
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
tsunoru・募る
t.w. (1) [兵士を] oproepen; recruteeren; onder de wapens roepen. (2) [税を] heffen. i.w. (3) [公債等] inschrijving openen. (4) [烈しくなる] hevig worden; erger worden. ¶ 職工を募る werkvolk aannemen. ¶ 寄附を募る bijdragen verzamelen. ¶ 外債を募る buitenlandsche leening uitschrijven. ¶ 病氣が募った de ziekte is erger geworden. ¶ 火勢は募る de brand neemt in hevigheid toe.
me・目
(眼) zn. (1) [眼] oog o. (2) [視力] gezicht o. (3) [注目] aandacht v. (4) [見界] gezichtspunt o.; oogpunt o. (5) [鑑識] oordeel o.; verstand o. (6) [織目] structuur v. (7) [網目] mazen v.mv. (8) [鋸齒] tand m. (9) [木理] draad m.; grein o. (10) [遭遇] behandeling v.; bejegening v.; ervaring v. [同情] sympathie v.; welwillendheid v. (12) [刻目] inkeping. ¶ 愛くるしい眼 mooie oogen. ¶ 血走った目 met bloed beloopen oogen. ¶ 眼を向ける het oog richten op; den blik slaan op. ¶ 眼を覺ます de oogen openen; wakker worden. ¶ 眼を晦ます zand in de oogen strooien. ¶ 目に入る in het gezicht komen. ¶ 目に附く de aandacht trekken. ¶ 目の前で voor oogen; in tegenwoordigheid. ¶ 目が善い goede oogen hebben; goed kunnen zien; goed van gezicht zijn. ¶ 眼が見えなくなる het gezicht verliezen. ¶ 眼を留める de aandacht vestigen op. ¶ 彼の目から見ると in zijn oogen; van zijn standpunt gezien. ¶ 目が利く scherp zien; een goed oordeel hebben; goed kunnen beoordeelen. ¶ 目の細かな織物 fijn geweven goed. ¶ ひどいめに合ふ bittere ervaring hebben; slechte bejegening ondervinden. ¶ 目をかける vriendelijk behandelen. ¶ 目の上の瘤 een doorn in het oog; ergernis. ¶ 目に障る niet om aan te zien. ¶ 秤の目 inkepingen in den weegstok. ¶ 目が切れて居る niet het volle gewicht hebben; te licht zijn.
giji・議事
zn. behandeling (in de kamer). ¶ 議事を開く de zitting openen. ¶ 議事日程 de orde van den dag. ¶ 議會の議事錄 handelingen van de Staten-Generaal; verslag van de raadszitting.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <openen>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
オープンする oopunsuru opengaan; (zich) openen; geopend worden; z'n deuren openen
公開する koukaisuru openen; openstellen voor het publiek; toegankelijk maken voor het publiek; bekendheid geven aan; [m.b.t. kunst] ter bezichtiging stellen; exposeren; tentoonstellen; exhiberen; [m.b.t. film] vertonen; uitbrengen
切開する sekkaisuru [chir.] opensnijden; openen; insnijden; incideren; seceren; opereren
始まる hajimaru (1) beginnen; aanvangen; starten; openen; een aanvang nemen; [学校が] aangaan; van wal steken; [van periodes] inzetten; intreden; [brand;oorlog enz.] uitbreken; [i.h.b.] dateren (uit); ontstaan; ontspringen; zijn oorsprong vinden in; incipiëren; [w.g.] zich instellen; (2) [van tic;hebbelijkheid enz.] (weer) beginnen
拓 taku (a) openen; openleggen; baan breken; (b) een rubbing maken; (c) vallen; ten onder gaan
置く;措く;擱く oku (1) plaatsen; zetten; leggen; stellen; installeren; (2) laten liggen; achterlaten; (3) laten; zo laten; toelaten; toestaan; (4) oprichten; vestigen; instellen; stichten; grondvesten; openen; houden; (5) bewaren; opslaan; stockeren; conserveren; houden; een voorraad vormen; (6) (措く) uitzonderen; terzijde leggen; (7) erbij laten; er zich verder niet meer mee bemoeien; (8) tewerkstellen; werk geven; in dienst hebben; [bedienden] houden; (9) huisvesten; logeren; logies verlenen; (10) aanstellen als; [een persoon] in een zekere functie plaatsen; benoemen; (11) [soldaten] posteren; legeren; plaatsen; opstellen; (12) een tussenruimte laten; een tijdsinterval laten; tijd tussen laten; afscheiden; op een afstand houden [zie ook het suffix -oki 置き]; (13) verpanden; belenen; in onderpand geven; (14) [m.b.t. een laagje goud;zilver etc.] voorzien; beleggen; bekleden; vergulden; verzilveren; (15) [m.b.t. dauw;rijp;rijm;nachtvorst etc.] zich vormen; (16) iets op voorhand doen; iets alvast doen [na een て-vorm van een werkwoord]; (17) (擱く) stoppen met schrijven; de pen neerleggen; een brief afsluiten
見開く mihiraku (1) [目を~] de ogen opensperren; spalken; wijd openzetten; openen; openspalken; opspalken; grote ogen opzetten; (2) doorzien; doorhebben; doorgronden
起す;起こす;興す okosu (1) rechtop zetten; oprichten; [撃鉄を] overhalen; overeind helpen; helpen opstaan; ophelpen; (2) wekken; wakker maken; (3) beginnen; aanvangen; openen; [訴訟を] aanspannen; instellen; (4) veroorzaken; aanleiding geven tot; teweegbrengen; aanstichten; aanrichten; (5) [熱;電気を] produceren; voortbrengen; genereren; verwekken; opwekken; doen ontstaan; [火を] aanleggen; aansteken; (6) doen herleven; opnieuw doen leven; (7) ziek worden; [病気を] oplopen; getroffen worden door; een aanval hebben van; krijgen; (8) oprichten; stichten; vestigen; in het leven roepen; (9) ploegen; omwerken; [土を] omwoelen
開く hiraku (1) openen; opendoen; openmaken; vrijmaken; openstellen; [i.h.b.] stichten; oprichten; starten; beginnen; [van recepties;bijeenkomsten e.d.] houden; [een fuif e.d.] geven; (2) openvouwen; ontvouwen; uitpakken; (3) imikotoba voor "breken"; (4) [wisk.] de wortel trekken [uit een getal]; (5) ontsluiten; in cultuur brengen; in exploitatie brengen; ontwikkelen; beschaven; [道を] banen; (6) bevatten; met het verstand omvatten; (7) [drukk.] kanji in hiragana omzetten; (8) zich openen; opengaan; zich ontsluiten; (9) [van bloemen] ontluiken; openbloeien; [lit.t.] opluiken; (10) [van vergaderingen e.d.] uiteengaan; (11) [van aantallen;afstanden e.d.] uiteen gaan liggen; uiteenlopen; (zich) verwijden
開ける akeru (1) [門;扉;窓;口;目を] openen; opendoen; [鍵を] van het slot doen; ontsluiten; [封を] openmaken; [蓋を] lichten; (2) [店;小屋を] openen
開け放す akehanasu (1) [窓を] opengooien; [戸を] openzetten; openstellen; openen; (2) [fig.] rond voor iets uitkomen; open kaart spelen; kaart op tafel spelen; z'n kaarten op tafel leggen; blootleggen
開会する kaikaisuru (1) [会合が] openen; opengaan; geopend worden; gehouden worden; zitting hebben; houden; (2) [会を] openen
開催する kaisaisuru houden; organiseren; doen plaatsvinden; openen
開園する kaiensuru [動物園;植物園;遊園地;幼稚園が] opengaan; openen; geopend worden
開場する kaijousuru opengaan; openen; geopend worden
開封する kaifuusuru ontzegelen; het zegel lichten; openen; verbreken
開局する kaikyokusuru (1) [郵便局を] openen; [放送局を] oprichten; lanceren; (2) [郵便局が] openen; geopend worden; opengaan; [放送局が] van start gaan; opgericht worden
開帳する kaichousuru (1) [boeddh.] (een schrijn) ceremonieel openen; [i.h.b.] (een cultusbeeld) tentoonstellen; uitstallen; exposeren; (2) onthullen; ontsluieren; (3) (een casino; goktent) openen
開拓する kaitakusuru ontginnen; ontwikkelen; bebouwbaar maken; in cultuur brengen; aan snee brengen; in exploitatie brengen; tot bouwland omploegen; ontsluiten; openen; openleggen; [veroud.] aanbouwen; [fig.] aanboren
開放する kaihousuru openen; openzetten
開校する kaikousuru een school oprichten; stichten; beginnen; openen
開業する kaigyousuru een zaak beginnen; oprichten; opzetten; openen; een eigen praktijk; bedrijf beginnen; zich als [arts;advocaat enz.] vestigen; zijn werkzaamheden als [arts;advocaat enz.] aanvangen; zich installeren
開示する kaijisuru openbaar maken; bekendmaken; openen; opening doen; vrijgeven; overleggen; [Belg.N.] voorleggen; [jur.] ter inzage leggen
開設する kaisetsusuru oprichten; vestigen; openen; installeren
開館する kaikansuru [図書館;映画館が] openen; opengaan
Tijd: 1.34 sec. jiten.nl: 7 treffers, warandict: 25 treffers (zoekopdracht: 'openen').
2005-2026
