
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <afstaan>
割愛 katsuai (1) verbreking van de genegenheid; gehechtheid; (2) het met spijt achterwege laten; weglaten; overslaan; het met tegenzin afstand doen van; het ongaarna laten varen; het met tegenzin opgeven; (3) het met spijt cadeau doen; het met moeite schenken; geven; afstaan; (4) [sericultuur] het scheiden van parende zijdevlinders
割愛する katsuaisuru (1) met spijt achterwege laten; weglaten; overslaan; met tegenzin afstand doen van; ongaarna laten varen; met tegenzin opgeven; (2) met spijt cadeau doen; met moeite schenken; geven; afstaan
割譲する katsujōsuru [国土を] afstaan; afstand doen van; overdragen; overlaten; cederen
委譲する ijōsuru overdragen; afstand doen; afstaan; cederen; overlaten; delegeren
手放す tebanasu (1) uit z'n handen laten gaan; loslaten; laten schieten; varen; (2) uit handen geven; afstand doen van; zich ontdoen van; afstaan; overlaten; van de hand doen; [i.h.b.] verkopen; (3) laten gaan; afscheid nemen van; wegsturen; [娘を] schenken; (4) [仕事を] onderbreken; tijdelijk in de steek laten
投げ出す nagedasu (1) uitgooien; uitwerpen; uitsmijten; naar buiten gooien; werpen; smijten; eruit gooien; werpen; smijten; (2) opofferen; offeren; opgeven; prijsgeven; afstaan; afstand doen van
放棄する hōkisuru verzaken; afstand doen van; afstaan; in de steek laten; prijsgeven; opgeven; renonceren; laten varen; [m.b.t. les] laten uitvallen; vaarwelzeggen; verlaten; neerleggen; afgaan van; afzien van; afzweren; [育児を] laten verkommeren; verwaarlozen
明け渡す akewatasu [城を] prijsgeven; opgeven; overdragen; overgeven; overleveren; afstaan; afgeven; [店を] overdoen; [gew.] overlaten; [家を] ontruimen; verlaten; evacueren
渡す watasu (1) overzetten; overvoeren; overvaren; overschepen; (2) [m.b.t. touw] spannen; [m.b.t. brug] leggen; slaan; bouwen; (3) overbrengen; overmaken; overdragen; delegeren; overleveren; overgeven; uitleveren; afdragen; afstaan; opgeven; (4) overhandigen; in handen geven; indienen; ter hand stellen; afgeven; overreiken; aanreiken; presenteren; leveren
譲 jō (a) afstaan; overdragen; (b) terughoudend zijn; nederig zijn
譲る yuzuru (1) afstaan; [zijn ambt] overdragen; overlaten; uit handen geven; overleveren; overgeven; overhandigen; [eigendom] vervreemden; [onroerend goed] vermaken; nalaten; legateren; legeren; (2) verkopen; (3) wijken; toegeven; opgeven; zwichten; (4) [de bal] afgeven; [voorrang] geven; [van plaats] wisselen; verruilen; laten voorgaan; (5) uitstellen; opschorten; verschuiven (tot later); wegleggen; sparen
譲渡する jōtosuru [jur.] overdragen; overmaken; overgeven; vervreemden; aliëneren; in andere handen brengen; afstaan; afstand doen van; cederen; transporteren
Tijd: 1.03 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 12 treffers (zoekopdracht: 'afstaan').
2005-2026
