日蘭辭典+

35 resultaten voor ‘rond’
日蘭辭典 (trefwoord)
marui圓い、丸い
(円い) bn. rond.
zattoざっと
bw. ruw geschat; in ronde getallen; om en bij. ¶ ざっと目を通す vluchtig doorkijken. ¶ ざっと洗ふ even afspoelen. ¶ 事件ざっとそんなもんだ daar komt het ongeveer op neer. ¶ ざっとした vluchtig; oppervlakkig.
oyoso凡そ
bw. (1) [一般に] over ’t algemeen; in ’t algemeen gezegd; over ’t geheel genomen. (2) [] ongeveer; in ronde getallen; om en bij. ¶ 凡そ一千ongeveer duizend yen; een duizend yen of zoo.
entaku圓卓
(円卓) zn. ronde tafel v.
kurikuriくりくり

bw. rond. ¶ 頭をくりくりと剃る het hoofd kaal laten scheren.

kururitoくるりと

bw. in de rondte; rond-; om-.

wagiri輪切

zn. schijfje o.; rond plakje o. ¶ 輪切にする in schijfjes snijden.

SUPPLEMENT (trefwoord)
hyōhyō飄々
(to-adj) (1) dwarrelend; zwevend; flapperend. (2) ronddwalend; rondlopend zonder doel; luchthartig; onbekommerd; niet gebonden door wereldse zaken. ¶ 何か飄々とはぐらかされてる気がするわ。 Nanka hyōhyō to hagurakasarete’ru ki ga suru wa. ♀ Ik heb het gevoel dat ik in de rondte wordt gestuurd. (TTC) ¶ 飄々と生きた趣味の自由人といった人柄を伝えている Hyōhyō to ikita shumi no jiyūjin to itta hitogara wo tsutaete iru. Hij gaf de indruk een vrije geest te zijn die niet gebonden was aan één plaats. (BCWK)

NB In gebruik: 飄々hyōhyō to, 飄々とした hyōhyō to shita, 飄々として hyōhyō to shite, 飄々としながら hyōhyō to shinagara.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <rond>
ぐるり gururi (1) [~と] rond; om; rondom; omheen; in het rond; aan alle kanten; (2) omtrek; omgeving; omstreken; rondte
フラット furatto (1) [muz.] mol; molteken; ♭; [Belg.N.] b-molteken; (2) flat; appartement; (3) op de kop af; rond; exact; (4) plat; vlak; effen
ラウンド raundo (1) [sportt.] ronde; wedstrijdronde; (2) [m.b.t. golf] ronde (van 18 holes); (3) rond
丸々;〇〇 marumaru (1) lege plek; blanco gedeelte; opengelaten plaats; leeg gelaten passage; (2) ene; een zeker(e); niet nader genoemd(e); (3) vol; bol; rond; mollig; bolrond; (4) volledig; compleet; volkomen; helemaal; geheel en al; totaal
丸々した marumarushita vol; bol; rond; mollig; bolrond
丸々と marumaruto (1) vol; bol; rond; mollig; bolrond; (2) volledig; compleet; volkomen; helemaal; geheel en al; totaal
今時分 imajibun nu ongeveer; rond; om deze tijd; rond dit uur
今頃 imagoro (1) nu ongeveer; rond; om deze tijd; rond dit uur; (2) onderhand; op dit ogenblik
其処ら sokora (1) daar ergens in die buurt; daaromtrent; in die omgeving; (2) omstreeks; omtrent; zo ongeveer; rond; om en bij; om en nabij; (3) het fijne ervan; nadere gegevens; bijzonderheden; details
円い marui (1) rond; circulair; [~顔;月] vol; (2) sferisch; bolrond; bol; (3) minzaam; aardig; rustig; kalm
円ら tsubura rond; kraalvormig
円らな tsuburana rond; kraalvormig
円形の enkeino rond; cirkelvormig; circulair
前後 zengo (1) voor- en achterkant; voor- en achterzijde; [loc.] voor en achter; [loc.] voor- en achteraan; [loc.] ervoor en erachter; [loc.] voor- en achterwaarts; (2) voor en na; tevoren en daarna; ervoor en erna; voor- en achteraf; [i.h.b.] consequenties; (3) tegen; rond; omstreeks; omtrent; om en (na)bij; circa; (zo) ongeveer; zo'n; zowat; in de buurt van
単刀直入 tantōchokunyū oprecht; rechtdoorzee; open; eerlijk; direct; rond; onbevangen; [inform.] straight
単刀直入な tantōchokunyūna oprecht; rechtdoorzee; open; eerlijk; direct; rond; onbevangen; [inform.] straight
単刀直入に tantōchokunyūni oprecht; open; eerlijk; direct; rond; ronduit; op de man af; rechtuit; rechttoe rechtaan; onbevangen; zonder omhaal; zonder omwegen; vierkant; platweg; à bout portant; recht voor z'n raap; zonder eromheen te draaien; de dingen bij de naam noemend; zonder omslag; zonder omwegen; [inform.] straight; [Belg.N.] vlakaf
単刀直入の tantōchokunyūno oprecht; open; eerlijk; direct; rond; onbevangen; [inform.] straight
回す;廻す mawasu (1) (doen) draaien; draaien aan; wentelen; omdraaien; aandraaien; omwenden; omwentelen; omzwenken; ronddraaien; laten rondwentelen; aan het rollen brengen; doen tollen; [wasmachine;ventilator e.d.] aanzetten; [een vat;hoepel e.d.] (voort)rollen; (2) omgeven met [een muur;gracht enz.]; (3) doen reiken tot; (4) rondgeven; doorgeven; laten rondgaan; overhandigen; [塩を] aangeven; (5) uitzenden; sturen; rondzenden; omsturen; overzenden; opsturen; doorzenden; doorsturen; doorverwijzen [naar de specialist enz.]; overplaatsen; doorverbinden [met een ander toestelnummer]; (6) uitzetten; [op interest enz.] zetten; beleggen; (7) rond-; om- [sluit aan op de ren'yōkei van dōshi]
回る mawaru (1) ronddraaien; omkeren; omdraaien; tollen; in het rond draaien; rondtollen; keren; draaien (om); rondwentelen; omwentelen; roteren; om een as draaien; rouleren; wentelen; rondgaan; rondcirkelen; cirkelen; gaan (om); gaan via; [een kaap enz.] ronden; zijn ronde doen; patrouilleren; toeren; circuleren; (2) afslaan naar; zwenken; omzwenken; omlopen; overgaan naar; overstappen naar; omzwaaien; (3) een omweg maken; omlopen; omgaan; (4) langskomen; aanlopen; aanwippen; (5) afwisselen; rouleren; (6) geheel doordringen; uitwerking hebben; (7) (vlot) draaien; (goed) functioneren; (vlug) werken; (8) het is over …; na …; (9) zich in een bepaalde positie begeven; in iemands schoenen gaan staan; (10) rond-; om- [sluit aan op de ren'yōkei van dōshi]
団欒 danran (1) kring; rond; (2) het zitten in een kring; in het rond; (3) gezellig onderonsje; samenzijn; bijeenzijn onder vrienden
玉;珠 tama (1) edelsteen; gemme; juweel; kleinood; [verzameln.] bijouterie; [fig.] sieraad; [fig.] pronkstuk; [fig.] prachtstuk; [fig.] prachtexemplaar; [fig.] dot; (2) rond; bolvormig voorwerp; bol; sfeer; [ビリヤードの] biljartbal; (3) [i.h.b.] muntstuk; [inform.;mv.] ballen; (4) drup; druppel; traan; [汗の] parel; (5) kraal; balletje; (6) [眼鏡の] lens; (7) bal; testikel; testis; [volkst.] patroon; [vulg.] kloot; (8) bal; [野菜の] krop; [ウールの] knot; kluwen; knoedel; (9) meisje (van plezier); snoesje; (10) schoonheid; lekker ding; stuk; dier; kanjer; spetter; brok; [inform.] stoot; [inform.] poes; [slang] schat; [slang] babe; (11) [maatwoord voor ronde;bolvormige voorwerpen]
端数のない hasūnonai afgerond; rond
絡み garami (1) inclusief; incl.; met inbegrip van; m.i.v.; (2) rond; ongeveer; om en bij de; in de buurt van; (3) betrekking hebbend op; verband houdend met; gerelateerd zijn aan; in relatie staand tot
脹よか fukuyoka (1) [体型が] vlezig; mollig; rond; vol; (2) [香りが] rijk; vol
足掛け ashikake (1) steun; steunpunt voor de voet; voetsteun; [自転車;オルガンの] pedaal; [自転車の] trapper; [バイクの] stepje; [バス;電車の] opstapje; afstapje; [ボートの] spoorstok; voetbord; voetenbord; (2) voetbank; voetenbankje; (3) plaatsing van de voet; [judo;sumō-jargon] beentje lichten; het over het been gooien van de tegenstander; (4) [gymn.] kniezwaai; (5) [~…年;月;日] bezig aan z'n …ᵉ jaar; maand; dag; (net) iets minder dan; ongeveer; circa; rond; ongeveer; bijna
goro omstreeks; tegen; omtrent; ongeveer; rond; om en bij de; het; naar … toe
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.52 sec. jiten.nl: 8 treffers, warandict: 27 treffers (zoekopdracht: 'rond'). 
2005-2026