日蘭辭典+

40 resultaten voor ‘zenden’
日蘭辭典 (titelwoord)
zenden全傳

(全伝) zn. volledige levensbeschrijving v.; complete biografie v.

日蘭辭典 (trefwoord)
yaruやる
(遣る; やる) t.w. (1) [與へる] geven; schenken. (2) [爲す] doen; verrichten. (3) [送る] zenden. ¶ 旨く遣る goed doen; netjes doen. ¶ 手紙を遣る brief sturen. ¶ 祝儀を遣る fooi geven. ¶ 醫者をやる dokters praktijk uitoefenen. ¶ やつて見る probeeren. ¶ 日本語をやる Japansch studeeren. ¶ 酒をやる van drank houden; drinken.
shisha使者
zn. afgezant m.; boodschapper m. ¶ 使者に遣はす iemand met een boodschap zenden.
kakeruかける
(掛ける, 懸ける) (1) [吊す] ophangen; hangen. (2) [計量する] wegen. (3) [かけ渡す] bouwen; leggen; slaan. (4) [果す] opleggen; heffen. (5) [心配を] veroorzaken; bezorgen. (6) [, 時間を] besteden. (7) [錠を] sluiten. (8) [乘ずる] vermenigvuldigen. (9) [注ぎかける] besprenkelen. i.w. (10) [腰を] gaan zitten. t.w. (11) [を放す] in brand steken. (12) [掛を] afbetalen. (13) [交尾さす] laten paren. (14) [著せる] aankleeden; bekleeden met. (15) [上へ廣げる] overdekken met; overspreiden. (16) [鑑定に] onderwerpen aan. ¶ 電話線をかける telefoon aanleggen. ¶ 刷毛をかける afborstelen. ¶ かける vier met drie vermenigvuldigen. ¶ 電報をかける telegram zenden; telegrafeeren. ¶ 電話を掛ける telefoneeren; opbellen. ¶ 醫者かける dokter consulteeren. ¶ 氣に掛ける ter harte nemen. ¶ 問を掛ける vraag richten tot. ¶ 思を掛ける verliefd worden op. ¶ 讀み掛ける beginnen te lezen. ¶ に掛ける op het vuur zetten.
kikō寄稿
zn. bijdrage v.; inzending v. ¶ 寄稿する bijdragen; zenden; medewerken. ¶ 寄稿家 medewerker.
kotowaru斷る

(断る) t.w. (1) [豫告] waarschuwen. (2) [拒絕] weigeren; afslaan. (3) [禁止] verbieden. i.w. (4) [言譯] zich excuseeren. ¶ 俥屋を斷つて下さい zeg den rikisha-man, dat ik hem niet noodig heb. ¶ 贈花の儀はお斷り申候 verzoeke geen bloemen te zenden.

kumiawaseru組合せる

t.w. (1) [綜合する] dooreenvlechten. (2) [組合す] samenvoegen. (3) [取組ます] tegen elkaar laten kampen. ¶ 組合せ文字 monogram. ¶ 商品を組合せて送る een assortiment van artikelen zenden.

zōen增援

(増援) zn. versterking v. ¶ 增援する versterking zenden; versterken.

zōken增遣

(増遣) zn. verdere versterking v. ¶ 增遣する nog meer versterking zenden.

yoseru寄せる

t.w. (1) [片寄せる] op zijde zetten. (2) [加へる] totaliseeren. (3) [集める] verzamelen; samenroepen. (4) [攻める] aanvallen. (5) [書を] zenden; inzenden. ¶ 身を寄せる vertrouwen op; zich onder bescherming stellen van. ¶ 思を寄せる zijn hart verliezen aan. ¶ 皺を寄せる rimpels trekken. ¶ 眉を寄せる wenkbrauwen fronsen. ¶ 皆よせていくら hoeveel is het bij elkaar?

yokosu遣す

t.w. zenden; overhandigen (渡す); geven.

wazurawashii煩しい

bn. (1) [厄介な] lastig; hinderlijk; ergerlijk. (2) [繁雜な] ingewikkeld; verward. ¶ 煩はす lastig vallen; hinderen; plagen. ¶ 心を煩はす zich ongerust maken; tobben. ¶ 手を煩す last veroorzaken; hinderen. ¶ 御一報を煩はし度い zou u zoo goed willen zijn mij bericht te zenden?

utsu打つ

t.w. (1) [打つ] slaan. i.w. (2) [拍手] (in de handen) klappen. t.w. (3) [發砲] schieten. (4) [攻擊] aanvallen. (5) [鐘を] luiden. (6) [電報を] verzenden. i.w. (7) [博奕] dobbelen. t.w. (8) [網を] werpen; gooien. (9) [碁能] spelen. (10) [鍛へる] harden. (11) [打込む] inslaan. ¶ 釘を打つ spijker inslaan. ¶ 網を打 net werpen. ¶ 太鼓を打つ trommelen. ¶ 仇を討つ zich wreken. ¶ 田を打つ sawah bebouwen. ¶ 幕を打つ tent opslaan. ¶ 手金を打つ handgeld betalen. ¶ もんどり打つ saltomortale maken. ¶ 電報を打つ telegram zenden; telegrafeeren.

uchū雨注

zn. regen m. ¶ 矢を雨注する een regen van pijlen zenden.

tsūshin通信

zn. bericht o.; correspondentie v.; mededeeling v. ¶ 通信する bericht zenden; correspondentie inzenden; verslag geven. ¶ 通信掛 correspondent; verslaggever. ¶ 通信簿 schoolrapport. ¶ 通信敎授 onderricht per brief. ¶ 通信局 directie der post en telegrafie. ¶ 通信線 communicatielijn. ¶ 通信員 correspondent. ¶ 通信社 nieuwsbureau. ¶ 通信紙 carte de correspondance (佛語). ¶ 通信手 clerk van het postkantoor; postcommies.

tsukawasu遣はす

(遣わす) t.w. zenden; sturen; geven (與へる).

tsuitō追討

zn. bestraffing v.; onderwerping v. ¶ 追討する onderwerpen; bedwingen; bestraffen; tuchtigen. ¶ 追討の軍を差向ける expeditie ter tuchtiging zenden.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <zenden>
仕向ける shimukeru (1) aansporen; aanmoedigen; aandringen; aanzetten; ertoe bewegen; brengen; leiden; nopen; dwingen; (2) sturen; zenden; verzenden; versturen; (3) behandelen; bejegenen
fu (a) overhandigen; geven; schenken; (b) hechten; bevestigen; zich vastzetten; (c) sturen; zenden; bezorgen; (d) aan een ander overlaten; toevertrouwen
出す dasu (1) te voorschijn halen; uithalen; eruit halen; [gew.;お酒を〜] ophalen; naar buiten brengen; uitnemen; [トランプの札を〜] uitspelen; opspelen; zetten; [外に] uitlaten; buitenlaten; [水を〜] openzetten; laten lopen; lozen; (2) uitsteken; [旗を〜] uithangen; (3) uiten; slaken; [音;サインを〜] geven; maken; produceren; (4) publiceren; uitgeven; uitbrengen; op de markt brengen; uitvaardigen; openbaren; tonen; [i.h.b.] onthullen; ontbloten; laten blijken; aan de dag leggen; tentoonspreiden; uitstallen; etaleren; (5) serveren; [料理を〜] opdienen; voorschotelen; te berde brengen; aankomen met; komen aanzetten met; leveren; afleveren; verschaffen; opgeven; verstrekken; aanbieden; presenteren; uitreiken; [証を〜] aanvoeren; (6) insturen; inzenden; inleveren; indienen; [新人選手を〜] inzetten; (7) sturen; zenden; afvaardigen; verzenden; opsturen; versturen; (8) uitsturen; uitzenden; [ガスを〜] uitstoten; emitteren; [熱を〜] ontwikkelen; (9) doen vertrekken; [船を〜] uitzetten; [列車を〜] inleggen; (10) betalen; opbrengen; (11) veroorzaken; opleveren; voortbrengen; geven; [スピードを〜] halen; opdrijven; (12) [店;支店を〜] openen; beginnen; (13) […~] naar buiten …; uit-; (14) […~] beginnen te …; het op een … zetten
向ける mukeru (1) wenden (naar); richten; keren (naar); toewenden; aanleggen; (2) op het oog hebben; doelen op; streven naar; (3) (op pad) sturen; [een boodschapper enz.] zenden; afzenden; afsturen (op); (4) [middelen] aanwenden; [tijd] wijden aan; toewijzen; bestemmen
奉る tatematsuru (1) [hum.] aanbieden; schenken; offreren; offeren; presenteren; verschaffen; [w.g.] reiken; (2) [scherts.] geven; opgeven; (3) pro forma benoemen; eershalve aanstellen; (4) [hon.] nuttigen; gebruiken; eten; drinken; nemen; innemen; (5) [hon.] aantrekken; omdoen; (6) [hon.] instappen; instijgen; (7) […~] [hum. hulpwerkwoord]; (8) laten aanbieden; doen geven; (9) sturen; afvaardigen; zenden
寄越す;遣す yokosu (1) sturen; zenden; afzenden; oversturen; overzenden; toesturen; toezenden; doen toekomen; overbrengen; overhandigen; geven; overgeven; (2) [aangehecht aan de ren'yōkei + て]
届ける todokeru (1) zenden; sturen; overbrengen; bezorgen; brengen; bestellen; leveren; afleveren; opsturen; (2) aangeven; ter kennis brengen van; kennis geven van; melden; notificeren; notifiëren; aangifte doen van; bericht geven van; berichten; bekendmaken; rapporteren; aanbrengen; [een adreswijziging enz.] opgeven; [iems. overlijden enz.] aanzeggen; aanzegging doen van
差し入れる sashīreru (1) insteken; inbrengen; tussenvoegen; (2) [刑務所へ] zenden; inzenden; insturen; opsturen; sturen; (3) [ter erkenning van bewezen diensten;ten geschenke] bezorgen; laten afleveren
差し出す sashidasu (1) uitsteken; uitstrekken; [w.g.] uitreiken; (2) aanbieden; aanreiken; voorleggen; indienen; (3) sturen; zenden; doen toekomen; [form.] doen geworden
差し向ける sashimukeru (1) sturen; zenden; uitsturen; doorsturen; uitzenden; laten overkomen; (2) richten; wenden (naar)
掻い遣る kaiyaru (1) wegduwen; wegvegen; wegwissen; wegstrijken; (2) geven; (3) laten gaan; doen gaan; sturen; zenden; laten vertrekken; wegsturen
放送する hōsōsuru uitzenden; zenden; uitstralen; omroepen; [fig.] wijd en zijd bekendmaken; rondbazuinen; aan de grote klok hangen
派出する hashutsusuru zenden; uitzenden; [mil.] detacheren
派遣する hakensuru wegsturen; sturen; uitzenden; uitsturen; afzenden; zenden
発送する hassōsuru versturen; verzenden; wegsturen; wegzenden; zenden; opsturen
知らせる shiraseru doen; laten weten; bekendmaken; boodschappen; waarschuwen; aankondigen; notificeren; notifiëren; inlichten; informeren; onderrichten (van); berichten; melden; aanmelden; mededelen; meedelen; vertellen; op de hoogte stellen (van); kenbaar maken; te kennen geven; [Belg.N.] verwittigen; in kennis stellen (van); ter kennis brengen (van); kennis geven (van); bericht geven; sturen; zenden; [lit.t.] kondschappen; [veroud.;lit.t.] konden; [arch.] kond doen; maken; aangifte doen (van); aangeven; verwittigen (over); rapporteren; aanzeggen; aanzegging; aanzeg doen
賜う tamau (1) [honoratieve variant van ataeru en kureru] zich verwaardigen te geven; schenken; verlenen; toestaan; toekennen; uitreiken; vereren met; (2) [honoratieve variant van yokosu] sturen; zenden; (3) [zelfverheerlijkende variant van ataeru] ± zo goed zijn te geven; (4) […たまえ] [drukt een bevel;uitnodiging uit]; (5) […~] [benadrukt de welwillendheid van het onderwerp (de schenker)]; (6) […~] [betoont eer aan het onderwerp]; (7) […せ~] [drukt buitengewoon respect uit]; (8) […~] [formuleert aan standgenoten of ondergeschikten een discreet bevel]; (9) [humiliatieve variant van もらう] ontvangen; krijgen; [i.h.b.] te eten; drinken krijgen; nuttigen; (10) [聞き;見~] [drukt het ontvangen van een gunst of toelating uit] mogen; (11) [思い;聞き;見~] [drukt nederigheid uit t.o.v. de toegesprokene]
送り出す okuridasu (1) uitsturen; sturen; zenden; wegsturen; wegzenden; laten uitrukken; (2) versturen; verzenden; opsturen; (3) [sumō-jargon] stotend in de rug de ring uit werken
送り込む okurikomu (1) sturen; zenden; afvaardigen; (2) binnenlaten; inlaten; binnenloodsen; invoeren; stoppen in
送る okuru (1) zenden; sturen; opsturen; verzenden; versturen; (2) uitgeleide doen; uitleiden; wegbrengen; naar buiten leiden; uitlaten; (3) begeleiden; vergezellen; escorteren; onder bewaking zenden; [i.h.b.] chaperonneren; (4) [月日を] besteden; spenderen; [生活を] leiden; doorbrengen; (5) [送り仮名を] okurigana toevoegen
送付する sōfusuru zenden; verzenden; sturen; versturen; toesturen; toezenden; overmaken; [form.] doen toekomen; expediëren
遣わす tsukawasu zenden; sturen; uitzenden; uitsturen
配送する haisōsuru bestellen; leveren; zenden
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.63 sec. jiten.nl: 17 treffers, warandict: 23 treffers (zoekopdracht: 'zenden'). 
2005-2026