日蘭辭典+

28 resultaten voor ‘genade’
日蘭辭典 (trefwoord)
kou乞ふ、請ふ

(乞う、請う) t.w. vragen; verzoeken; bidden. ¶ を請ふ gast uitnoodigen. ¶ を請ふ ontslag vragen wegens hoogen leeftijd. ¶ 施を乞ふ bedelen. ¶ 人に物を乞ふ van iemand iets vragen. ¶ 助命を乞ふ om genade vragen. ¶ 貴答を乞ふ verzoeke beleefd om antwoord.

kun-on君恩

zn. keizerlijke gunst v.; vorstelijke genade v.

yōsha容赦

zn. vergeving v.; vergiffenis v. ¶ 容赦ならぬ onvergefelijk; onverschoonbaar. ¶ 容赦なく zonder genade. ¶ 容赦する vergeven; vergiffenis schenken; (控へる) zich terughouden; zich intoomen. ¶ どうぞ御容赦なく云つて下さい vertel me onomwonden; vertel zonder terughouding.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <genade>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
お情け onasake (1) medelijden; compassie; (2) genade; barmhartigheid; mededogen; (3) geduld; begrip; mildheid
お陰;御陰 okage (1) het iets verschuldigd zijn aan iemand; het in het krijt staan bij iemand; (2) gunst; begunstiging; vriendelijkheid; genade; beschermheerschap; de genade des hemels; (3) hulp; bijstand; assistentie; behulpzame invloed; (4) steun; ondersteuning
加護 kago [rel.] bescherming; hoede; bewaring; zorg; genade; gratie
勘弁 kanben (1) vergiffenis; vergeving; genade; (2) ampele overweging; (3) gewiekstheid
堪忍 kannin (1) geduld; lijdzaamheid; verdraagzaamheid; tolerantie; (2) vergiffenis; vergeving; genade; pardon; (3) [boeddh.] sahā [= dit aardse tranendal]
容赦 yousha vergiffenis; vergeving; genade; gratie; pardon; kwijtschelding; begenadiging
容赦する youshasuru vergeven; genade; vergiffenis schenken; kwijtschelden; gratie verlenen; kwartier geven; begenadigen; niet kwalijk nemen; excuseren; door de vingers zien; voorbijgaan aan; begrip tonen
恩寵 onchou genade; gunst; gratie; welwillendheid; goedgunstigheid; gunstige gezindheid; goedheid; goedertierenheid
恩恵 onkei (1) gunst; weldaad; zegen; baat; zegening; begunstiging; genade; (2) welwillendheid; vriendelijkheid
恩情 onjou gunst; welwillendheid; hartelijkheid; warmte; genegenheid; barmhartigheid; erbarmen; genade; genadigheid
恩赦を与える onshawoataeru amnestie; gratie verlenen; genade; kwijtschelding van straf schenken; amnestiëren; begenadigen
恵み megumi (1) aalmoes; milddadigheid; (2) genade; barmhartigheid; ontferming; gratie; (3) weldaad; zegen
恵む megumu (1) een gunst verlenen aan; aardig; goed zijn voor; genadig zijn; behandelen; begenadigen; zegenen; begunstigen; favoriseren; een plezier doen; goeddoen; weldoen; goede daden doen; (2) genade; barmhartigheid tonen voor; zich erbarmen; zich ontfermen; (3) een aalmoes geven
情け nasake (1) medeleven; deelneming; sympathie; medelijden; [inform.] meelij; compassie; begaanheid; deernis; genade; mededogen; erbarmen; barmhartigheid; goedertierenheid; clementie; (2) liefdadigheid; milddadigheid; [i.h.b.] gaven; (3) liefde; begunstiging
慈しみ itsukushimi liefde; genade
慈悲 jihi (1) genade; goedertierenheid; barmhartigheid; mededogen; (2) [boeddh.] maitrī en karuṇā; het schenken van vreugde en lenigen van smart; verblijding en vertroosting
料簡 ryouken (1) idee; gedachte; begrip; inzicht; opvatting; mening; voornemen; bedoeling; intentie; opzet; (2) oordeel; beoordeling; inschatting; discretie; (3) vergeving; vergiffenis; pardon; genade; geduld; tolerantie; (4) maatregel; schikking
無情 mujou (1) harteloosheid; hardvochtigheid; gevoelloosheid; meedogenloosheid; wreedheid; (2) [boeddh.] zielloosheid; onbezieldheid; (3) harteloos; hardvochtig; gevoelloos; meedogenloos; onmeedogend; zonder medelijden; genade; genadeloos; ongenadig; wreed; hard; koud; kil; ongevoelig; onaandoenlijk; verhard; (4) [boeddh.] zielloos; onbezield
無情な mujouna (1) harteloos; hardvochtig; gevoelloos; meedogenloos; onmeedogend; zonder medelijden; genade; genadeloos; ongenadig; wreed; hard; koud; kil; ongevoelig; onaandoenlijk; verhard; [fig.] marmeren; (2) [boeddh.] zielloos; onbezield
無情の mujouno (1) harteloos; hardvochtig; gevoelloos; meedogenloos; onmeedogend; zonder medelijden; genade; genadeloos; ongenadig; wreed; hard; koud; kil; ongevoelig; onaandoenlijk; verhard; [fig.] marmeren; (2) [boeddh.] zielloos; onbezield
聖寵 seichou [chr.] genade; gratie; goedertierenheid
許し yurushi (1) vergunning; verlof; toestemming; permissie; instemming; goedkeuring; (2) vergiffenis; vergeving; pardon; genade; gratie; kwijtschelding; begenadiging; remissie; (3) brevet; getuigschrift; diploma; attest; certificaat
贖いの座 aganainoza [theol.] troon der (eeuwige) genade
赦免 shamen vergeving; vergiffenis; absolutie; kwijtschelding; genade; gratie; gratieverlening; begenadiging; amnestie; pardon; [i.h.b.] vrijspraak
赦免する shamensuru vergeven; genade; vergiffenis schenken; gratie; absolutie verlenen; kwijtschelden; absolveren; begenadigen; [i.h.b.] vrijspreken; in vrijheid stellen
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.41 sec. jiten.nl: 3 treffers, warandict: 25 treffers (zoekopdracht: 'genade'). 
2005-2026