日蘭辭典+

33 resultaten voor ‘ki’
日蘭辭典 (titelwoord)
ki
zn (1) [樹] boom m. (2) [材] hout o.
ki
(気) zn. (1) [力] geest m.; hart o.; ziel v. (2) [質] karakter o. (3) [分] humeur o.; stemming v. (4) [傾向] neiging v.; geneigdheid v. (5) [注意] zorg v.; aandacht v. (6) [呼吸] adem m. (7) [空] lucht v.; atmosfeer v. (8) [蒸] damp m.; uitwaseming v.(9) [香] smaak m.; geur m. (10) [精] ether m. ¶ がある lust hebben; geneigd zijn. ¶ がさす ongerust zijn. ¶ が狂ふ gek worden. ¶ が違って居る niet goedwijs zijn. ¶ がふれる buiten zich zelven zijn; niet wel bij het hoofd zijn. ¶ が長い geduldig. ¶ が拔けた afgetrokken; verstrooid. ¶ が塞ぐ somber gestemd zijn; tobben; (俗) in de put zitten. ¶ が詰まる benauwd zijn. が進む volgaarne; van ganschen harte. ¶ が進まぬ geen zin hebben. ¶ が立って居る opgewonden zijn.¶ が向く geneigd zijn; lust hebben. ¶ が濟まぬ niet op zijn gemak zijn. ¶ が重くなる gedrukt zijn; somber zijn. ¶ が遠くなる bewusteloos worden; bezwijmen; flauw vallen. ¶ が咎める niet op zijn gemak zijn; zelfverwijt gevoelen. ¶ に病む ongerust zijn. ¶ ....... するになる er toe komen om; lust krijgen om. ¶ に障る hinderen; ergeren. ¶ の強い stoutmoedig; dapper. ¶ の弱い slap. ¶ の合った gelijkgezind; sympathiek. ¶ のない zouteloos; laf. ¶ の小さい kleinmoedig.¶ の狹い bekrompen; kleinzielig. ¶ 樹の大きい grootmoedig; edelmoedig (寬大); moedig. ¶ の早い driftig; opvliegend. ¶ の好い goedhartig. ¶ の利いた behendig; knap. ¶ 變り易い wispelturig. ¶ を揉む tobben; zich bezorgd maken.¶ をゆるす aandacht laten verslappen; niet goed opletten. ¶ を勵ます moedvatten. ¶ を晴らす zich ontspannen. ¶ を養ふ geest voedenを失ふ flauw vallen; bewusteloos worden; bezwijmen; bewustzijn verliezen. ¶ を探る polsen. ¶ を變へる van opinie veranderen. ¶ を配る zijn aandacht gevestigd houden op; (俗) in de gaten houden. ¶ を持つ (心をかける) zich wijden aan.¶ を長くする geduld oefenen. ¶ を拔く verslappen. ¶ を落ちつける zijn gedachten verzamelen; tot zich zelven komen. ¶ を落す den moed verliezen; den moed laten zinken. ¶ を負ふ zich laten voorstaan op; prat gaan op. ¶ を惡くする kwalijk nemen. ¶ 人のを惡くする iemand’s gevoelens kwetsen. ¶ を利かせる een wenk begrijpen. ¶ を廻す achterdocht koesteren. ¶ を附ける goed opletten; oppassen. ¶ を附け pas op !; geef acht ! (號令). ¶ は心 neem den wil voor de daad; waardeer de goede bedoeling. ¶ 何のもなしに zonder eenige (kwade) bedoeling. ¶ に懸けるな trek je er niets van aan ! ¶ あとでがついた later viel mij in ....... . ¶ が濟んだ het is mij een pak van het hart.
ki
zn. (1) [時代] tijdperk o.; periode v. (2) [期間] termijn m. (3) [段階] stadium o.
ki
(黄) zn. geel o.
TEKST EN UITLEG (trefwoord)
over:reikiレイキ、靈氣、霊氣、霊気
※ De term reiki wordt in het Westen vaak opgevat als ‘universele levensenergie’, maar het oorspronkelijke Japanse woord waar het van is afgeleid (霊気 reiki) betekent zoiets als ‘mysterieuze atmosfeer; een wonderlijke stemming; een mysterieus voorteken’ (大辞林).

Afgaand op de Japanse wikipedia wordt de gelijknamige alternatieve geneeswijze Reiki in hedendaags Japan evenwel primair gespeld als レイキ, dat wil zeggen, geschreven met katakana (een van de twee syllabenschriften van het Japans) waardoor het een speciale nuance krijgt die het losmaakt van het originele woord dat gespeld wordt met kanji. Niettemin kan Reiki ook in kanji gespeld worden (vooroorlogse en naoorlogse kanji in wisselende combinaties): 靈氣, 霊氣 en 霊気.

Spelling in katakana is in het Japans vooral gebruikelijk voor woorden die uit andere talen zijn ontleend, maar er zijn ook Japanse woorden die in dat schrift gespeld worden (meestal met als doel een speciale nadruk of nuance, maar soms ook om simpelweg spelling met (vooral vooroorlogse) kanji te vermijden). In het geval van Reiki lijkt de keuze voor katakana spelling te zijn ingegeven door het internationale karakter van de methode (het is evenzeer of zelfs meer een Westers dan Japans verschijnsel).

De bedenker van Reiki, 臼井甕男 Mikao Usui, gaf zijn behandelmethode oorspronkelijk een benaming in schrijftaal sino-japans: 臼井靈氣療法學會 Usui Reiki ryōhō gakkai (Vereniging voor Usui's Reiki behandelwijze). Het is denkbaar dat Usui bij zijn keuze voor het woord 靈氣 reiki niet dacht aan de gangbare betekenis in het Chinees of het Japans, maar dat hij er een nieuwe lezing aan gaf op basis van de afzonderlijke karakters waarmee het originele woord gespeld wordt, maar daar heb ik geen verwijzingen voor kunnen vinden. Overigens vind ik het wel opvallend dat Usui, die de inspiratie voor zijn methode tijdens een ascetische Boeddhistische training op de berg Kuruma kreeg, koos voor een woord dat als een belangrijke betekenis in het Chinees ‘spirituele invloed van de bergen’ heeft (遠東漢英大辞典).
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <ki>
ki [flexiemorfeem van verleden tijd;herinnering]
ki (a) schildpad; (b) als orakelbot gebruikt buikschild van een schildpad
人工受精 jinkōjusei kunstmatige inseminatie; kunstmatige bevruchting; [afk.] ki
ki (a) zich verheugen; vreugde; (b) heuglijk; gelukkig; (c) 77 jaar
ki (1) doos; trommel; (2) eenvoudig gereedschap; (3) stelsel; apparaat; (4) het verstandig zijn
ki burcht; burg
ki (1) [chem.] groep; radicaal; (2) [wisk.] grondtal; worteltal; radix; (3) [maatwoord voor funeraire of boeddho-shintoïstische plaatsen en voorwerpen;bv. graven;piramiden;stoepa's;grafheuvels;grafkamers;torii;mikoshi;huisaltaren;tabernakels]; (4) [maatwoord voor grote;vaste installaties;voorzieningen en ornamenten;bv. tuinlantaarns;zerken;beeldwerken;gedenkplaten;stadsmeubilair;openbare toiletten;publieke speeltoestellen;grote machines;lichtinstallaties;straatverlichting;verkeerslichten;(licht)boeien;tanks;reservoirs;muurschermen;projectiedoeken;antieke kamerschermen;nederzettingsrestanten;archeologische ovenvondsten]; (5) [w.g.] [maatwoord voor vinnen van een vis]; (6) [maatwoord voor torenconstructies of massieve bouwwerken;bv. torens;pagodes;boortorens;vuurtorens;uitkijktorens;brugpijlers;militaire batterijen;lanceerplatforms;dijken;golfbrekers;dammen]; (7) [maatwoord voor haarden;generatoren;reactoren]; (8) [maatwoord voor vaste transportinstallaties;bv. liften;roltrappen;skiliften;transportbanden]; (9) [maatwoord voor vliegtuigmotoren en ruimtetuigen;bv. raketten;satellieten]
ki (1) vreemdheid; het vreemde; ongewoonheid; eigenaardigheid; excentriciteit; curiositeit; uitzonderlijkheid; (2) vreemd; ongewoon; speciaal; merkwaardig; eigenaardig; curieus; zonderling; excentriek; (a) bijzonder; verwonderlijk; wonderbaarlijk; uitzonderlijk; (b) vreemd; merkwaardig; raar; ongewoon; zonderling; (c) onverwacht; onvoorzien; (d) oneven; ondeelbaar; (e) onfortuinlijk; ongelukkig
ki (1) seizoen; jaargetijde; getijde; getij; (2) [Jap.letterk.] seizoensthema; (3) tijdsduur van één jaar; jaartermijn; [veroud.] jaargetijde; (a) seizoen; jaargetijde; (b) [i.h.a.] seizoen; (c) jaartermijn; (d) [Jap.letterk.] seizoensthema; (e) jongste; benjamin; (f) slotmaand van elk seizoen; (g) einde van een periode
ki (a) (naar huis) terugkeren; (b) op de juiste plaats terechtkomen
ki (1) het schuwen van onheil; mijding; (2) rouwperiode; rouwtijd; rouw; (3) verjaardag van iemands overlijden; sterfdag
ki (a) vlag; (b) [Chin.gesch.;mil.] vendel [= legerkorps tijdens de Qīng-dynastie]
ki (1) periode; (2) anticipatie; verwachting; (3) tijdperk; tijdvak; (4) tijdstip
ki (1) boom; (2) hout; (3) struik
ki weggooien; in de steek laten
ki (a) go; go-spel; (b) shogi
ki (a) [plantk.] zelkova; (b) [plantk.] Japanse es
ki (1) gelegenheid; kans; tijd; moment; opportuniteit; omstandigheden; juiste ogenblik; (2) machine; toestel; (werk)tuig; apparaat; installatie; (3) vliegtuig; toestel; [veroud.] vliegmachine; [w.g.] vliegtoestel; (4) [maatwoord voor vliegtuigen]
ki wilskrachtig; dapper; onwrikbaar
ki (1) Ki; (a) regel; bepaling; (b) registreren; (c) jaar; tijdperk; (d) kroniek; (e) [geol.] periode; geologisch tijdperk; (f) Nihonshoki; (g) provincie Kii
ki [plantk.] plant van de familie Malvaceae (bv. kaasjeskruid; malve; maluwe)
ki (a) passer; (b) criterium; maatstaf; (c) regelen
ki (1) aantekening; optekening; notitie; (2) verslag; rapport; beschrijving; notulen; kroniek; verhaal; (3) Kojiki; (a) noteren; optekenen; (b) aantekening; notitie; -grafie; (c) onthouden; (d) teken; (e) Kojiki
ki (a) opstaan; opstijgen; zich verheffen; (b) aanvangen; starten; (c) begin; oorsprong
ki (1) wagenspoor; rijspoor; voor; (a) wagenspoor; (b) lijn; regel; norm
ki (1) [maatwoord voor paardrijders]; (a) paardrijden; (b) paardrijder; ruiter
ki (1) monster; demon; (2) geest; ziel; genius; [shintoïsme] kami; (3) geest der afgestorvene; [Rom.myth.] manen; Manes; (4) [boeddh.] preta; (5) [Chin.astron.] Geest; Guǐ [= één van de achtentwintig maanhuizen]; (a) geest; (b) demon; (c) [boeddh.] preta; (d) monster; gedrocht; (e) superwezen; (f) [Chin.astron.] Guǐ
ki (1) geel [= de kleur █]; (2) [声が] schel; schril; schetterig
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.3 sec. jiten.nl: 5 treffers, warandict: 28 treffers (zoekopdracht: 'ki'). 
2005-2026