日蘭辭典+

18 resultaten voor ‘gast’
日蘭辭典 (trefwoord)
geshuku下宿
zn. logies o.; onderdak o. ¶ なしの下宿 logies zonder kost. ¶ 下宿さす kost en inwoning verschaffen. ¶ 下宿する logeeren; inwonen. ¶ 下宿logé; gast; commensaal下宿人を置く kostgangers nemen. ¶ 下宿屋 kosthuis; pension; commensalen huis.
kyaku
zn. (1) [訪問] gast m.; bezoeker m. (2) [乘] passagier m. (3) [顧] klant m.
kyakubun客分
zn. gast m.; iemand, wien als gast eer bewezen wordt.
kou乞ふ、請ふ

(乞う、請う) t.w. vragen; verzoeken; bidden. ¶ を請ふ gast uitnoodigen. ¶ を請ふ ontslag vragen wegens hoogen leeftijd. ¶ 施を乞ふ bedelen. ¶ 人に物を乞ふ van iemand iets vragen. ¶ 助命を乞ふ om genade vragen. ¶ 貴答を乞ふ verzoeke beleefd om antwoord.

zashiki座敷

zn. kamer v.; vertrek o.; zaal v. ¶ 座敷がたがい lang blijven. ¶ 座敷牢 huisarrest; kamerarrest. ¶ 座敷敷が掛かる door gasten geroepen zijn; dienst hebben.

yadohiki宿引

zn. hotelbediende, die de gasten afhaalt.

TEKST EN UITLEG (trefwoord)
bron:Aozora Bunko╱Mori Ōgai╱De wilde gans 〈1:7〉〈青空文庫〉森鴎外『雁』
大抵どの下宿屋にも特別に幅を利かせているがあるもので、そう云うは第一金廻りが好く、小気(こぎ)が利いていて、お上さんが箱火鉢を控えて据わっている前の廊下通るときは、きっと声を掛ける。

Vrijwel ieder pension heeft wel een gast die zich daar in bijzondere mate doet gelden, en die gast zit dan goed in de slappe was, is schrander, en zal wanneer hij de passage doorloopt ter hoogte van [de kamer] waar de hospita bij haar stoof zit, beslist uitgebreid groeten.

N.B. De uitdrukking 小気が利くkomt voor zover ik weet alleen voor in het werk van 森鴎外 (Mori Ōgai). De frase wordt vermeld in het boek 『名著にある美しい日本語』 (Mooi Japans in meesterwerken).
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <gast>
ビジター bijitā bezoeker; gast
代物 shiromono (1) ding; geval; spul; [min.] mens; gast; kwibus; [Belg.N.] kwiet; (2) artikel; handelswaar; koopwaar; (3) voorwerp van waarde; (4) koopprijs; prijs; (5) prostituee; (6) knap huwbaar meisje
yatsu (1) kerel; vent; gast; knul; man; baas; knaap; gozer; heerschap; snuiter; vriend; jongen; [inform.] klant; creatuur; sujet; (2) ding; zaak; exemplaar; geval; (3) [denigrerend of sympathiserend] hij; zij
客員 kakuin (1) gast; (2) gastlid
kyaku (1) gast; (2) bezoeker; (3) verblijvende; logé; (4) klant; (5) gezelschap
招待客 shōtaikyaku genodigde; invité; gast; geïnviteerde
来客 raikyaku bezoeker; gast; [verzameln.] bezoek; visite; toeloop; aanloop
来賓 raihin (1) genodigde; gast; bezoeker; eregast; (2) Láibīn [= stadsprefectuur in de autonome regio Guǎngxī;Volksrepubliek China]
訪問客 hōmonkyaku bezoeker; gast; [verzameln.] bezoek; visite; toeloop; aanloop
訪問者 hōmonsha bezoeker; gast; [verzameln.] bezoek
金玉 kintama (1) gouden juweel; gouden bol; (2) [inform.] bal; ballen; [vulg.] kloot; kloten; [gew.;vulg.] schaal; schalen; (3) man; kerel; gast; knul; (4) Japanse kumquat; Fortunella japonica
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.24 sec. jiten.nl: 7 treffers, warandict: 11 treffers (zoekopdracht: 'gast'). 
2005-2026