
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
hikaeru・控へる
(控える) t.w. (1) [書き留める] noteeren; aanteekenen. (2) [抑制] beperken; bedwingen.; i.w. zich onthouden van. i.w. (3) [待つ] wachten. ¶ 食物を控へる matig zijn inhet eten. ¶ そのことは今日迄控へて居た ik het er tot dusverre over gezwegen. ¶ 控へろ houd je mond!; zwijg! ¶ 僕は急ぎの用事を控へて居る ik heb dringende bezigheden. ¶ 次の間に控へて居る in de kamer ernaast wachten. ¶ 手編を控へる de teugels inhouden.
yawarageru・和げる
t.w. matigen; temperen; verzachten; verlichten; kalmeeren.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <matigen>
セーブする sēbusuru (1) [力を] besparen; matig zijn met; matigen; rustig aan doen met; [衝動を] beheersen; (2) [sportt.;honkb.] een tegenpunt weten te voorkomen; saven; (3) [comp.] saven; opslaan
和らげる yawarageru (1) verzachten; zachter maken; dempen; temperen; terugbrengen; [痛みを] stillen; lenigen; matigen; bedaren; sussen; verlichten; (2) afzwakken; modereren; naar een toegankelijker niveau brengen
緊縮する kinshukusuru (1) aanhalen; aantrekken; aanspannen; samentrekken; contraheren; strak trekken; krapper maken; (2) bezuinigen; besnoeien; besparen; economiseren; inkrimpen; inperken; beperken; beknotten; matigen; versoberen; terugbrengen; inleveren; de buikriem aanhalen
締める;絞める;〆める;緊める shimeru (1) (締める;絞める)[帯を] aanhalen; omdoen; omgorden; strak trekken; verstrakken; gespannen maken; aanspannen; opspannen; spannen; aanzetten; aansnoeren; vastsnoeren; [栓を] vastdraaien; aandraaien; dichtdraaien; [ねじで] aanschroeven; (2) (絞める) wurgen; kelen; doen stikken; verwurgen; smoren; verstikken; de strot dichtknijpen; de keel toeknijpen; [w.g.] stranguleren; [m.b.t. pluimvee] de nek omdraaien; [euf.] slachten; [arch.] worgen; (3) (締める;〆める) afronden; sluiten; [勘定を] afsluiten; [i.h.b.] (alles) bij elkaar optellen; rekenen; nemen; [i.h.b.] sommeren; (4) (締める;緊め) streng zijn voor; tegen; goed in bedwang hebben; kort houden; [uitdr.] de teugels aanhalen; [uitdr.] de schroeven wat aandraaien; (5) (締める) bezuinigen (op); besparen (op); besnoeien (op); zuinig; spaarzaam zijn (met); matigen; economiseren; [m.b.t. uitgaven] inperken; beperken; inkrimpen; bekrimpen; terugbrengen; [uitdr.] de buikriem; broekriem aanhalen; versoberen; [m.b.t. overheid;fig.;euf.] ombuigen; (6) (絞める;〆める) [cul.] met zout of azijn behandelen (zodat het (vis)vlees stevig wordt); [i.h.b.] pekelen; [i.h.b.] marineren; [塩で] zouten; [酢で] met azijn behandelen
静める shizumeru (1) [鳴りを] tot stilte brengen; [場内を] stil doen worden; tot rust brengen; stemmen; rustig maken; doen verstommen; dempen; (2) matigen; temperen; afzwakken; smoren; [火事を] doven; [波を] bedaren; tot bedaren brengen; doen luwen; (3) [暴動を] bedwingen; beteugelen; beheersen; onderdrukken; de kop indrukken; supprimeren; [veroud.] neerzetten; [喧嘩を] beslechten; bijleggen; [怒りを] koelen; (4) [せきを] stillen; [心;神経を] kalmeren; opluchten; [痛みを] verlichten; lenigen; verzachten; doen afnemen; verminderen; [scherts.] afwinden; (5) [神を] verzoenen; tevredenstellen; bevredigen; [御霊を] sussen; paaien; apaiseren; troosten; [怨霊を] bezweren; (6) in slaap brengen; doen inslapen
Tijd: 1.28 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 5 treffers (zoekopdracht: 'matigen').
2005-2026
