日蘭辭典+

21 resultaten voor ‘vooruit’
日蘭辭典 (trefwoord)
zenku前驅
zn. voorrijder m.; voorhoede v. ¶ 前驅する vooruit rijden; voorhoede vormen.
zenpō前方

zn. voorkant m. ¶ 前方に vooruit; aan den voorkant.

yotei豫定

(予定) zn. voorafgaande afspraak v.; verwachting v.; plan o. ¶ 豫定案 programma. ¶ 豫定の vooraf vastgesteld; afgesproken; verwacht; geschat; geraamd. ¶ 豫定する vooruit bepalen; vooraf vaststellen; afspreken; ramen; schatten. ¶ 豫定保險證券 open polis.

yokoku豫告

(予告) zn. voorafgaande kennisgeving v. ¶ 豫告する vooraf kennis geven; vooruit mededeelen.

yochi豫知

(予知) zn. vooruitweten o. ¶ 豫知する vooruit weten; voorzien.

ukabuse浮ぶ瀨

(浮ぶ瀬) zn. gelegenheid om vooruit te komen in de wereld.

uchigari內借

(内借) zn. voorschot o. ¶ 内借する voorschot krijgen; vooruit ontvangen.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <vooruit>
いざ iza kom!; toe!; hup!; komaan!; vooruit!; allee!; [veroud.] tsa!
いで ide (1) komaan; vooruit; allee; welaan; kom op; ju; [veroud.] tsa; (2) zo; goed; bon; (3) jee; jeetje; ai; (4) nee; (5) wel; nu; nou; goed
お先 osaki (1) vooruitloper; degene die vóórgaat; (2) [temporeel] eerst; vooruit; vóór; (3) [spatieel] voorwaarts; vooruit; naar voren
やれ yare (1) hé; hei; zeg; hallo [= aanroep of uitroep om de aandacht te trekken]; (2) hè; hèhè; pfiew; pfoe; poehpoeh; blij toe; goddank; godzijdank; gelukkig; de hemel zij dank [= uiting van opluchting;vreugde]; (3) o; oh; goh; ah; ach; jee; man; sjonge; nee maar; goeie genade; lieve hemel; asjemenou; amai [= uiting van verbazing;ergernis]; (4) komaan; vooruit; kom; allee; tsa [= uiting van aansporing]
チェスト chesuto (1) borst; borstkas; (2) kist; koffer; (3) komaan!; vooruit!; allee!
予め arakajime vooraf; op voorhand; van tevoren; al eerder; vooruit; voorafgaandelijk; bij voorbaat; preliminair
事前に jizenni vooraf; van tevoren; vooruit; voordien; bijtijds; op voorhand
先に;曩に sakini tevoren; vooraf; ervoor; vooruit; voorafgaandelijk; vóór; eerder; voordien; op voorhand; [gew.] op avance; van tevoren; bij voorbaat; en avant; [w.g.;arch.] bevorens
先方 senpō (1) partner; tegenpartij; wederpartij; comparant ter andere zijde; [i.h.a.] hij; zij; ze; [postwezen] ontvanger; bestemmeling; (2) [~に] vooruit; voorop; voor de boeg; (3) bestemming; eindpunt; [i.h.b.] reisbestemming; reisdoel
前に maeni (1) voor; vooraan; ervoor; voorop; (2) tevoren; vooraf; ervoor; (3) eerder; voorheen; voordien; vroeger; eertijds; (4) op voorhand; van tevoren; vooruit; bij voorbaat
前もって maemotte vooraf; van tevoren; op voorhand; vooruit; voordien; in afwachting; bij voorbaat
前方 zenpō voren; vooruit
前方に zenpōni voor; vooraan; voorop; vooruit; voorwaarts; naar voren; frontwaarts
急げ isoge schiet op!; vooruit!; haast je!; haastje-repje!; een beetje snel graag!; vlug wat!
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 1.23 sec. jiten.nl: 7 treffers, warandict: 14 treffers (zoekopdracht: 'vooruit'). 
2005-2026