
日
蘭
蘭
辭
典
典
日蘭辭典+
日蘭辭典 (trefwoord)
dakyō・妥協
zn. schikking v.; overeenstemming v.; compromis o. ¶ 妥協する schikking treffen; in der minne regelen.
yuzuriai・讓合
(譲合) zn. wederzijdsche concessies v.mv.; compromis o. ¶ 讓合ふ wederzijdsche concessies doen; tot een compromis komen; tot een schikking komen; wederzijds iets toegeven.
wakai・和解
zn. verzoening v.; minnelijke schikking v. ¶ 和解さす verzoenen; vrede stichten; tot overeenstemming brengen. ¶ 和解する zich verzoenen; tot overeenstemming komen; schikking treffen. ¶ 和解者 vredestichter; tusschenpersoon.
RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <schikking>
Info over de soms afwijkende spelling van het Japans hieronder.
アレンジ arenji (1) ordening; schikking; opstelling; samenstelling; arrangement; (2) regeling; voorbereiding; organisatie; klaarmaking; arrangement; (3) [muz.;theat.] arrangement; bewerking
協定 kyoutei (1) overeenkomst; akkoord; afspraak; schikking; regeling; (2) verdrag
収まり osamari (1) oplossing; regeling; beslechting; schikking; (2) vergelijk; overeenstemming; harmonie; evenwicht; balans; (3) voldoening; betaling
塩梅 anbai (1) [cul.] smaak; kruiding; (2) toestand; mate; manier; wijze; (3) conditie; gezondheidstoestand; vorm; (4) regeling; schikking; arrangement; ordening
妥協 dakyou compromis; schikking; vergelijk; tussenoplossing
序 jo (1) orde; schikking; voorrang; (2) voorwoord; woord vooraf; inleiding; voorbericht; prolegomena; intro; (3) begin; start; opening; aanvang; beginstadium; aanvangsstadium; voorstadium; (4) [Jap.stijll.] jokotoba; (5) [nō-toneel] introductie; [theat.] voorstukje; lever de rideau; (6) afscheidsrede; (a) orde; schikking; (b) begin; start; (c) voorwoord
手筈 tehazu (1) plan; programma; regeling; schikking; afspraak; (2) voorbereiding; voorbereidsel; voorzorgen
手順 tejun (1) volgorde; orde; (2) plan; schikking; regeling; voorzorgen; (3) procédé; methode; procedure; werkwijze
折り合い oriai (1) betrekkingen; relatie; omgang; verstandhouding; verhouding; (2) compromis; vergelijk; schikking; overeenkomst; akkoord; overeenstemming
折り合いがつく oriaigatsuku tot een compromis; schikking; vergelijk; overeenkomst komen met; het op een akkoordje gooien met; het eens worden met; tot overeenstemming raken; elkaar vinden; zich verzoenen; zich accommoderen
料簡 ryouken (1) idee; gedachte; begrip; inzicht; opvatting; mening; voornemen; bedoeling; intentie; opzet; (2) oordeel; beoordeling; inschatting; discretie; (3) vergeving; vergiffenis; pardon; genade; geduld; tolerantie; (4) maatregel; schikking
歩み寄り ayumiyori compromis; vergelijk; schikking; tussenoplossing; wederzijdse toegevingen
治まり osamari oplossing; regeling; beslechting; schikking
精算 seisan (1) exacte berekening; (2) regeling; schikking; vereffening; (3) afrekening; verrekening; clearing; liquidatie
約定 yakujou toezegging; belofte; overeenkomst; afspraak; akkoord; overeenstemming; contract; verbintenis; schikking; deal
約束 yakusoku (1) belofte; toezegging; z'n gegeven woord; afspraak; overeenkomst; verbintenis; engagement; akkoord; deal; pact; schikking; contract; convenant; [jur.] convenu; koop; [Lat.] pactum; (2) afspraak; afspraakje; rendez-vous; ontmoeting; date; (3) regel; conventie; gewoonte; gebruik; bepaling; voorschrift; (4) lot; noodlot; fatum; bestemming; beschikking; Gods voorzienigheid; Gods wegen; (5) bundeling; opbinding; (6) reservering van een geisha
落着 rakuchaku (1) regeling; afhandeling; afdoening; afwikkeling; schikking; klaring; beslag; (2) begrip; instemming; (3) [jur.] vonnis; uitspraak
配列 hairetsu rangschikking; ordening; schikking; arrangement
配合 haigou (1) arrangement; combinatie; compositie; schikking; (2) mengeling; melange; (3) koppeling; het arrangeren van een huwelijk
配置 haichi opstelling; schikking; plaatsing; stationering; het posteren; aanbrenging
Tijd: 1.42 sec. jiten.nl: 4 treffers, warandict: 20 treffers (zoekopdracht: 'schikking').
2005-2026
