日蘭辭典+

31 resultaten voor ‘omgeving’
日蘭辭典 (trefwoord)
atariあたり
(辺り・邊り) zn. (1) [邊] buurt v.; nabijheid v.; omgeving v.; omstreken v.mv; omtrek m. (2) [頃] tijd m. ¶ 東京あたり in de buurt van Tokyo. ¶ あたりに人もなかった er was niemand in de buurt. ¶ あの頃 in dien tijd; in die dagen. (3) [] bw. omstreeks; ongeveer; om en bij. ¶ 千圓ばかり ongeveer 1000 yen; om en bij de duizend yen. ¶ 次の土曜あたり omstreeks aanstaanden zaterdag. (4) [最中] vz. gedurende; tijdens. ¶ 戰時中 gedurende den oorlog.
shakai社會
zn. (1) [世の中] maatschappij v. de wereld v. (2) [仲間] kring m. omgeving v. (3) [階級] klasse v. ¶ 活社會 dagelijksch leven. ¶ 上流社會 hoogere klassen; aristocratie. ¶ 社會の maatschappelijk; algemeen. ¶ 社會の惡弊 misstanden der maatschappij; misbruiken. ¶ 社會の爲に in het algemeen belang. ¶ 社會の下層 de onderste lagen der maatschappij; de heffe des volks. ¶ 社會的 sociaal; maatschappelijk. ¶ 社會的地位 maatschappelijke positie. ¶ 社會學 sociologie. ¶ 社會局 bureau voor sociale adviezen. ¶ 社會民主主義 sociaaldemocratie. ¶ 社會民主主義者 sociaaldemocraat. ¶ 社會主義 socialisme. ¶ 社會主義者 socialist. ¶ 社會黨 socialistische partij.
kinrin近隣
zn. buurt v.; nabijheid v.; nabuurschap v.
kinjo近所
zn. buurt v.; nabijheid v.; omgeving v. ¶ 近所の naburig; nabijgelegen; in de buurt. ¶ 近所に nabij; in de buurt van; dichtbij.
kaiwai界隈
zn. buurt v.; streek v.; omgeving v.
kyo

zn. woonplaats v. ¶ 居は氣を移す men ondergaat den invloed van zijn omgeving.

kyōgū境遇

zn. omstandigheden v.mv.; toestand m.; omgeving v. ¶ 境遇は人を造る de mensch is het product van zijne omgeving. ¶ 境遇に適應する zich aan de gelegenheid passen.

RESULTATEN japansnederlandswoordenboek.org voor <omgeving>
ぐるり gururi (1) [~と] rond; om; rondom; omheen; in het rond; aan alle kanten; (2) omtrek; omgeving; omstreken; rondte
この辺り konoatari deze buurt; omgeving; hier ergens
アメニティー amenitī aangename ligging; omgeving; comfort
世間 seken (1) wereld; samenleving; maatschappij; leven; (2) het publiek; het openbaar; de mensen; medemensen; men; ze; (3) omgeving; leefomgeving; leefwereld; kennissenkring; (4) [boeddh.] loka [= wereld;universum]; (5) [boeddh.] laukika [= het wereldse;mondaine]
付近;附近 fukin omgeving; buurt; omtrek; omstreken; nabijheid
側近 sokkin (1) nabijheid; proximiteit; (2) naaste medewerker; rechterhand; assistent; bediende; [verzameln.] staf; entourage; omgeving
shū (1) omtrek; omgeving; periferie; (2) [wisk.] omtrek; perimeter; (3) [Chin.gesch.] Zhōu [= dynastie;1050?-256 v.Chr.]; (4) [Chin.gesch.] Zhōu [= dynastie;690-705]; (5) [maatwoord voor rondes;omwentelingen;toeren]; (a) zich uitstrekken; reiken tot; (b) ronde; rondgaan; draaien om; ambi-; circum-; (c) Zhōu
周り;周 mawari (1) omtrek; rondte; (2) buurt; nabijheid; omgeving; omstreek
周囲 shūi (1) omtrek; omvang; circumferentie; [i.h.b.] taille; [meetk.] perimeter; (2) omgeving; entourage; environment; omstreek; environs; buurt; periferie; rondte; rand; [i.h.b.] iems. naasten; [attr.] omliggend; [attr.] omgevend; [attr.] omgelegen; [attr.] omringend
周辺 shūhen rand; randgebied; omgeving; omstreken; periferie; omtrek; buurt; rondte; [i.h.b.] buitenwijken; voorsteden
地理 chiri (1) topografische situatie; bijzonderheden van een landstreek; plaats; buurt; omgeving; (2) aardrijkskunde; geografie
境遇 kyōgū (1) milieu; omgeving; leefwereld; (2) (materiële) positie; situatie; staat; conditie; omstandigheden; toestand; lot; (3) maatschappelijke positie; rang; stand
kyō (1) plaats; streek; gebied; (2) gemoedstoestand; stemming; staat; (3) omgeving; situatie; (4) [boeddh.] viṣaya [= cognitief object]; vastu [= ding]; (a) grens; (b) gebied; terrein; domein; (c) situatie; toestand; (d) [boeddh.] viṣaya; gebied van de zintuigen
外回り sotomawari (1) omgeving; omtrek; periferie; buitenrand; (2) [meetk.] buitenomtrek; circumferentie; perimeter; [円の] cirkelomtrek; (3) [spoorw.] buitenspoor; [verkeers.] buitenbaan; buitenring; (4) buitendienst; velddienst; dienst buiten het kantoor
外縁 gaien (1) buitenrand; zelfkant; buitenkant; buitenzijde; buitenzoom; (2) omtrek; omgeving; periferie
外郭 gaikaku (1) buitengebied; omgeving; mantel; contour; omtrek; omlijning; (2) buitenmuur; ringmuur; stadsmuur; buitenvest; buitenste slotmuur; kasteelmuur; buitenste omwalling; buitenste wal
環境 kankyō (1) omgeving; milieu; sfeer; atmosfeer; (2) omstandigheid
辺り hotori nabijheid; buurt; omgeving
辺り watari (1) omgeving; buurt; nabijheid; (2) [euf.] een niet nader te noemen persoon; iemand; een; (3) [euf.] plek waar iemand zich bevindt
hen (1) buurt; omgeving; omtrek; wijk; gebied; gewest; omstreek; rondte; nabijheid; (2) omtrent ~ [drukt een benadering uit]; (3) [wisk.] zijde; rib [van meetkundige figuur]
近傍 kinbō (1) buurt; omgeving; nabijheid; (2) [wisk.] omgeving
近郊 kinkō voorsteden; buitenwijken; randgemeenten; randgebied; randwijken; rand; omstreken; buitengebied; buitenkant; omgeving; periferie
近隣 kinrin buurt; omgeving; nabijheid; omtrek
雰囲気 fun'iki sfeer; stemming; geest; atmosfeer; [fig.] klimaat; ambiance; omgeving; milieu
Resultaten van japansnederlandswoordenboek.org   
Tijd: 2.19 sec. jiten.nl: 7 treffers, warandict: 24 treffers (zoekopdracht: 'omgeving'). 
2005-2026