
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
uchi・內
(内) zn. (1) [内部] binnenste o.; binnenkant o. (2) [家宅] huis o.; woning v. (3) [家族] familie v.; gezin o. (4) [夫] mijn man m. ¶ 内で thuis; binnenshuis; binnen. ¶ の中で onder; tusschen; in; te midden van. ¶ 内の者 mijn familie; mijn vrouw. ¶ 内に (在宅) thuis; in huis. ¶ の内に binnen. ¶ 今週の中に binnen deze week; van de week. ¶ 夜の中に gedurende de nacht. ¶ 時のたつ中に na verloop van tijd. ¶ 彈雨の中に onder een kogelregen. ¶ 近い中に eerstdaags; binnen kort. ¶ 若い中に in de jeugd; op jeugdigen leeftijd. ¶ 内ほどよい所はない oost west thuis best. ¶ 御主人はおうちですか is mijnheer thuis? ¶ 日の出ない中に vóór zonsopgang.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <midden>
ミッド middo (1) midden; medio; (2) [taalk.] halfopen; halfgesloten
ミドル midoru (1) midden-; middel-; (2) middelbare leeftijd
並みの namino (1) gewoon; doorsnee-; gemiddeld; middelmatig; modaal; midden-; (2) gewoon; standaard
中央 chūō (1) centrum; midden; hart(je) [van de stad enz.]; (2) centrum; [i.h.b.] hoofdstad; [i.h.b.] centrale regering; [i.h.b.] hoge pieten; omes
中小企業 chūshōkigyō midden- en kleinbedrijf; [Belg.N.] kleine of middelgrote onderneming; [afk.;Belg.N.] kmo
中心 chūshin (1) midden; hart; binnenste; kern; [fig.] middelpunt; [fig.] spil; [fig.] navel; [綱の] ziel; (2) centrum; [fig.] haard
中部 chūbu (1) middengedeelte; middenstuk; centrale; middelste gedeelte; midden; centrum; (2) Chūbu-gewest
中間 chūkan (1) midden; het tussenliggende; (2) midden; gematigde standpunt; centrum; (3) tussentijd; intermedium; interim; tussenstadium; tussenliggende fase
中 chū (1) midden; tweede (van de drie); medium; middelgroot [gezegd van boekdelen (jōchūge 上中下);formaten (daichūshō 大中小) enz.]; (2) gemiddelde; middelmaat; [fig.] middenweg; (3) China; Chinees-; Sino-; (4) te midden van; onder; tussen; in; binnen [ter aanduiding van het zich bevinden in een ruimte]; (5) aan het …; tijdens; onder; gedurende; in de loop van; terwijl [ter aanduiding van het zich bevinden in een tijdsinterval of halverwege een actie]; (6) [maatwoord voor treffers]
中 naka (1) binnenste; binnenkant; inwendige; (2) midden; hart; (3) in; onder; in het midden van; te midden van; tussen; tijdens; gedurende; (4) (gulden) middenweg; tussenweg
二宮 nigū midden- en oostpaleis; [i.h.b.] keizerin en kroonprins
央 ō (1) in het midden; centrum van; halverwege; medio; mid-; (a) midden; centrum
最中 saichū (1) midden; middelst; binnenste; heetst [van de strijd enz.]; hartje [van de zomer enz.]; [gew.] putje; (2) in de loop van; tijdens; gedurende; onder; terwijl
最中 monaka (1) midden; hart; binnenste; kern; (2) hoogtepunt; toppunt; climax; bloeitijd; bloeiperiode; beste tijd; (3) [cul.] twee ronde dunne knapperig gebakken rijstkoekjes met zoete bonenpasta ertussen
真ん中;真中 mannaka (1) midden; centrum; middelpunt; hart; middel-; (2) precies in het midden; halverwege ~
臍 heso (1) [ook fig.] navel; (2) middelpunt; centrum; navel; midden; (3) [biol.] hilum; hilus
Tijd: 1.22 sec. jiten.nl: 6 treffers, warandict: 16 treffers (zoekopdracht: 'midden').
2005-2026
