日蘭辭典+

11 resultaten voor ‘gezichtspunt’
日蘭辭典 (trefwoord)
kenchi見地
me
(眼) zn. (1) [眼] oog o. (2) [視力] gezicht o. (3) [注] aandacht v. (4) [見界] gezichtspunt o.; oogpunt o. (5) [鑑識] oordeel o.; verstand o. (6) [織] structuur v. (7) [網目] mazen v.mv. (8) [鋸齒] tand m. (9) [木理] draad m.; grein o. (10) [遭遇] behandeling v.; bejegening v.; ervaring v. [同情] sympathie v.; welwillendheid v. (12) [刻] inkeping. ¶ 愛くるしい眼 mooie oogen. ¶ 血走った met bloed beloopen oogen. ¶ 眼を向ける het oog richten op; den blik slaan op. ¶ 眼を覺ます de oogen openen; wakker worden. ¶ 眼を晦ます zand in de oogen strooien. ¶ 入る in het gezicht komen. ¶ 附く de aandacht trekken. ¶ の前で voor oogen; in tegenwoordigheid. ¶ が善い goede oogen hebben; goed kunnen zien; goed van gezicht zijn. ¶ 眼が見えなくなる het gezicht verliezen. ¶ 眼を留める de aandacht vestigen op. ¶ から見ると in zijn oogen; van zijn standpunt gezien. ¶ 利く scherp zien; een goed oordeel hebben; goed kunnen beoordeelen. ¶ の細かな織物 fijn geweven goed. ¶ ひどいめに合ふ bittere ervaring hebben; slechte bejegening ondervinden. ¶ かける vriendelijk behandelen. ¶ の瘤 een doorn in het oog; ergernis. ¶ に障る niet om aan te zien. ¶ inkepingen in den weegstok. ¶ が切れて居る niet het volle gewicht hebben; te licht zijn.
kansatsu觀察
(観察) zn. observatie v.; waarneming v.; opneming v. ¶ 觀察する observeeren; opnemen; waarnemen. ¶ 觀察力 opmerkinggave. ¶ 觀察gezichtspunt. ¶ 斯く觀察すれば in dat licht beschouwd.
tsukedokoro著所

(付け所) zn. punt o. ¶ 目の附所 gezichtspunt. ¶ 手の附所 punt van uitgang.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <gezichtspunt>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
ten (1) punt; stip; stippel; [als decimaalteken] komma; [Lat.] punctum; (2) puntje; stipje; tittel; [op letterteken;veroud.] tip; (3) punctuatie; interpunctie; interpunctieteken; [taalk.;veroud.] sluitteken; (4) punt; waarderingspunt; waarderingscijfer; cijfer; [m.b.t. een Japans dichtwerk] waarderingsteken; (5) punten; score; [voetbal] doelpunt; treffer; [cricket;honkbal] run; (6) punt; kwestie; opzicht; standpunt; gezichtspunt; oogpunt; (7) [maatwoord voor punten;runs]; (8) [maatwoord voor stuks;artikelen]
目;眼 me (1) oog; doppen; kijkers; [kindert.] piepers; kijkerd; gaten; glimmers; [gew.;vulg.] keut; [Barg.] glimmerik; [Barg.] spanling; [Barg.;volkst.] lampjes; (2) het zien; gezicht; gezichtsvermogen; zicht; gezichtsveld; vizier; blik; oogopslag; kijk; optiek; gezichtspunt; oogpunt; zienswijze; inzicht; zorg; (3) aanzicht; aanblik; (4) ervaring; (5) opening; tussenruimte; (6) maatstreep; maat; (7) volume; inhoud; (8) foei; (9) -ste; -de [ordinaal suffix]; (10) [achtervoegsel dat een grens of raakvlak tussen twee zaken;toestanden e.d. markeert;het wordt aangesloten op de ren'yōkei van werkwoordsvormen]; (11) -ig [aangesloten op de stam van adjectieven of op de ren'yōkei van werkwoorden;drukt een mate;eigenschap of tendens uit die neigt naar het genoemde]
見地 kenchi standpunt; gezichtspunt; oogpunt
見方 mikata (1) visie; standpunt; opvatting; optiek; invalshoek; perspectief; oogpunt; gezichtshoek; gezichtspunt; zienswijze; benaderingswijze; insteek; inzien; kijk; (2) manier van kijken; kijkwijze; kijkmethode
視点 shiten standpunt; oogpunt; gezichtspunt; optiek; visie; perspectief; opzicht; zienswijze; gezichtshoek; invalshoek; insteek
観点 kanten zienswijze; oogpunt; gezichtspunt; standpunt; optiek; perspectief; gezichtshoek; invalshoek; insteek; opzicht
角度 kakudo (1) hoek; (2) gezichtspunt; oogpunt; kant
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.44 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 7 treffers (zoekopdracht: 'gezichtspunt'). 
2005-2026