日蘭辭典+

26 resultaten voor ‘veronderstellen’
日蘭辭典 (trefwoord)
atezuppō當てづっぽう
zn. bloote veronderstelling v.; een slag in de lucht. ¶ 當てづっぽうに in den blinde; op goed geluk.
sōzō想像
zn. verbeelding v.; veronderstelling (假想) v. ¶ 想像的 imaginair; in de verbeelding bestaand; ingebeeld. ¶ 想像する zich verbeelden; zich inbeelden; veronderstellen; aannemen; zich voorstellen. ¶ 想像し難い ondenkbaar. ¶ 想像鄕 droomenland; land der verbeelding. ¶ 想像説 hypothese. ¶ 想像妊婦 ingebeelde zwangerschap.
omou思ふ
(思う) i.w. (1) [考へる] denken. (2) [沈思] peinzen. t.w. (3) [志す] bedoelen. (4) [希望] hopen. (5) [懸念] vreezen. (6) [觀察] beschouwen. (7) 感ずる (8) [想像] veronderstellen. (9) [信じる] gelooven. (10) [豫期] verwachten. (11) [愛情] liefhebben. i.w. (12) [追想] zich herinneren. ¶ 思ふに mij dunkt. ¶ いゝと思ふ goed vinden. ¶ 正しいと思ふする doen, wat men meent, dat recht is. ¶ 何とも思はぬ niets geven om; zich niets aantrekken van. ¶ 我子を思ふ verlangen naar zijn kind.
gisuru擬する

t.w. (1) [假想] aannemen; veronderstellen. (2) [摸擬] nadoen. ¶ 北軍を以て侵入軍に擬する het noordelijke leger wordt verondersteld een vijandelijk invallend leger te zijn.

yosō豫想

(予想) zn. veronderstelling v.; verwachting v. ¶ 豫想高 raming. ¶ 豫想外 onverwacht; onvoorzien. ¶ 豫想する veronderstellen; verwachten; voorspellen.

yosoku豫測

(予測) zn. schatting v.; raming v.; veronderstelling v. ¶ 豫測する schatten; ramen; veronderstellen.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <veronderstellen>
仮定する kateisuru veronderstellen; aannemen; [veroud.;Belg.N.;niet alg.] nemen
仮想する kasōsuru zich verbeelden; zich voorstellen; zich indenken; zich imagineren; veronderstellen; aannemen; [gew.] zich inbeelden
仮設する kasetsusuru (1) tijdelijk oprichten; voorlopig installeren; (2) veronderstellen; aannemen
周知のことと思う shūchinokototōmou als bekend aannemen; veronderstellen
存じる zonjiru (1) denken; vinden; geloven; menen; houden voor; achten; beschouwen; aannemen; veronderstellen; (2) weten; kennen; begrijpen; bekend zijn met; beseffen; zich bewust zijn van; inzien
存ずる zonzuru (1) denken; vinden; geloven; menen; houden voor; achten; beschouwen; aannemen; veronderstellen; (2) weten; kennen; begrijpen; bekend zijn met; beseffen; zich bewust zijn van; inzien
察する sassuru (1) veronderstellen; vermoeden; de indruk krijgen; eruit opmaken; aannemen; achten; (2) voelen; gewaar worden; doorhebben; begrijpen; zich kunnen voorstellen; (3) meevoelen; meeleven; te doen hebben; begrip hebben voor
忖度する sontakusuru gissen; vermoeden; veronderstellen; onderstellen; inschatten; beoordelen
思う omou (1) denken; (2) geloven; overtuigd zijn; vast vertrouwen op; (3) geneigd zijn; de neiging hebben tot; (4) beschouwen als; bezien als; vinden dat; houden voor; (zich) aanrekenen als; menen; achten; veronderstellen ~ te zijn; (5) verwachten; hopen; rekenen op; voorzien; (6) vrezen dat; bang zijn dat; bevreesd zijn dat; (7) zich verbeelden; zich voorstellen; zich indenken; zich een beeld vormen van; (8) veronderstellen; aannemen; gissen; berekenen; er van uit gaan dat; (9) zich herinneren; (10) van plan zijn te; de intentie hebben te; (11) wensen; verlangen; willen; begeren; (12) geïnteresseerd zijn in; belangstelling hebben voor; (13) beminnen; liefhebben; verliefd worden op; verliefd zijn op; verlangen naar; (14) zich afvragen of; (15) verdenken van; wantrouwen; mistrouwen; verdenken te
想う omou (1) hopen; wensen; verwachten; voorzien; (2) gissen; vermoeden; raden naar; (3) veronderstellen; vooronderstellen; aannemen; uitgaan van; (4) zich herinneren; voor de geest roepen; voor de geest halen; voor zich halen; (5) sympathie voelen voor; sympathiseren met; een warm hart toedragen; genegenheid voelen voor; waardering gevoelen voor
想像する sōzōsuru zich verbeelden; zich inbeelden; zich een beeld vormen van; zich voorstellen; zich indenken; zich imagineren; zich voor de geest halen; voor zich zien; [i.h.b.] vermoeden; [i.h.b.] raden; [i.h.b.;form.] bevroeden; [i.h.b.] veronderstellen
想定する sōteisuru veronderstellen; stellen; onderstellen; aannemen
憶測する;臆測する okusokusuru gissen; gokken; schatten; vermoeden; aannemen; veronderstellen; speculeren
sui (a) vooruitbrengen; vooruitbewegen; (b) verheerlijking; (c) aanbevelen; (d) veronderstellen; gissen
推す osu (1) aanbevelen; aanprijzen; aanraden; adviseren; (als kandidaat) voordragen; (2) veronderstellen; aannemen; vermoeden
推定する suiteisuru schatten; ramen; begroten; taxeren; gissen; aannemen; assumeren; vermoeden; veronderstellen; presumeren; stellen; prognosticeren (op)
推測する suisokusuru raden; gissen; schatten; vermoeden; veronderstellen; supponeren; aannemen; opmaken; afleiden
推量する suiryōsuru (1) vermoeden; veronderstellen; [veroud.] onderstellen; gissen; raden; speculeren; als conjectuur opperen; (2) concluderen; besluiten; afleiden; aannemen; eruit opmaken; infereren; zich voorstellen
見受ける miukeru (1) aannemen; veronderstellen; ervan uitgaan; inschatten; (2) aantreffen; zien; tegenkomen; opmerken; in het oog krijgen
見当が付く kentōgatsuku zich voorstellen; zich een begrip vormen; veronderstellen; vermoeden
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.54 sec. jiten.nl: 6 treffers, warandict: 20 treffers (zoekopdracht: 'veronderstellen'). 
2005-2026