日蘭辭典+

20 resultaten voor ‘kronkelen’
日蘭辭典 (trefwoord)
mogaku踠く
(藻掻く、もがく) i.w. zich kronkelen; zich wringen; (俗) wurmen. ¶ 苦しみから踠き出る zich loswurmen; zich ontworstelen.
kukkyoku屈曲

zn. buiging v.; kromheid v.; kromming v. ¶ 屈曲する gebogen zijn; krom zijn; gebroken zijn (海岸線が); zich slingeren; zich kronkelen (河が); weerkaatsen (光線が). ¶ 屈曲性 buigbaarheid.

kuneru曲る

i.w. zich kronkelen; krom zijn. ¶ 曲つた krom. ¶ 曲つた松の枝 kronkelige dennetak. ¶ 心の曲つた子 lastig kind; onhandelbaar kind.

zendō蠕動

zn. wormbeweging v.; kronkeling v. ¶ 蠕動する kronkelend voortbewegen; wormen; kronkelen.

yōjire捩ぢれ

zn. kronkeling v. ¶ 捩ぢれる gekronkeld zijn; zich kronkelen; verdraaid zijn.

uneriうねり

zn. golving v.; kronkeling v. ¶ うねり道 zigzag-weg. ¶ うねる zich slingeren; zich kronkelen; golven. ¶ うねうね kronkelend; zigzag.

ukyoku紆曲

zn. slingering v.; kronkeling v. ¶ 紆曲せる slingerend; kronkelend; omslachtig. ¶ 紆曲する zich slingeren; zich kronkelen; omweg maken.

ugomeku蠢めく

i.w. zich kronkelen. ¶ 得意の鼻を蠢めかす trotsch zijn op zijn succes; triomfantelijk kijken.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <kronkelen>
じたばたする jitabatasuru (1) tegenspartelen; tegenstribbelen; kronkelen; worstelen; wild om zich heen slaan; felle weerstand bieden; zich verzetten; luidruchtig protesteren; razen en tieren; een scène maken; (2) in paniek raken; panieken; [Belg.N.] panikeren; de kluts kwijtraken; van streek raken; over z'n toeren raken; door het lint gaan; helemaal gek worden; flippen
折れ曲がる oremagaru (1) buigen; plooien; krommen; (2) afbuigen; afslaan; zwenken; neigen; keren; draaien; een draai; bocht nemen; wenden; kronkelen
捩る yojiru vlechten; twisten; wringen; verwringen; vertrekken; kronkelen
曲がる magaru (1) buigen; (zich) krommen; knikken; kronkelen; kromtrekken; scheeftrekken; scheluw trekken; kromgroeien; kromlopen; een bocht maken; een draai maken; draaien; [i.h.b.] meegeven; doorbuigen; abduceren; (2) afdraaien; keren; afbuigen; ombuigen; afslaan; [de hoek enz.] omgaan; omslaan; omdraaien; afzwenken; zwenken; (3) afwijken; deviëren; scheefgroeien; de verkeerde weg opgaan; verkeerd lopen; aberreren; ontaarden; verdorven raken
紆余曲折する uyokyokusetsusuru zich in bochten slingeren; kronkelen; meanderen; een bochtig parcours afleggen
蛇行する dakōsuru kronkelen; meanderen; zich bochtig slingeren; kronkelend voortbewegen; schuifelen; zigzaggen; zigzag lopen; [m.b.t. verkeer] weven
蠢かす ugomekasu wriemelen met; wriemelend heen en weer (doen) bewegen; (doen) kronkelen
蠢く ugomeku (1) kronkelen; wriemelen; wriggelen; (2) [fig.] manoeuvreren; zich in bochten wringen; konkelen
蠢動する shundōsuru (1) kronkelen; wriemelen; wriggelen; (2) [fig.] manoeuvreren; zich in bochten wringen; konkelen
踠く mogaku wringen; kronkelen; wriemelen; wriggelen; zich in bochten wringen; draaien; worstelen; kampen; ploeteren; zwoegen; spartelen; vechten (om te overleven)
身悶えする mimodaesuru kronkelen; wriemelen; sidderen; rillen; beven
転げ回る korogemawaru (1) rondtollen; rondrollen; rondtuimelen; rondwentelen; rondwoelen; (2) woelen; zich wentelen; draaien; kronkelen; wriemelen; wemelen; wremelen; zich onrustig heen en weer bewegen; spartelen
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.25 sec. jiten.nl: 8 treffers, warandict: 12 treffers (zoekopdracht: 'kronkelen'). 
2005-2026