
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
sentaku・選擇
(選択) zn. keuze v.; optie v. ¶ 選擇するkiezen; de voorkeur geven. ¶ 選擇權 recht van optie. ¶ 選擇したる uitgezocht; wel gekozen.
kuchiwake・口別
zn. sorteering v. ¶ 口別する sorteeren; uitzoeken.
yorinuki・選拔
(選抜) zn. keur v. ¶ 選拔の uitgezocht. ¶ 選拔く uitzoeken; uitkiezen.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <uitzoeken>
セレクションする serekushonsuru selecteren; uitzoeken; in een selectie opnemen; [w.g.] selectioneren
判じる hanjiru (1) oordelen; een oordeel vellen; (2) beslissen; uitmaken; een beslissing nemen in; (3) oplossen; ontrafelen; uitpuzzelen; uitzoeken; ontcijferen; ontraadselen; duiden; uitleggen; interpreteren; (4) raden; gissen; er achter komen; voorspellen
判ずる hanzuru (1) oordelen; een oordeel vellen; (2) beslissen; uitmaken; een beslissing nemen in; (3) oplossen; ontrafelen; uitpuzzelen; uitzoeken; ontcijferen; ontraadselen; duiden; uitleggen; interpreteren; (4) raden; gissen; erachter komen; voorspellen
取捨選択する shushasentakusuru schiften; selecteren; uitzoeken; zorgvuldig kiezen; uitkiezen; een keus doen; een keuze maken; het kaf van het koren scheiden
吟味する ginmisuru (1) toetsen; onderzoeken; nagaan; onder de loep nemen; nakijken; testen; beproeven; aan een toets; test; proef onderwerpen; een onderzoek instellen naar; keuren; (2) kiezen; zorgvuldig selecteren; uitkiezen; uitzoeken
抜き取る nukitoru (1) trekken uit; uittrekken; uitdoen; verwijderen; rooien; (2) selecteren; uitkiezen; kiezen uit; uitzoeken; uitlichten; halen uit; uithalen; uitpikken; (3) stelen; [inform.] pikken; [inform.] gappen; [inform.] jatten
抜く nuku (1) dringen in; doordringen; penetreren; (2) inhalen; voorbijstevenen; achter zich laten; het verder brengen dan; overtreffen; voorbijstreven; te boven gaan; de loef afsteken; uitsteken boven; overvleugelen; [i.h.b. sportt.] verslaan; (3) uittrekken; trekken; [een fles enz.] opentrekken; (4) eruit halen; te voorschijn halen; uitlichten; uitpikken; uitkiezen; selecteren; uitzoeken; [i.h.b.] pikken; [i.h.b.] stelen; (5) verwijderen; wegnemen; lichten; uithalen; [i.h.b. van bad;ballon enz.] laten leeglopen; lozen; (6) besparen; daarlaten; overslaan; weglaten; achterwege laten; (7) [een blanco plek enz.] uitsparen; openlaten; (8) innemen; veroveren; (9) ten einde toe ~; uit-; af-; ~ tot de lust daartoe voorbij is [gebruikt als werkwoordelijk suffix]; (10) overslaan; (11) masturberen
探し出す sagashidasu (1) uitzoeken; vinden; achterhalen; (2) lokaliseren; (3) ontdekken; (4) beginnen te zoeken naar
探り出す saguridasu te weten komen; er achter komen; achterhalen; ontdekken; opsporen; peilen; sonderen; uitzoeken; uitvorsen; uitpluizen; uitpuzzelen; uitplussen; uitdokteren; uitvissen; uitvlooien; uitvogelen; [事実を〜] opdiepen
探る;捜る saguru (1) (rond)zoeken; (rond)tasten; (2) nazoeken; speuren naar; onderzoeken; verkennen; graven naar; peilen; polsen; aftasten; naspeuren; nasporen; op zoek gaan naar; navorsen; opsporen; achterhalen; uitzoeken; uitvinden; te weten komen
探偵する tanteisuru nasporen; speuren; uitzoeken; nagaan; opspeuren; opsporen; traceren; speuren naar; naspeuren; opsporingswerk doen; heimelijk onderzoeken; als detective werken; optreden; bespieden; bespioneren
物色する busshokusuru zoeken; uitzoeken; uitkiezen; uitlezen; lezen; doorzoeken; doorsnuffelen; afzoeken; uitkijken; uitzien naar
突き止める;突き留める tsukitomeru (1) vastpinnen; vastspelden; (2) doodsteken; (3) uitzoeken; uitpuzzelen; achterhalen; erachter komen; zich vergewissen van; nagaan; te weten komen; opsporen; nasporen; traceren; uitvinden; precies aangeven; verifiëren; pointeren; precies lokaliseren; nauwkeurig vaststellen; identificeren
解く toku (1) losbinden; losknopen; losmaken; losdoen; losstrikken; [包みを] openmaken; uitpakken; [包帯を] loswinden; loswikkelen; [連結を] loshaken; afhaken; loskoppelen; afkoppelen; ontkoppelen; (2) ontwarren; ontknopen; ontstrikken; tornen; lostornen; ontrafelen; uit elkaar halen; uitrafelen; lostrekken; (3) [装束を] afleggen; afgorden; afdoen; [荷を] ontdoen; (4) [誤解を] ophelderen; uit de wereld helpen; wegruimen; (5) [禁止を] opheffen; wegnemen; beëindigen; [契約を] verbreken; [責任を] ontheffen van; [任務を] ontlasten van; ontslaan uit; iem. bedanken; releveren; vrijmaken van; degageren; [包囲を] opbreken; [jur.] ontbinden; (6) [問題を] oplossen; uitzoeken; [方程式を] uitwerken; [inform.] uitpuzzelen; [質問を] beantwoorden; [謎を] erachter komen
跡付ける atozukeru het spoor volgen van; traceren; nasporen; opsporen; nagaan; napluizen; uitpluizen; uitzoeken
選り分ける eriwakeru uitsorteren; uitselecteren; sorteren; assorteren; classificeren; triëren; schiften; uitziften; scheiden; afzonderen; uitzoeken
選り分ける yoriwakeru uitsorteren; uitselecteren; sorteren; assorteren; classificeren; triëren; schiften; uitziften; scheiden; afzonderen; uitzoeken
選り抜く erinuku uitkiezen; uitpikken; uitzoeken; selecteren
選別する senbetsusuru schiften; sorteren; triëren; selecteren; uitzoeken; [o.a. metaal uit erts] scheiden
選抜する senbatsusuru uitkiezen; uitzoeken; uitlezen; selecteren; uitverkiezen; uitpikken; verkiezen; kiezen; [bijb.] afzonderen
選択する sentakusuru kiezen; uitkiezen; selecteren; uitzoeken; opteren; een keuze doen; maken; verkiezen
Tijd: 1.29 sec. jiten.nl: 8 treffers, warandict: 21 treffers (zoekopdracht: 'uitzoeken').
2005-2026
