日蘭辭典+

10 resultaten voor 「風」
日蘭辭典 (titelwoord)
kaze
zn. (2) [] wind m. (2) [邪] koud v. (3) [隙間] tocht m. ¶ 一陣の windvlaag. ¶ が吹いて居ます het waait. ¶ を引いて居る verkouden zijn. ¶ ある winderig. ¶ なき stil; bladstil.
日蘭辭典 (trefwoord)
yamu止む
(已む、罷む) i.w. ophouden; stoppen; uitscheiden; eindigen; afgeloopen zijn; stilstaan. ¶ が止んだ de regen is opgehouden. ¶ が止んだ de wind is gaan liggen.
soyogu戰ぐ
(戦ぐ) i.w. (1) [が] zuchten; suizen. (2) [が] ritselen; trillen; ruischen.
nabiku靡く
i.w. buigen; zich buigen; toegeven (服從). ¶ に靡く bukken voor de macht van het geld. ¶ 稻がに靡いてゐる de rijsthalmen golven in den wind.
matomoni正面に
(真面) bw. recht tegenover; vlak in ’t gezicht; rechtstreeks. ¶ を正面に受けて vlak tegen den wind in.
fukidasu吹出す

(吹き出す) i.w. (1) [噴出] spuiten; opspuiten. (2) [が] beginnen te waaien. (3) [が] uitbarsten (山が); oplaaien. (4) [失笑] in lachen uitbarsten. t.w. (5) [噴出] spuiten; naar buiten werpen; uitstooten; uitblazen.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <風>
殴る naguru (1) (hard) slaan; meppen; een klap geven; slaag geven; een mep uitdelen; een dreun verkopen; ervan langs geven; afranselen; afrossen; aframmelen; knokken; [Barg.] gieren; (2) [風;雨;雪が] striemen; (3) […~] slordig …; ruw te werk gaan met
荒れ狂う arekuruu (1) als een bezetene tekeergaan; woest worden; amok maken; over de rooie gaan; [馬が] op hol slaan; kolderen; de kolder in de kop krijgen; (2) [風;波が] stormen; woeden; razen; wild tekeergaan
kaze wind; bries
(1) gewoonte; gebruik; neiging; (2) manier; wijze; voege; trant; stijl; type; soort; (3) air; allure; voorkomen; uiterlijk; houding; aanzicht; (4) zoals ~; op de manier van ~; in de stijl van ~; à la ~; naar ~
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.46 sec. jiten.nl: 6 treffers, warandict: 4 treffers (zoekopdracht: '風'). 
2005-2026