乱れた midareta (1) warrig; slordig; wanordelijk; verwilderd; verward; ongeordend; onordelijk; ontregeld; ongeorganiseerd; ongeregeld; ordeloos; chaotisch; (2) verward; confuus; gederangeerd; (3) gestoord; verstoord; ontwricht; [~風紀] bedorven
乱雑な ranzatsuna wanordelijk; ordeloos; verward; ongeordend; onordelijk
取り乱した torimidashita (1) verward; ontregeld; onordelijk; wanordelijk; ongeordend; onnet; onverzorgd; ordeloos; slordig; rommelig; warrig; warrelig; (2) verward; beduusd; gederangeerd; confuus; gealtereerd; verbijsterd; perplex; aangeslagen; ontredderd; ontzet; onthutst; ontsteld
困惑した konwakushita verward; onthutst; beduusd; ontsteld; versteld; verbijsterd; verdwaasd; perplex; confuus
困惑する konwakusuru niet weten wat men doen moet; van zijn apropos raken; zijn; van z'n stuk raken; ontsteld; onthutst zijn; in verwarring raken; perplex; verbluft; verbouwereerd staan; met de mond vol tanden staan; verlegen zitten met; in z'n maag zitten met; verward; confuus worden van; [Belg.N.] van z'n melk raken
当惑した touwakushita bedremmeld; verlegen; verward; perplex; overdonderd; verbluft
慌てて awatete haastig; gehaast; gejaagd; jachtig; gepresseerd; overhaast; overijld; in rep en roer; verward; in de war; van de wijs; halsoverkop; holderdebolder; in paniek
戸惑った tomadotta bedremmeld; perplex; verlegen; verward; overdonderd
散漫 sanman (1) verspreiding; verstrooiing; uitzaaiing; (2) incoherent; onsamenhangend; verward; wanordelijk; slordig
混沌 konton (1) [Chin. myth.] chaos; oersoep; baaierd; ongevormde massa; verwarring; wanorde; wirwar; warboel; [bijb.] tohoe wabohoe; (2) beschadiging wegens onnodige bemoeienis; inmenging die meer slecht dan goed doet; verschlimmbesserung; (3) [Chin.myth.] Hùndùn; (4) chaotisch; ongeordend; wanordelijk; verward; confuus; woest; (5) onrustig; turbulent; woelig; roerig; roezig
滅茶苦茶;目茶苦茶 mechakucha (1) onsamenhangend; incoherent; verward; absurd; ongerijmd; (2) helemaal overhoop; dooreen; door elkaar; pêle-mêle; grondig in de war; in de vernieling; aan diggelen; verknoeid; (3) wanordelijk; chaotisch; rommelig; onordelijk; ongeredderd; ordeloos; ongeordend; in het wilde weg; (4) verschrikkelijk [grappig enz.]; uitermate; ontzettend
滅茶苦茶な;目茶苦茶な mechakuchana (1) onsamenhangend; incoherent; verward; absurd; ongerijmd; (2) wanordelijk; chaotisch; rommelig; onordelijk; ongeredderd; ordeloos; ongeordend
無秩序 muchitsujo (1) wanorde; verwarring; ordeloosheid; verwardheid; chaos; [i.h.b.] wetteloosheid; anomie; (2) wanordelijk; verward; ordeloos; onordelijk; chaotisch; [i.h.b.] wetteloos; anomisch
無秩序の muchitsujono ordeloos; onordelijk; verward; wanordelijk; chaotisch; [i.h.b.] wetteloos; anomisch
無茶苦茶 muchakucha (1) warboel; wirwar; chaos; verwarring; wanorde; (2) verward; chaotisch; wanordelijk; warrig; in de war; door elkaar; overhoop; pêle-mêle; (3) blind; roekeloos; onzinnig; onredelijk; irrationeel; wild
無茶苦茶な muchakuchana (1) verward; chaotisch; wanordelijk; warrig; (2) blind; roekeloos; onzinnig; onredelijk; irrationeel; wild
無茶苦茶に muchakuchani (1) verward; in de war; chaotisch; wanordelijk; ongeordend; onordelijk; ordeloos; pêle-mêle; (2) blindelings; blindweg; in het wilde weg; roekeloos; wild; redeloos; onberaden; onbezonnen; furieus; als een bezetene; gek; onwijs; overmatig; buitensporig
狼狽えた urotaeta verward; beduusd; aangeslagen; ontdaan; confuus; gealtereerd
狼狽えて urotaete verward; in verwarring; de kluts kwijt; van de wijs; zenuwachtig
狼狽した roubaishita verbijsterd; onthutst; ontdaan; verbouwereerd; verward; van z'n stuk gebracht; beduusd
落ち着かない ochitsukanai (1) onstabiel; onrustig; onzeker; verward; verwarrend; (2) niet op z'n gemak; opgelaten; zenuwachtig; nerveus; (3) opgewonden; in de war
虚空 kokuu (1) ijle lucht; ledige ruimte; (2) [boeddh.] anāvrti [= lege ruimte]; (3) fictief; denkbeeldig; imaginair; (4) loos; onsamenhangend; verward; absurd; (5) onbezonnen; lichtvaardig; roekeloos; wild
複雑 fukuzatsu (1) ingewikkeldheid; complexiteit; gecompliceerdheid; neteligheid; onontwarbaarheid; wirwar; dooreenwarreling; doolhof; (2) complex; ingewikkeld; gecompliceerd; netelig; onontwarbaar; verward; labyrintisch; intricaat
複雑な fukuzatsuna complex; ingewikkeld; gecompliceerd; netelig; onontwarbaar; verward; labyrintisch; intricaat
譫言を言う uwagotowoiu (1) ijlpraat uitslaan; ijlen; verward; onsamenhangend spreken; razen; delireren; raaskallen; (2) onzin uitslaan; uitkramen; verkopen; nonsens verkopen; flauwekul verkopen
騒然 souzen (1) lawaaierig; luidruchtig; schreeuwerig; rumoerig; druk; kermisachtig; (2) verward; wanordelijk; rommelig; tumultueus; woelig; stormachtig; geagiteerd; uitgelaten; op stelten
騒然とした souzentoshita (1) lawaaierig; luidruchtig; schreeuwerig; rumoerig; druk; kermisachtig; (2) verward; wanordelijk; rommelig; tumultueus; woelig; stormachtig; geagiteerd; uitgelaten
Tijd: 1.49 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 35 treffers (zoekopdracht: 'verward').
2005-2026
