日蘭辭典+

58 resultaten voor ‘buiten’
日蘭辭典 (trefwoord)
soto
zn. buitenkant m. ¶ buiten; buitenshuis. ¶ より見る door het raam naar buiten kijken. ¶ 食事する buitenshuis eten. ¶ 出る naar buiten gaan.
ankisuru暗記する
t.w. van buiten leren. ¶ 暗記して居る van buiten kennen. ¶ 暗記力 geheugen.
anshō諳誦
zn. voordracht uit het hoofd. ¶ 諳誦する uit het hoofd leren; van buiten leeren; voordragen; opzeggen; Noot: Vgl. ‘ankisuru’.
yamadashi山出し
zn. boerenpummel m.; meisje van buiten (女). ¶ 山出しの van buiten; versch uit de bergen.
de
vz. (1) [時間の場合] in; over; op. (2) [場所の場合] in; op; te. (3) [手段の場合] door; door middel van; per; met. (4) [年齡の場合] op. (5) [材料の場合] van. (6) [乘物の場合] per; met. (7) [價格の場合] voor; tegen. (8) [原因の場合] door; in verband met; naar aanleiding van; wegens. (9) [用語の場合] in. ¶ 一箇月で出來ます het is over een maand klaar. ¶ 銀座で逢ふ in de Ginza elkaar ontmoeten. ¶ 東京in Tokyo. ¶ バタビヤで op Batavia. ¶ の前で voor. ¶ の外で buiten. ¶ ひきで door protectie. ¶ 手紙per brief. ¶ 時間で借りる per uur huren. ¶ 斤で賣る per pond verkoopen. ¶ 廿歳で op zijn twintigste jaar. ¶ 作る van hout maken. ¶ 汽車で per spoor; met den trein. ¶ 一圓で賣る voor een yen verkoopen. tegen een yen verkoopen. ¶ 氣で缺席する wegens ziekte afwezig zijn. ¶ 肺病で死ぬ aan tering sterven. ¶ 蘭語in het Hollandsch.
igai以外
vz. behalve; buiten. ¶ 土曜以外には behalve ’s zaterdags. ¶ ……以外に op elken anderen tijd. ¶ 月給以外に少收入がある hij heeft nog andere inkomsten buiten zijn salaris.
ekken越權
(越権) zn. overschrijding van macht. ¶ 越權のやる buiten zijn bevoegdheid gaan; (俗) buiten zijn boekje gaan.
fukidasu吹出す

(吹き出す) i.w. (1) [噴出] spuiten; opspuiten. (2) [が] beginnen te waaien. (3) [が] uitbarsten (山が); oplaaien. (4) [失笑] in lachen uitbarsten. t.w. (5) [噴出] spuiten; naar buiten werpen; uitstooten; uitblazen.

kudaru下る、降る

i.w. (1) [おりる] afdalen; afstijgen; afstappen (下降); vallen; neerkomen. (2) [命令が] afkomen. (3) [劣る] achterstaan bij; minder zijn dan. (4) [下痢] diarrhee hebben; loslijvig zijn. (5) [降參] zich overgeven; toegeven. (6) [引退] zich terugtrekken; ontslag nemen. (7) [都から田舍に行く] naar buiten gaan; het land op gaan. ¶ 天より下る uit den hemel nederdalen. ¶ 馬背より下る van het paard stijgen. ¶ 命令が下つた het bevel is afgekomen.

kurasu暮す

i.w. leven; bestaan; in zijn onderhoud voorzien; t.w. doorbrengen; passeeren. ¶ 田舍で暮す buiten wonen. ¶ 獨身で暮す alleen wonen; niet getrouwd zijn. ¶ 奢侈に暮す een weelderig leven leiden. ¶ 日を暮す den tijd doorbrengen.

kureruくれる

t.w. geven; verleenen. ¶ 暇をくれる ontslaan. ¶ 聞かしてくれ給へ vertel het mij. ¶ 靴を出して吳れ zet mijn schoenen buiten.

kyokugai局外

zn. buitenkant m.; positie buiten den kring. ¶ 局外者 buitenstaander. ¶ 局外者の意見 onafhankelijk oordeel; het oordeel van de derde. ¶ 局外中立 neutraliteit. ¶ 局外中立國 neutraal land.

zongai存外

bw. buiten verwachting; onverwacht. ¶ 存外惡い slechter dan men gedacht had.

zessoku suru絶息する

i.w. niet meer ademen; den laatsten adem uitblazen. ¶ 絶息せる ademloos. ¶ 絶息してゐる buiten adem zijn.

zengo前後

zn. (1) [順序] volgorde v.; rangschikking v.; bw. voor en achter; voor en na. (2) [殆ど] om en bij; ongeveer; meer of minder; zoo wat. ¶ 前後不覺にて bewustzijn verliezen. ¶ 前後撞著する met zichzelf in tegenspraak komen; inkonsekwent zijn. ¶ 前後を忘れて怒る buiten zichzelf zijn van woede. ¶ 前後の關係(¶ 文の) zinsverband. ¶ 十時前後 om een uur of tien; omstreeks tien uur.

zeizeiぜいぜい

bw. hijgend; heesch; buiten adem.

zaisho在所

zn. verblijf o.; woonplaats v.; (田舍) het land o.; buiten o.; geboortedorp (故鄕).

zaikata在方

zn. het land o.; buiten o.

yusan遊山

zn. pleiziertocht m.; buitenpartij v.; picnic o. ¶ 遊山する naar buiten gaan; een picnic houden.

yagai野外

zn. het veld o.; de vrije natuur v.; bw. buiten; in de open lucht. ¶ 野外勤務 velddienst. ¶ 野外説敎者 veldprediker. ¶ 野外學校 openlucht-school.

ya

vw. (1) [及] en. ¶ 犬や猫 honden en katten; bw. (2) [と同時に] zoodra. ¶ 今や nu, dat …… ¶ 門を出づるや直ちに zoodra hij buiten kwam.

ware

vnw. zelf; ik. ¶ 我を忘れる zich vergeten; het hoofd kwijt zijn; opgaan in. ¶ 我から好んで geheel vrijwillig. ¶ 我に復る weer bijkomen; tot bezinning komen. ¶ 我を忘れて喜ぶ buiten zichzelf zijn van vreugde. ¶ 我知らずに onwillekeurig; onbewust.

utagai

zn. (1) [疑念] twijfel m.; wantrouwen o. (2) [嫌疑] achterdocht v.; argwaan m.; verdenking v. (3) [疑問] vraag v.; kwestie v. ¶ 疑を抱く argwaan koesteren. ¶ 疑を解く twijfel uit den weg ruimen; geruststellen. ¶ 疑を容れず ontwijfelbaar; betrouwbaar. ¶ 疑なく ongetwijfeld; buiten kijf; stellig. ¶ 虎列刺の疑あり het wordt verdacht een geval van cholera te zijn. ¶ 疑深い argwanend; achterdochtig; ergdenkend; ongeloovig; wantrouwend.

uragaeshi裏返し

zn. omkeering v.; keering v. ¶ 裏返しに binnenste buiten; verkeerd om. ¶ 裏返す binnenste buiten keeren; keeren; omkeeren.

uchisoto內外

(内外) zn. binnenkant en buitenkant; bw. van binnen en van buiten.

tsuridasu釣出す

t.w. naar buiten lokken. ¶ 言葉を釣出す aan ’t praten krijgen; uitvisschen.

TEKST EN UITLEG (trefwoord)
bron:Aozora Bunko╱Mori Ōgai╱De wilde gans 〈11:4〉〈青空文庫〉森鴎外『雁』
肱掛からを見れば、高野槙から、爽かな朝風に、微か揺れていると、その向うの一面に茂っているとが見える

Hijikakemado kara soto wo mireba, kōyamaki no eda no aida kara, sawayaka na asakaze ni, kasuka ni yurete iru yanagi no ito to, sono mukō no ike ichimen ni shigette iru hasu no ha to ga mieru.

Wanneer hij door het raam naar buiten keek, kon hij tussen de takken van de parasolden door de zachtjes in de frisse ochtendwind bewegende afhangende takken van de treurwilg, en daarachter een dikke laag lotusbladeren op de vijver zien.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <buiten>
に加えて nikuwaete naast; behalve; benevens; bij; boven; buiten; in aanvulling op
に反して nihanshite tegen ~ (in); in tegenstelling met ~; in strijd met ~; in afwijking van ~; buiten ~; daar waar ~; ~ ten spijt; in weerwil van ~; [arch.] trots ~; [arch.] ~ ten trots
の他に nohokani behalve; buiten; naast; boven; benevens; afgezien van; op … na
は別として habetsutoshite afgezien van; met uitzondering van; uitgezonderd; terzijde gelaten; daargelaten; uitgenomen; tenzij; anders dan; op … na; buiten; buiten beschouwing gelaten; behalve; exclusief; niet inbegrepen; niet meegerekend; dit even opzijgezet; niet meegeteld; behoudens
より yori (1) [form. partikel dat een beginpunt aanduidt] van; vanaf; vanwege; van … af (aan); met ingang van; uit; vanuit; sinds; sedert; (2) [partikel dat een referentiepunt aanduidt waarmee vergeleken wordt] dan; behalve; buiten
を除いて onozoite behalve; uitgezonderd; met uitzondering van; tenzij; op … na; behoudens; afgezien van; anders dan; buiten; exclusief; uitgenomen; niet inbegrepen; niet meegerekend; niet meegeteld
アウツ autsu uit; buiten
アウト auto (1) [(tafel)tennis] out geslagen bal; uitbal; (2) [honkb.] out; uitspel; uitgetikte speler; (3) [golf] out course [= eerste negen holes van een golfbaan]; (4) uit z'n normale doen; ontregeld; niet in orde; (5) uit-; buiten-; af-; (6) [sportt.] [maatwoord voor outs]
アウトサイド autosaido (1) buitenkant; buitenzijde; buitenste; buiten; (2) [honkb.] outside corner; (3) [tennis] uitbal; (4) [paardenrennen] outsider
以外 igai (1) [volgend op een meishi] behalve; buiten; afgezien van; (2) [~に] behalve; daarbuiten
以外に igaini behalve; buiten; afgezien van; uitgezonderd; met uitzondering van; m.u.v.; … niet te na gesproken
傍ら katawara (1) zijde; zij; kant; zijkant; (2) naast; buiten; behalve; daarnaast; daarbuiten; [gew.] nevens; [gew.] neffens
zai (1) platteland; land; country; boerenland; mediene; [Belg.N.;spreekt.] buiten; [Belg.N.] boerenbuiten; (2) buitenwijken; randwijken; buitengebied; randgebied; randgemeenten; rand; buitenkant; periferie; voorsteden; (3) aanwezigheid; het er-zijn; het zich-bevinden; (4) gelegen in; gesitueerd in; zich bevindend in; verblijvend in; wonend in; residerend in; aanwezig in
外側の sotogawano buiten-; aan de buitenzijde; aan de buitenkant
外部の gaibuno buitenste; buiten-; uitwendig; aan de buitenzijde; buitenkant; uiterlijk
gai buiten; uit
soto (1) buiten; buitenkant; buitenzijde; [attr.] buiten-; [loc.] eruit; [loc.] naar buiten; [loc.] buitenwaarts; [loc.] uiterlijk; (2) buitenwereld; [attr.] openlucht-; [attr.] outdoor ~; [loc.] buitenshuis
hoka (1) elders; ergens anders; (2) iemand anders; een ander; nog iemand; iets anders; nog iets; daarbuiten; buiten ~; naast ~; boven ~; behalve ~; (3) [benadrukt de afwezigheid van een alternatief]
屋外で okugaide buiten; buitenshuis; in de open lucht; in de buitenlucht; onder de blote; blauwe hemel; in het open veld; in het vrije veld; op het land; outdoor
屋外の okugaino openlucht-; buiten-; buitenhuis-; in de open lucht
屋外 okugai open lucht; buiten
時間外 jikangai overtijd; buiten diensttijd; buiten kantooruren; na kantoortijd; na sluitingstijd; na werktijd; na kantoor; [i.h.b.] buiten; na schooltijd; na school
案に相違して annisōishite buiten; tegen verwachting; tegen de verwachting in
田園;田苑 den'en (1) veld; het open land; akkers; (2) landelijk gebied; platteland; provincie; [Belg.N.;spreekt.] buiten; (3) de Pastorale [ondertitel van Beethovens zesde symfonie]
田舎 inaka (1) platteland; buiten de steden gelegen land; country; boerenland; mediene; [Belg.N.;spreekt.] buiten; [Belg.N.] boerenbuiten; (2) geboorteplaats; plaats waar je familie woont; plaats waar je ouderlijke huis zich bevindt
田舎の inakano landelijk; plattelands; buiten-; dorps; provinciaal; ruraal
草叢;叢 kusamura (1) gras; grasrijke plek; (2) grasrijke platteland; [Belg.N.] buiten; (3) [Barg.] schaamhaar; schaambeharing
表で omotede buiten; buitenshuis; op straat
omote (1) voorkant; voorzijde; voorste gedeelte; eerste gedeelte; goede kant; (2) [硬貨の] kruis; kop; beeldenaar; (3) bovenkant; bovenzijde; (4) oppervlakte; buitenkant; buitenzijde; (5) buiten; de straat; (6) bovenkant van een tatami; matwerk; (7) [honkb.] eerste helft van een inning
野外 yagai (1) open land; buitenlucht; open lucht; vrije natuur; (2) outdoor-; openlucht-; buiten-; veld-
青空 aozora (1) blauwe hemel; blauwe lucht; ± wolkeloze hemel; (2) openlucht-; buiten-; … in de open lucht
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.27 sec. jiten.nl: 27 treffers, warandict: 31 treffers (zoekopdracht: 'buiten'). 
2005-2026