日蘭辭典+

10 resultaten voor ‘pijnigen’
日蘭辭典 (trefwoord)
kudaku碎く

(砕く) t.w. breken; stukslaan; kapot slaan. ¶ 心を碎く zich de hersens pijnigen; zich uitsloven.

kurushii苦しい

bn. (1) [苦痛] pijnlijk; bedroevend. (2) [困難] moeilijk; hard; zwaar. (3) [困窮] ellendig. ¶ 苦しい思をする zich kwellen; zijn hersens pijnigen. ¶ 苦しい仕事 zware taak. ¶ 苦しい境遇 droevige omstandigheden; ellende. ¶ 苦しい立場 vergezochte grap. ¶ 苦しい立場 moeilijke positie. ¶ 苦し紛れに door wanhoop gedreven. ¶ 苦します pijnigen; martelen; plagen; kwellen.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <pijnigen>
嘖む sainamu kwellen; folteren; pijnigen; martelen; teisteren; plagen; treiteren
悩ます nayamasu (1) pijnigen; pijn doen lijden; kwellen; (2) last bezorgen; lastig vallen; [veroud.] belasten; [veroud.] beladen; ontrieven; overlast aandoen; vervelen; hinderen; irriteren; ergeren; plagen
捻る;拈る;撚る hineru (1) draaien; wringen; aandraaien; [zijn haar rond zijn vingers] krullen; [i.h.b.] effect geven [aan een bal]; [zijn hersens enz.] pijnigen; (2) [iemands arm;een kip de nek enz.] omdraaien; verwringen; [zijn enkel e.d.] verdraaien; (3) [een geestesproduct] uitdenken; uitbroeden; uitwerken; (4) makkelijk verslaan; met gemak kloppen
痛める itameru (1) pijn doen; pijnigen; bezeren; beschadigen; verwonden; schaden; deren; aantasten; (2) laten bederven; tot bederf laten overgaan; (3) kwetsen; pijnlijk treffen; leed doen; verdrieten; zeer doen; grieven; smarten
窘める tashinameru (1) terechtwijzen; berispen; vermanen; gispen; laken; opspelen (tegen); een standje geven; uitkafferen; uitvaren (tegen); beknorren; [veroud.] bekijven; (2) kwellen; tergen; pijnigen; treiteren; sarren; pesten; koeioneren
絞る;搾る shiboru (1) persen; pijnen; pressen; uitpersen; uitknijpen; wringen; uitwringen; [牛乳;乳を] melken; [涙を] trekken; (2) inspannen; forceren; [智恵を] afpijnigen; pijnigen; [弓を] opspannen; spannen; [従業員を] zwaar drillen; zwaar trainen; (3) afdwingen; afzetten; afpersen; uitzuigen; knevelen; plukken; uitbuiten; exploiteren; (4) berispen; een uitbrander; schrobbering; standje geven; onder handen nemen; ernstig onderhouden; duchtig doorhalen; flink aanpakken; ervan langs geven; uitfoeteren; scherp terechtwijzen; [uitdr.] de mantel uitvegen; [uitdr.] de oren wassen; [uitdr.] het vuur na aan de schenen leggen; [uitdr.] door de wringer halen; (5) (alleen 絞る) samentrekken; dichtrijgen; [レンズを] sluiten; diafragmeren; (6) (alleen 絞る) lager; zachter zetten; minderen; verminderen; reduceren; doen afnemen; [エンジンを] smoren; knijpen; (7) (alleen 絞る) beperken; limiteren; terugbrengen; verengen; verfijnen; (8) (alleen 絞る) [sumō-jargon] in bedwang houden; eronder houden; inklemmen; zijn bewegingsvrijheid ontnemen
苦しめる kurushimeru (1) martelen; folteren; kwellen; pijnigen; pijn doen lijden; pijn laten lijden; bedroeven; (2) benauwen; teisteren; bestoken; lastig vallen; [veroud.] beladen; beknellen; storen; vervelen; verdrieten; (3) belasten met; de (lastige) opdracht geven; de uitvoering van iets (vervelends) aan iemand toewijzen; (4) plagen; pesten; sarren; treiteren; judassen
責める semeru (1) verwijten; verwijten maken; verantwoordelijk stellen; ter verantwoording roepen; onder handen nemen; laken; afkeuren; bekritiseren; berispen; hekelen; aan de kaak stellen; op het matje roepen; op de vingers tikken; (2) kwellen; plagen; pijnigen; tormenteren; lastig vallen; tergen; achtervolgen; teisteren; aandringen; pressen; [inform.] drammen; belagen; bestoken; [w.g.] tourmenteren; (3) [馬を] africhten; dresseren; [gew.] beleren; mak maken
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.3 sec. jiten.nl: 2 treffers, warandict: 8 treffers (zoekopdracht: 'pijnigen'). 
2005-2026